Esther van West

Esther van West
Esther Teeboom-van West (foto uit Algemeen Handelsblad en De Tribune juni 1935)
Esther Teeboom-van West (foto uit Algemeen Handelsblad en De Tribune juni 1935)
Algemeen
Geboortedatum 30 april 1904
Geboorteplaats Amsterdam
Overlijdensdatum 29 november 1986
Overlijdensplaats Bussum
Land Vlag van Nederland Nederland
Partij CPN
Functies
1935–1940,
1945–1964
Gemeenteraadslid van Amsterdam
1946–1964 Lid van de Provinciale Staten van Noord-Holland
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Esther van West (Amsterdam, 30 april 1904Bussum, 29 november 1986) was een Nederlands politica voor de Communistische Partij van Nederland (CPN).

Achtergrond

Ze was dochter van Betje Schaap en Jacob West. Ze was sinds 1923 getrouwd met Jacob Teeboom, die in 1943 in Sobibór werd omgebracht. Het echtpaar kreeg twee kinderen, die net als hun moeder de holocaust overleefden. In 1958 hertrouwde ze met Joseph Herman Muller.[1] Esther van West was mantel- en kledingnaaister van beroep.

Politiek

In 1933 werd ze lid van de CPN, ze wilde strijden tegen het oprukkende fascisme. Op 3 september 1935 werd ze geïnstalleerd als gemeenteraadslid van Amsterdam voor de fractie van die partij, ze had op de verkiezingslijst zevende gestaan. In die hoedanigheid was ze actief in commissies, bijvoorbeeld die correspondentie met burgers moest voeren en de commissie Openbare gezondheid en Ziekenhuiswezen. Hierin legde ze grote sociale bevlogenheid aan het licht. Ze botste daarom nog wel eens met leden van andere partijen. In 1937 stond ze op de kandidatenlijst van de CPN bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Ze was actief bij protesten tegen de Spaanse Burgeroorlog en bij inzamelingen voor de Spaanse bevolking, die tegen Francisco Franco streed. Op 30 juli 1940 werd ze op last van de Duitse bezetter uit de gemeenteraad gezet, dan wel verstoten. Ze dook daarop onder in Arnhem en overleefde de Tweede Wereldoorlog. In die jaren schreef ze wel vanuit Arnhem voor de Gelderse editie van verzetskrant De Waarheid. Ook was ze betrokken bij de organisatie van illegale 1 mei-vieringen. Na die periode kwam ze terug in de raad, zat bijvoorbeeld in de noodraad. Ze zou tot 1964 aan de partij gelieerd blijven en zich inspannen voor daklozenopvang; ze was in de jaren vijftig al leidster van het Amsterdamse Adviesbureau voor de Werkende bevolking. Ze was in die jaren ook lid van de Provinciale Staten van Noord-Holland. Daarna bleef ze nog een aantal jaren actief aan de zijlijn.

Teeboom-van West werd 82 jaar en overleed te Bussum, alwaar ze februari 1986 woonde in een joods bejaardentehuis. Ze gaf toen aan dat ongelovig was, maar zich thuis voelde binnen de joodse gemeenschap. Ze was een draagster van het Verzetsherdenkingskruis net als haar dochter (koerierster van De Waarheid) en zoon. Ze werd begraven op de Algemene begraafplaats van Bussum. Haar bericht van overlijden ondertekend door kinderen en kleinkinderen bevat een citaat uit het werk van Mies Bouhuys:

Nacht, schenk een zwarte vrede mij
het licht is lang vergaan
en alles is voorbij, voorbij
laat mij nu slapen gaan

Herdenking

In najaar 2025 kwam er vanuit de gemeente Amsterdam een oproep aan haar nabestaanden om zich te melden of gegevens te delen voor een te houden herdenking van het ontslag van raadsleden. Bij die herdenking op 30 november 2025 zouden burgemeester Femke Halsema, Lian Heinhuis, Danielle Sajet (dochter Ben Sajet), Arnon Grunberg en Itay Garmy spreken.[2][3]

Zie de categorie Esther Teeboom-van West van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.