Devlet II Giray

Devlet II Giray
Devlet II Giray tijdens de Proetcampagne in 1711, illustratie door William Hogarth.
Devlet II Giray tijdens de Proetcampagne in 1711, illustratie door William Hogarth.
Khan van het Kanaat van de Krim
Regeerperiode 1699 - 1702
Voorganger Selim I Giray
Opvolger Selim I Giray
Khan van het Kanaat van de Krim
Regeerperiode 1709 - 1713
Voorganger Qaplan I Giray
Opvolger Qaplan I Giray
Huis Giray
Vader Selim I Giray
Geboren 1648
Gestorven 1718
Tekirdağ (Ottomaanse Rijk)

Devlet II Giray (1648Tekirdağ, 1718) was tweemaal khan van het Kanaat van de Krim. Hij vervulde de functie tussen 1699 en 1702 en tussen 1709 en 1713.

Biografie

De vader van Devlet Giray was khan Selim I Giray en hij abdiceerde in 1691 nadat zijn zoon Azamat was gesneuveld in de strijd tegen de Oostenrijkers. De sultan van het Ottomaanse Rijk wilde dat Selims oudste zoon Devlet hem op zou volgen, maar Selim achtte hem nog te jong en schoof zijn neef Saadat III Giray naar voren. Saadat wist zich impopulair te maken bij zijn troepen die vervolgens riepen om zijn afzetting. Hij werd opgevolgd door Safa Giray en ook deze moest naar enkele maanden de post verlaten waarop Selim I terugkeerde als khan.[1]

Eerste periode

Selim I trad voor een tweede keer af in 1699, omdat hij te ziek was om verder te regeren. Devlet II volgde hem en benoemde twee van zijn broers op hoge posities. Zijn broer Sehbaz weigerde orders van Devlet II aan te nemen en de oudere broer Seadet was van mening dat hij de meerdere van Sehbaz had moeten zijn. Dit complot kwam aan het licht waarop een burgeroorlog tussen de Tataren uitbrak. Devlet II wist de burgeroorlog nog in 1699 te beëindigen.[2]

Vervolgens kwam de Nogai tegen hem in opstand en Devlet wist ze van hun landen te verdrijven door de Kleine Nogai Horde uit Circassië uit te nodigen om de Nogais uit het kanaat te verdrijven. Deze kwamen uiteindelijk in Moldavië terecht. Daarnaast werd er druk uitgeoefend op Devlet om zijn halfbroer Qaplan tot nureddin, tweede plaatsvervanger van de khan, te verheffen. Devlet II weigerde dit omdat hij vermoedde dat Qaplan een aanstichter was van de opstand van de Nogai. Qaplan wist te ontkomen naar Istanbul.[3]

Vanwege de voortdurende dreiging van het Tsaardom Rusland vanuit Azov en Taganrog wilde Devlet II de Russen aanvallen. Hij vroeg om formele toestemming van de Ottomaanse sultan, omdat een aanval op Rusland de wapenstilstand verbrak zoals deze was vastgelegd in het Verdrag van Constantinopel. De sultan koos ervoor om Devlet II af te zetten en de inmiddels invalide Selim I weer aan te stellen.[3]

Ballingschap

Devlet II liet zich niet neerleggen bij deze beslissing en wakkerde een nieuwe opstand van de Nogai aan. Uiteindelijk was Devlet II genoodzaakt om naar Circassië te vluchten. Hij vroeg vervolgens om vergiffenis van Selim I en keerde eerst terug naar Balaklava en reisde vervolgens door naar Istanbul. Van daaruit werd hij als banneling naar Rhodos gestuurd.[4]

In 1704 overleed Selim I en na zijn dood begon de destabilisering van het kanaat. Selim werd opgevolgd door Devlet's broer Gazi III Giray. Al na drie jaar werd hij opgevolgd door Qaplan en in januari 1709 werd hij op zijn beurt afgezet door sultan Ahmet III en kon Devlet II uit ballingschap terugkeren als opvolger van Qaplan.[5]

Tweede periode

Na zeven jaar in ballingschap te hebben geleefd kon Devlet II deelnemen aan een nieuwe oorlog die met Rusland was uitgebroken. In de lente van 1709 begon hij met onderhandelingen te voeren met Karel XII van Zweden. Een mogelijk verbond tussen de twee werd gedwarsboomd door de sultan.[6] Een jaar later wist hij de sultan, via Karel XII, ervan te overtuigen om de oorlog aan de Russen te verklaren. Het leger van Devlet II was betrokken bij de acties bij Stănilești, waar het leger van Peter I van Rusland ingesloten raakte. Deze overwinning werd door contemporaine commentators vooral toegeschreven aan Devlet II vanwege zijn succesvolle lobby.[5]

Devlet werd vervolgens uitgesloten van de onderhandelingen met de Russen en hem werd verstaan gegeven dat hij zich alleen diende bezige te houden met "zaken voor de Tataren".[7] Devlet II complotteerde wel vervolgens met de Polen om Karel XII aan diens vijand August II van Polen uit te leveren.[8] Hij kreeg vervolgens de goedkeuring van Ahmet III om de koning te doden als hij zich zou verzetten tegen deportatie. Dit leidde uiteindelijk tot het Gevecht bij Bender (ook bekend als de Kalabalik). De uitgehongerde Zweedse soldaten vielen na achttien dagen van blokkade de Tataren aan. Het gecht resulteerde in de overgave van Karel XII en vijftien officieren en Karel XII werd overgebracht naar Edirne vanuit daar naar Zweden te reizen.[9]

Vanwege de rol die Devlet had gespeeld bij de Kalabalik, die door sultan Ahmet III werd gezien als een gênante provocatie, werd Devlet II in 1713 voor de tweede keer afgezet. Hij werd opgevolgd door zijn broer Qaplan.[10]