Geschiedenis van de Salomonseilanden

Jules Dumont d'Urville bezoekt Vanikoro, 1833

De geschiedenis van de Salomonseilanden loopt van de aankomst van de eerste mensen in de archipel tot de huidige monarchie der Salomonseilanden.

Vroege geschiedenis

Gebaseerd op archeologisch bewijs gevonden in de Kilu-grot op het eiland Buka in de Autonome Regio Bougainville, Papoea-Nieuw-Guinea werden de Salomonseilanden tijdens het Pleistoceen (c. 30.000-28.000 v.Chr.) voor het eerst bewoond, door mensen afkomstig van de Bismarckarchipel en Nieuw-Guinea. In die tijd was de zeespiegel lager en waren Buka en Bougainville fysiek verbonden met de zuidelijke Salomonseilanden tot één landmassa ("Groot-Bougainville"). Het is onduidelijk hoe ver naar het zuiden deze vroege kolonisten zich precies verspreidden, aangezien er geen andere archeologische vindplaatsen uit deze periode zijn gevonden. Toen de zeespiegel steeg na het einde van de laatste ijstijd (c. 4000-3500 v.Chr.) splitste de landmassa Groot-Bougainville zich op in de huidige talrijke eilanden. Bewijs van latere menselijke nederzettingen daterend van c. 4500-2500 v.Chr. zijn vondsten In de Poha-grot en de Vatuluma Posovi-grot op Guadalcanal. De etnische identiteit van deze vroege volkeren is onduidelijk, hoewel men denkt dat de sprekers van de talen van de Centrale Salomonseilanden (een op zichzelf staande taalfamilie die geen verwantschap vertoont met andere talen die op de Salomonseilanden worden gesproken) waarschijnlijk de nakomelingen zijn van deze vroegere kolonisten.

Vanaf c. 1200-800 v.Chr. begonnen Austronesische Lapitavolken, met hun karakteristieke aardewerk, aan te komen vanuit de Bismarckeilanden. Bewijs voor hun aanwezigheid is gevonden in de hele archipel, evenals op de Santa Cruzeilanden in het zuidoosten, waarbij verschillende eilanden op verschillende tijdstippen werden bewoond. Taalkundig en genetisch bewijs suggereert dat de Lapita-volken de reeds bewoonde hoofdeilanden van de Salomonseilanden oversloegen en zich eerst vestigden op de Santa Cruzeilanden, waarna latere migraties hun cultuur naar de hoofdgroep brachten. Deze volkeren vermengden zich met de oorspronkelijke bewoners van de Salomonseilanden en na verloop van tijd werden hun talen dominant. De meeste van de 60-70 talen die er gesproken worden behoren tot de Oceanische tak van de Austronesische taalfamilie. Toen, net als nu, bestonden gemeenschappen over het algemeen uit kleine dorpen waar men aan zelfvoorzienende landbouw deed, hoewel er uitgebreide handelsnetwerken tussen de eilanden bestonden. Op de eilanden zijn talrijke oude begraafplaatsen en andere bewijzen van permanente nederzettingen gevonden uit de periode 1000-1500 na Christus. Een van de meest prominente voorbeelden is het Roviana-cultuurcomplex, gecentreerd op de eilanden voor de zuidkust van New Georgia, waar in de 13e eeuw een groot aantal megalithische heiligdommen en andere bouwwerken werden gebouwd.

De inwoners van de Salomonseilanden stonden voor de komst van de Europeanen bekend om hun koppensnellen en kannibalisme.

Koloniale periode

In 1568 zette de Spanjaard Álvaro de Mendaña de Neira voet aan wal. Hij vertrok vanuit Peru en was op zoek naar het legendarische Ophir, waar Salomo zijn goud vandaan haalde, en gaf de eilanden daarom hun huidige naam. In augustus 1568 ging hij terug naar Peru. In de 19e eeuw volgden andere Europeanen, vrijwel allen handelaren (waaronder slavenhandelaren) en missionarissen. Een deel van de bevolking heeft blond haar, maar dit kenmerk staat los van de Europese kolonisatie.

Britse Salomonseilanden

Postzegel uit 1939
Zie Britse Salomonseilanden voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Het Britse protectoraat (de Britse Salomonseilanden) dateert van 1893, toen het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Ierland zich de eilanden toe-eigende.

In de Tweede Wereldoorlog, tijdens de Slag om de Salomonseilanden, werd er hevig gevochten op en rond de eilanden, waarbij aan beide zijden vele schepen en vliegtuigen verloren gingen. In juli 1942 landden de Japanners op het eiland Guadalcanal, waarna een bittere strijd van zes maanden met de Verenigde Staten volgde. Meer dan 24.000 soldaten kwamen om en de Japanners moesten zich noordwaarts terugtrekken.

Onafhankelijkheid

Jeremiah Manele, premier sinds 2024

Zelfbestuur kregen de eilanden in 1976, de onafhankelijkheid volgde in 1978. De Salomonseilanden werden een Commonwealth realm. Het staatshoofd werd de Britse koning als zijnde de koning van de Salomonseilanden.

Vanaf 1998 begon een burgeroorlog, waarbij de mensenrechten onder druk stonden. In december 2001 werden parlementsverkiezingen gehouden als onderdeel van een vredesproces. Allan Kemakeza werd de nieuwe premier, hoewel hij kort tevoren op verdenking van verduistering van staatsgelden uit het ambt van regeringschef was gezet. De datum voor inlevering van wapens door de verscheidene milities, oorspronkelijk gepland in 2000, werd meermalen verschoven.

Eind 2001 was het land failliet. De buitenlandse schulden werden niet meer betaald, noch de lonen van de ambtenaren. Sindsdien is het land afhankelijk van buitenlandse ontwikkelingshulp. Veelbesproken waren de donaties van onder andere Taiwan, dat hiervoor in ruil tot 2019 diplomatieke erkenning ontving. daarna volgde voorzichtige politieke toenadering tot de Chinese Volksrepubliek. Door buitenlandse hulp zijn de economische en de veiligheidssituatie aanzienlijk verbeterd. Het toerisme, alhoewel voorbehouden aan avontuurlijke reizigers, begon een steeds grotere economische rol te spelen.

Orkaan Zoe

In december 2002 werden de Salomonseilanden geraakt door het oog van de cycloon Zoe, een tropische storm van de zwaarste categorie met windsnelheden tot 300 km/h. De cycloon veroorzaakte een opstuwing van het zeewater met 5 meter. De getroffen eilanden waren Tikopia, Fatutaka en Anuta waarop in totaal 3000 tot 4000 mensen woonden. Tikopia is het grootste en is 5 kilometer lang. Dit zijn vulkanische eilanden van de Santa Cruzgroep. De Santa Cruzeilanden liggen op 960 kilometer afstand van Honiara en zijn alleen per schip bereikbaar, want er is geen luchthaven. Volgens de berichten waren de verwoestingen enorm, maar de meeste mensen konden zich in veiligheid brengen.

Zeebeving en tsunami 2007

Op 1 april 2007 vond in de buurt van de Salomonseilanden een hevige zeebeving plaats met kracht 8,1 op de schaal van Richter. Het epicentrum lag op zo'n 40 km van het eiland Gizo.

Een uur of twee na de beving trof een tsunami de Salomonseilanden. Een watermassa van enkele meters hoog veroorzaakte grote schade aan diverse plaatsen. Hierbij werden dorpen met de grond gelijk gemaakt en vielen 52 doden. Duizenden mensen werden dakloos.

Aardbeving 2010

In april 2010 vond er op de Salomonseilanden een aardbeving plaats.

Protesten in 2021-2022

In november 2021 waren er wijdverspreide onlusten op de eilanden, waarbij 3 doden vielen.[1] De demonstranten voelden zich achtergesteld door de regering. Ook waren er protesten tegen de toenadering van de eilandengroep tot China. Premier Sogavara had de betrekkingen met Taiwan verbroken, ten gunste van China. In maart 2022 tekende de regering van de Salomonseilanden met de Chinese Volksrepubliek een intentieverklaring over samenwerking op het gebied van openbare veiligheid, o.a. bewapening en training van de politie. Westerse landen vreesden dat dit kon leiden tot militaire samenwerking met China.

Zie de categorie History of the Solomon Islands van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.