Donzige melkzwam
| Donzige melkzwam | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||
| Lactarius pubescens (Fr.) Fr. (1838) | ||||||||||||||
| Synoniemen | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||||
| Donzige melkzwam op | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
De donzige melkzwam (Lactarius pubescens) is een schimmel behorend tot de familie Russulaceae. Hij komt voor in loofbos op zandrijke gronden. De paddenstoel is niet eetbaar. De zwam vormt ectomycorrhiza met uitsluitend berken.
Kenmerken
Uiterlijke kenmerken
- Hoed
De hoed heeft een diameter van 5 tot 15 cm en is witachtig - bleekrose van kleur. De rand is bij jonge exemplaren stomp en ingerold en wollig behaard. Later is de vorm meer uitgespreid met een verdiept centrum, de beharing kan geheel verdwijnen.
- Lamellen
De lamellen staan dicht opeen, aangehecht of kort langs de steel aflopend. Ze zijn wittig tot bleek vleeskleurig.
- Steel
De steel is meestal iets korter dan de diameter van de hoed en heeft een lengte van 5 tot 11 cm. De dikte is 10 tot 22 mm. De kleur is ongeveer gelijk aan de hoed.
- Sporenprint
De sporenprint is wit tot bleek crème.
Microscopische kenmerken
De sporen zijn eivormig, hyaliene, met een fijn wrattig-netvormig oppervlak, zonder kiemporie, amyloïd en meten 6,5–8,5 × 5,5–6,5 μm.
De pleurocystiden zijn 30–60 µm lang en 6,5–10 µm breed en komen verspreid voor op de lamelvlakken. Ze zijn smal-knotsvormig tot spoelvormig; de top is vaak kralensnoervormig ingesnoerd of draagt een klein aanhangseltje. De lamelsnedes zijn heterogeen: naast de basidiën vindt men talrijke cheilocystiden van 30–60 µm lang en 5–8,5 µm breed. Deze zijn knotsvormig, kronkelig tot spoelvormig en hebben vaak een opgezette top of zijn aan de bovenzijde kralensnoervormig ingesnoerd.
De pileipellis (hoedhuid) is een ixocutis, opgebouwd uit parallel liggende, 3–8 µm brede en dicht verstrengelde hyfen die ingebed zijn in een slijmlaag tot 30 µm dik.
Verspreiding
De soort komt voor in Noord-Amerika (VS), Groenland, Noord-Afrika (Marokko) en Europa. Er zijn ook vondsten bekend uit Australië en Nieuw-Zeeland. In Europa is de melkzwam wijdverbreid in geheel West-, Noord- en Noordoost-Europa. Alleen uit Litouwen zijn geen gegevens bekend. In Zuid- en Zuidoost-Europa lijkt de soort wat zeldzamer te zijn.
In Nederland en Vlaanderen komt de paddenstoel in de herfstmaanden algemeen voor.
Foto's
Ruige hoedrand
Hoed
Steel
- Dam, N. & T.W. Kuyper, 2013 (6e druk 2020). Veldgids Paddenstoelen I. KNNV Uitgeverij, Zeist. p. 251
- Info op NMV Verspreidingsatlas Paddenstoelen
- Info op Flora Europa
