Gerard de Lairesse

Gerard de Lairesse
Portret van Gerard de Lairesse door Rembrandt, 1667.
Portret van Gerard de Lairesse door Rembrandt, 1667.
Persoonsgegevens
Geboren gedoopt 11 september 1640
Overleden begraven 21 juli 1711
Opleiding en beroep
Leermeester Bertholet Flemalle, Renier de LairesseBewerken op Wikidata
Beroep schilder, tekenaar en prentmaker
Oriënterende gegevens
Leerling(en) Jan GoereeBewerken op Wikidata
Stijl barokBewerken op Wikidata
Bekende werken Het feestmaal van CleopatraBewerken op Wikidata
RKD-profiel
Dbnl-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Gerard (de) Lairesse (ook Gérard de Lairesse) (Luik, gedoopt 11 september 1640Amsterdam, begraven 21 juli 1711) was een classicistisch kunstschilder en graficus uit de Gouden Eeuw. Hij schilderde voornamelijk historische, allegorische en mythologische scènes, vaak gebaseerd op Ovidius of andere letterkundige werken. In Frankrijk noemde men hem dan ook de "Nederlandse Poussin".

De Lairesse is vooral bekend door zijn plafond- en schoorsteenstukken, en de geleerde boeken Grondlegginge der teekenkonst (1701) en Het groot schilderboeck (1707), die van grote invloed waren op de 18e-eeuwse (behang)schilders, zoals Jacob de Wit. Bekende werken van De Lairesse zijn Allegorie van de vijf zintuigen[1] (1668), De zelfmoord van Dido (1668), Diana en Endymion (circa 1680). [2]

Werk van De Lairesse hangt in het Rijksmuseum en het Amsterdams Historisch Museum; het Louvre in Parijs; de National Gallery of Art in Washington D.C.; de National Portrait Gallery en Tate Gallery in Londen; het Neues Schloss in Bayreuth en vele andere musea. In de winter van 2016/2017 was er een overzichtstentoonstelling van Gerard de Lairesse's werk in het Rijksmuseum Twenthe in Enschede. Er werd ook een internationaal congres over De Lairesse gehouden.[3]

Biografie

Gerard de Lairesse werd geboren in een schildersgeslacht: zijn vader, Reinier de Lairesse, was schilder in Luik en diens schoonvader, Jean Taulier, waren beide schilder. Gerard werd op 11 september 1640 in een kerk in Luik ten doop gehouden door Gerard Douffet, schilder, waarnaar hij vernoemd was. Douffet was ook in de leer geweest bij Jean Taulier.[4]

Zijn eerste opleiding kreeg hij, evenals zijn drie broers, bij zijn vader, de schilder Reinier de Lairesse. Vanaf 1655 volgde hij lessen bij de Luikse schilder Bertholet Flémal, wiens classicistische stijl grote invloed had op de jonge De Lairesse. Toen zijn oudste broer van een studiereis terugkeerde uit Italië, bracht deze het boek van Cesare Ripa mee. Gerard oefende elke dag en had met zijn tekeningen al succes op school. Zijn eerste opdrachten kreeg hij in Keulen van keurvorst Maximiliaan Hendrik van Beieren, die tevens prins-bisschop van Luik was. In 1664 vluchtte hij naar Maastricht, na een vechtpartij met twee zussen, waarvan hij aan één een trouwbelofte had gedaan, maar die hij verbrak. Hij liep een snee in zijn kaak op en zat vervolgens de vrouwen achterna met zijn degen. Door dat schandaal moest hij vluchten. [5] [6]

Onderweg, in Navagne bij Maastricht, trouwde hij met zijn nicht Maria Salme en ging daarna naar Utrecht. Samen kregen zij 3 zoons, waarvan 2 schilder werden, en één dochter. Alle kinderen werden gereformeerd gedoopt.

In 1665 werd hij als schilder aangenomen bij Gerrit Uylenburgh en betrok hij een huis op de Nieuwmarkt in Amsterdam. Ook werden hij en zijn vrouw lid van de Waalse kerk. De Lairesse gaf veel om uiterlijk vertoon en onthaalde zijn vrienden altijd royaal. Een kunstbiograaf laat zich zelfs negatief uit over zijn losbandige leven. Vanaf 1676 werden de wekelijkse vergaderingen van gezelschap van intellectuelen: vereniging Nil Volentibus Arduum in het huis van De Lairesse gehouden. In 1684 huurde De Lairesse een huis aan de Oudezijds Achterburgwal. In 1690 werd De Lairesse, vanwege een aangeboren afwijking syfilis, blind. Omstreeks 1700 verhuisde hij naar de Prinsengracht (tussen Spiegelgracht en Weteringstraat), waar hij in 1711 overleed; zijn vrouw Marie overleed in 1723 in de Zandstraat in de woning van haar zoon Abraham.

Schilder

Plafondschildering afkomstig uit Herengracht 539, nu in het Metropolitan Museum of Art, New York.

Nadat zijn schilderstalent was ontdekt door Gerrit van Uylenburgh, verhuisde hij in 1665 naar Amsterdam als gevolg van een sentimenteel drama.[7] Bij zijn eerste bezoek aan het atelier van de kunsthandelaar op de Lauriergracht, was iedereen zichtbaar onder de indruk van zijn uiterlijk. De Lairesse sprak nauwelijks Nederlands, haalde een viool tevoorschijn en begon te spelen. Uylenburgh betaalde slecht en na twee maanden begon De Lairesse voor zichzelf.[8] Hij schilderde in deze periode voornamelijk decorstukken voor het theater en maakte illustraties voor het toneelwerk van Andries Pels en voor de kunstverzamelaar Gerrit Reynst. De Lairesse werd gastheer van Nil Volentibus Arduum in zijn huis op de Nieuwmarkt. In 1672 kwam De Lairesse op straat in de problemen vanwege zijn Franstaligheid (Rampjaar!) en werd korte tijd opgesloten onder het stadhuis. Aan het eind van zijn leven woonde de schilder aan de Prinsengracht, tussen de Spiegelgracht en de Weteringstraat.

De Lairesse werd een van de populairste schilders in Nederland in de tweede helft van de 17e eeuw. Veel notabelen stelden prijs op zijn gezelschap en plaatsten opdrachten. Hij hield zich bezig met het schilderen van interieurs in Amsterdamse koopmanshuizen. Tussen 1675 en 1683 decoreerde hij het huis Messina van de textielmagnaat Philips de Flines aan de Herengracht 164 met vijf allegorieën op de kunst, geschilderd in grisaille. In 1687 maakte hij met de landschapsschilder Johannes Glauber vier schilderingen voor het huis van Jacob de Flines (Herengracht 132), nu in het bezit van het Rijksmuseum. Ook de plafonddecoraties van Herengracht 446, bewoond door Andries de Graeff, en Herengracht 539, nu in het Metropolitan Museum of Art en Herengracht 458, een Allegorie op de Vrede van Munster, nu in het Vredespaleis, zijn van zijn hand. Hij leverde plafondstukken voor een zaal in het Binnenhof, die hij in 1688 beschilderde en naar hem is vernoemd, het Paleis van Justitie, Paleis Soestdijk en Paleis 't Loo en maakte enkele portretten o.a. van stadhouder Willem III.

De veelzijdige kunstenaar tekende elke week naar model en illustreerde een belangrijk anatomisch werk van Govert Bidloo, Anatomia Humani Corporis (Ontleding des menschelyken lichaams) (1685). Hij beschilderde de buitendeur van het Theatrum Anatomicum in de Waag met een skelet en het plafond van het Leprozenhuis en de luiken van het orgel in de Westerkerk. De Lairesse was klein van stuk en legde een uitgesproken voorkeur voor gedrongen figuren aan de dag. Hij ried het gebruik van een (bolle) spiegel of waspoppetjes, die in alle standen konden worden opgeprikt, aan om een aanvaardbare voorstelling te creëren.

Toneeldecors

Vanwege de wekelijkse vergaderingen van vereniging Nil Volentibus Arduum in het huis van De Lairesse kwam hij ook in contact met toneel en met de Schouwburg van Van Campen aan de Keizersgracht. Tussen 1678 en 1681 maakte De Lairesse verschillende toneeldecors na de renovatie van laatstgenoemd theater. Beroemd werd de Aloude Hofgalery, die gedurende negentig jaar dienst gedaan heeft. Het decor is, tijdens de brand van 1772, gesneuveld, maar van de decors zijn, ongeveer veertig jaar na het ontstaan, wel prenten gemaakt, o.a. door Willem Writs. Eén decor bestond uit maximaal: een achterdoek, zeven paren zijcoulissen en een aantal bovenschermen. Door combinaties van verschillende decorstukken konden zij in vele toneelstukken worden gebruikt.[9]

Anatomische atlas

Gewassen penseeltekening van een linkerhand met pezen, 1680-1685. Uit Govard Bidloo: Ontleding des menschelyken lichaams.

Tussen 1680 en 1685 produceerde De Lairesse 105 gewassen penseeltekeningen voor de anatomia humani corporis, de anatomische atlas van Govert Bidloo, lector in de ontleedkunde in 's Gravenhage en later lijfarts van stadhouder Willem III. Zij kenden elkaar van intellectuelenvereniging Nil Volentibus Arduum. Deze anatomische atlas werd uitgegeven in het Latijn in 1685 en in 1690 in net Nederlands. In het voorwoord van dat boek wordt De Lairesse gekwalificeerd als dat groote licht der Schildersonzer eeuw.

Het vernieuwende in dit boek was dat er, behalve tekeningen van het beenderstelsel en spierstelsel, tekeningen voorkomen van ingewanden, vetlagen, vaatstelsel, zenuwstelsel, lymfevatenstelsel. Tevens werden vergrotingen van organen weergegeven.[9] In een bespreking van het boek in het Parijse Journal des sçavans werden de illustraties betiteld als: overtreffen in schoonheid en precisie alles wat we tot nu toe hebben gezien. De heer Bidloo heeft ze naar de natuur laten graveren door de heer Layresse, een bekwaam schilder, en ze zijn dan ook volkomen nieuw en niet ontleend aan enig ander anatoom.[9]

Het Groot Schilderboek

De Lairesse leed aan congenitale syfilis waardoor hij op vijftigjarige leeftijd zijn gezichtsvermogen begon te verliezen. Zijn misvormde neus met ingezakte neusrug (zadelneus) door syfilis, is duidelijk zichtbaar op het nietsverhullende portret dat Rembrandt in 1665 van hem schilderde.[10] Nadat hij rond 1690 blind was geworden begon De Lairesse met het geven van colleges aan huis in de Spinhuissteeg. Hij verzamelde een aantal geïnteresseerden en leerlingen om zich heen, die hij tegen betaling een of twee keer per week zijn ideeën onderwees. De dictaten zijn verzameld door een van zijn drie zonen, en vergezeld van gravures. Ze zijn na veel vertraging uiteindelijk uitgegeven in twee delen onder de titel: Het groot schilderboek (Amsterdam 1707, 2e druk in 1712, 1714, 1716, 1740, 1836). Het boek werd vertaald in het Duits in 1728-1729, 1776, en 1784-1819.[11][12] Een Engelse vertaling verscheen in 1738, 1778 en 1817; een Franse in 1787. Omdat het gebruikt werd op alle toonaangevende kunstacademies, en uitgereikt werd als beloning aan eersteprijswinnaars, oefende het boek grote invloed uit op de kunst in de 18e eeuw. Volgens De Lairesse diende de schilderkunst zich te richten op: "... het verbeelden van deftige en stichtlijke zaaken, als fraaije Geschiedenissen en Zinnebeelden, Geestelijk en Moraal, de welke op een deugdzaame en betaamelijke wyze, ieder een tot vermaak en nuttigheid strekkende, moet worden uitgedrukt.

Het Groot Schilderboek bestaat uit dertien boeken: de eerste vijf boeken behandelen achtereenvolgens de techniek, de compositie, de leer van antiek en modern, de kleurenleer en de regels van licht en schaduw. Vervolgens gaat de schrijver over tot de verschillende genres, beginnende met de landschappen. Het zevende boek behandelt de portretten. Het achtste bespreekt de Griekse en Romeinse architectuur in verband met de schilderkunst, terwijl de verdere boeken gewijd zijn aan de plafondschildering, de beeldhouwkunst, het stilleven en het bloemstilleven. Het dertiende en laatste hoofdstuk handelt over de graveerkunst.

Varia

  • Joan Pluimer publiceerde een gedicht: Groot Schilderboek.[13]
  • De Lairesse adviseerde landschapjes op te hangen op ooghoogte, en keukenstukken in de keuken. Schilderijen kunnen het best beoordeeld worden op eenzelfde afstand als de grootte.[14]
  • Hij werd geschetst in een historische novelle van J.A. Alberdingk Thijm, verschenen in 1879.
  • In de Amsterdamse wijk Oud-Zuid is een straat naar hem vernoemd, de De Lairessestraat. Ook in de Eindhovense wijk Tongelre is een straat naar hem vernoemd.
  • Een van de Grafelijke zalen op het Binnenhof in Den Haag is naar hem vernoemd. Het gaat om de civiele raadkamer van het Hof van Holland, heden bekend als de Lairessezaal, waarvoor hij in 1688-1689 een cyclus van zeven schilderingen leverde. Deze doeken, met thema's ontleend aan de geschiedenis van de Romeinse Republiek, vertonen een interessante juridische iconografie.[15]
  • Het herenhuis Keizersgracht 31 hs-a te Amsterdam bevat plafondschilderingen die worden toegeschreven aan Lairesse.

Lijst van werken

Datering Titel Type Verblijfplaats Afbeelding
Ca. 1662 Orpheus en Eurydice Schilderij Museum voor Schone Kunsten, Luik
1668 De vijf zintuigen Schilderij Kelvingrove Art Gallery and Museum, Glasgow
1670 Vijf vrouwelijke studiekoppen Prent Rijksmuseum Amsterdam, Amsterdam
1671 Apollo Helios en Aurora Eos Schilderij Metropolitan Museum of Art, New York
1674 De verdrijving van Heliodorus uit de tempel Schilderij Privéverzameling
1679 Turris Babel Frontispice Turris Babel
Ca. 1680 Selene en Endymion Schilderij Rijksmuseum Amsterdam, Amsterdam
1686 De Koningin van Scheba bezoekt Koning Salamo orgelluik Westerkerk in Amsterdam
1686 De dansende en spelende koning David voor de Ark des verbonds orgelluik Westerkerk in Amsterdam


Zie de categorie Gérard de Lairesse van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.