Ford GT40

GT40 Mk II-voorkant. Deze auto won de 1966 24 uur van Daytona met Ken Miles en Lloyd Ruby achter het stuur, waarmee Ford zijn eerste overwinning in een 24 uursrace binnenhaalde. (Serienummer GT-40 P 1015 Mk. II)

De Ford GT40 is een sportwagen die viermaal achter elkaar winnaar was van de 24 uur van Le Mans, van 1966 tot en met 1969. De auto was gebouwd om langeafstandsraces te winnen van Ferrari, dat Le Mans zesmaal achter elkaar had gewonnen, van 1960 tot 1965.

De GT40 werd genoemd naar de Gran Turismocategorie waarvoor de auto bedoeld was. De eis in deze categorie was een maximale hoogte van 40 inch (1,02 m, gemeten bij het windscherm). Grote Ford V8-motoren (5,0 L en 7,0 L) werden gebruikt, vergeleken met de Ferrari V12-motoren met een inhoud van 3,0 L of 4,0 L.

De eerste auto's werden gewoon "Ford GT" genoemd. De naam GT40 werd geïntroduceerd met de productie van de standaard Mk 1.

In 2005 kwam de supercar Ford GT uit, als een modern eerbetoon aan de GT40. Zoveel mogelijk van diens uiterlijk lijkt als twee druppels water op het wapenfeit van de jaren '60.

Oorsprong

Toen Ford rond 1963 Ferrari kon overnemen omdat laatstgenoemde failliet dreigde te gaan, greep Ford deze kans met beide handen aan. Toen de koop bijna rond was belde Ferrari echter af: ze hadden de interesse vanuit Ford alleen maar nodig gehad om de prijs voor Fiat, de andere koper, op te drijven. Daarom was Ford uit op wraak. Het werd hun wens om het merk met het steigerende paard op het circuit te verslaan, wat geen eenvoudige opgave was. Ferrari had een lange zegereeks op Le Mans met hun bolides en leken ongenaakbaar.

Uiteindelijk kwam men met de Ford GT40 op de proppen. De eerste prototypes van deze wagen waren verbouwingen van Lola-wagens uit Engeland. Deze waren bekend vanwege hun werkzaamheden met Aston Martin op het circuit, en er werden de nodige successen mee behaald, onder andere winst gedurende de Daytona 2000km in February 1965. Een maand later was het weer raak in Sebring met de 12-uurs race. Tijdens de Le Mans van 1965 ging er helaas van alles mis, en het beoogde resultaat bleef uit. Dit kwam doordat de eerste generatie GT40 zeer hoogtoerige motoren had, wat de betrouwbaarheid hinderde. De 24 uur van Le Mans is altijd een lastige opgave voor elke auto.

In 1966 moest Ford met iets beters komen. Ze besloten een team te vormen en dit team aan de geplande auto te laten werken. Daarbij kwam Fords standaard V8-motor met een aantal kleine aanpassingen in de auto. Deze bleken betrouwbaarder dan de racemotor. In 1966 kon de GT40 allerlei snelheidsrecords aaneen rijgen en won opnieuw Daytona en Sebring. Het mooiste kwam in Juli. Eindelijk versloeg men Ferrari op Le Mans, en vervolgens 4 jaar op rij. Gelijk werden ook de tweede of derde plek aan een GT40 toegekend in 1966. Ze bleken oppermachtig, zeker qua topsnelheid. En met topcoureurs als Ken Miles, Chris Amon en Bruce McLaren hadden ze een uiterst sterke line-up.

Gevolg(en)

In 1996, toen de GT40 30 jaar bestond, bracht Ford een model uit, de GT90, ter ere van voorgenoemde. Het bleef echter bij een conceptauto. In 2006, toen de GT40 40 jaar bestond, bracht Ford toepasselijk de GT uit. Men mocht hem niet GT40 noemen, wat men wel eerst van plan was, omdat dit al een geregistreerde handelsnaam was op naam van een Arabische handelaar. De wagen had echter veel weg van zijn illustere voorganger: het design was bijna helemaal gekopieerd met een moderne lay-out. En hoewel de auto een paar centimeter hoger was, viel hij zeer in de smaak. Hij zou in een kleine serie gebouwd worden en geschonken worden aan mensen die echt een passie voor auto's hebben, waaronder Jeremy Clarkson, die hem later verkocht door allerlei mankementen.

Zie de categorie Ford GT40 van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.