Dömitz
| Stad in Duitsland | |||
|---|---|---|---|
![]() | |||
![]() | |||
| Situering | |||
| Deelstaat | |||
| Landkreis | Ludwigslust-Parchim | ||
| Amt | Dömitz-Malliß | ||
| Coördinaten | 53° 7′ NB, 11° 15′ OL | ||
| Algemeen | |||
| Oppervlakte | 60,57 km² | ||
| Inwoners (31-12-2020[1]) |
2.990 (49 inw./km²) | ||
| Hoogte | 15 m | ||
| Burgemeester | Christian Lochow (CDU) | ||
| Overig | |||
| Postcode | 19303 | ||
| Netnummer | 038758 | ||
| Kenteken | LWL | ||
| Gemeentenr. | 13 0 76 034 | ||
| Website | Officiële website | ||
| Locatie van Dömitz in Ludwigslust-Parchim | |||
![]() | |||
| Foto's | |||
| Stadhuis van Dömitz (bouwjaar 1820) | |||
| |||
Dömitz is een gemeente in de Duitse deelstaat Mecklenburg-Voor-Pommeren, en maakt deel uit van de Landkreis Ludwigslust-Parchim. Dömitz telde, op de peildatum van de meest recente statistiek, 2.990 inwoners.[1]
Het stadje kent, vanwege de voormalige status van grensplaats, een bewogen geschiedenis.
Indeling gemeente
De gemeente bestaat, conform artikel 2 van haar (voor het laatst in 2024 gewijzigde) hoofdgemeenteverordening (Hauptsatzung), uit de volgende zes Ortsteile:
- De stad Dömitz
- Heidhof, sinds 13-6-2004; 5 km ten noordwesten van het stadje Dömitz
- Klein Schmölen, sinds 1-7-1950, direct ten oosten van het stadje Dömitz
- Groß Schmölen, sinds 1-9-1973, 2 km ten oosten van Klein Schmölen
- Polz, sinds 13-6-2004, 2 km ten oosten van Groß Schmölen
- Wendisch Wehningen, sinds 1938 geheten: Rüterberg, sinds 13-6-2004; 5 km ten westen van het stadje Dömitz.
Ligging en infrastructuur
De stad ligt aan de Elbe, grotendeels in een internationaal erkend natuurbeschermingsgebied (UNESCO-Biosphärenreservat Flusslandschaft Elbe-Mecklenburg-Vorpommern), op de grens tussen de deelstaten Mecklenburg-Voor-Pommeren en aan de overkant van de Elbe Nedersaksen. Tegenover de gemeente liggen, in Nedersaksen, plaatsjes, die behoren tot de Samtgemeinde Elbtalaue, waaronder Langendorf. Enkele kilometers verder in west-zuidwestelijke richting ligt het stadje Dannenberg (Elbe).
Door Dömitz loopt de west-oost (Boizenburg/Elbe- Wittenberge) langs de Elbe lopende Bundesstraße 195. Deze kruist enkele kilometers ten westen van het stadje de Bundesstraße 191, die zuidwestwaarts over de Elbebrug naar Dannenberg, en noordoostwaarts naar Ludwigslust loopt.
Dömitz is sedert het jaar 2000 niet meer per trein bereikbaar. Streekbusverbindingen bestaan met o.a. Wittenberge.
Dömitz heeft een vrij grote jachthaven aan de Elde, die hier, evenals de kleinere Löcknitz, in de Elbe uitmondt.
Economie
Voornaamste bron van inkomsten is het toerisme. Een fabriek, die in 2005 werd opgericht en anno 2024 65 medewerkers in dienst had, produceert stalen bouwelementen, o.a. trappenhuizen en brugdelen. Daarnaast zijn er opvallend veel grote supermarkten in Dömitz gevestigd.
Geschiedenis
Zie ook: Slag bij Dömitz; Duits-Duitse grens; Aktion Ungeziefer.
Dömitz op een Merian-prent van omstreeks 1650
Vesting Dömitz, plattegrond uit 1720
Vestingmuur te Dömitz
Luchtfoto (2021) van de vesting
Overblijfsel van de spoorbrug Dannenberg-Dömitz. Dömitz ligt links op de foto.- Grenshek tussen Dömitz (DDR) en de Elbe (BRD), 1989
Gedenklocatie Duits-Duitse grens bij Rüterberg
Voormalig station[2]
Dömitz, waarvan de plaatsnaam van Slavische oorsprong is, ontstond als handelsnederzetting in de 12e of 13e eeuw. Het behoorde tot het Graafschap Dannenberg, dat er tol hief voor de op de Elbe varende schepen; er was ook een tolburcht. Dömitz verkreeg van de graven van Dannenberg stadsrechten in of vóór 1259. In 1376 verkreeg Mecklenburg de heerschappij over dit gebied. Een invloedrijk Mecklenburgs krijgsheer, Heinrich von Bülow bijgenaamd Grotekop, verkreeg in 1391 het gebied in pacht.
Ruim een kilometer ten west-noordwesten van het stadje, op de plaats van de voormalige burcht, ligt sinds 1565 een vijfhoekige vesting met verscheidene bastions. Het verdedigingswerk was aangelegd in opdracht van hertog Johan Albrecht I van Mecklenburg-Güstrow.
Tijdens de 30-Jarige Oorlog 1618-1648, in 1635, werd het stadje tijdens de Slag bij Dömitz geheel afgebrand. Na deze oorlog werd de vesting gemoderniseerd, en halverwege de 18e eeuw nogmaals. In 1809 vonden er tijdens de Napoleontische oorlogen zware gevechten om de vesting Dömitz plaats. Troepen van krijgsheer Ferdinand von Schill namen haar in mei 1809 in, maar werden korte tijd later door Franse en Hollandse troepen weer verdreven. Daarbij werd het stadje Dömitz vrijwel geheel door brand verwoest. Van 1838 tot 1840 zat de politiek toen als dissident beschouwde schrijver Fritz Reuter hier de laatste twee jaar van zijn vestingstraf uit. De vesting werd in 1894 buiten gebruik gesteld.
In 1873 werd, in een spoorlijn tussen Dömitz en Dannenberg, een spoorbrug over de Elbe gebouwd. Dömitz had tot aan 2000, respectievelijk 1970 nog spoorverbindingen met Ludwigslust en Wittenberge.
In 1888 werd het stadje gedeeltelijk verwoest door een grote overstroming van de Elbe.
Van 1892 tot aan de Eerste Wereldoorlog was te Dömitz een grote fabriek van springstoffen gevestigd; er werd o.a. nitroglycerine en TNT geproduceerd. De fabriek heeft vanaf circa 1905 behoord tot het dynamiet-concern van Alfred Nobel. In de eerste helft van de 20e eeuw was de rivierhaven van Dömitz relatief belangrijk, en het stadje beleefde een korte economische bloeiperiode. In de nazi-periode (1933-1945) werd de voormalige explosievenfabriek omgevormd tot dwangarbeiderskampen; er was o.a. een buitencommando, een vrouwenkamp, van concentratiekamp Neuengamme gevestigd. Honderden hier tewerkgestelden, die er onder andere TNT moesten maken, overleefden de onmenselijke behandeling en werkomstandigheden niet.
Op 20 april 1945, aan het eind van de Tweede Wereldoorlog, werden bij het geallieerde offensief de belangrijke verkeers- en spoorbrug over de Elbe opgeblazen. De verkeersbrug werd in 1992 hersteld, de spoorbrug niet meer. Vanaf de ruïne, aan de overkant van de rivier (bij Langendorf, in de Samtgemeinde Elbtalaue ), heeft men een goed uitzicht op het stadje Dömitz.
Van 1949 tot 1990 lag Dömitz in de DDR. Het lag aan de grens met de Bondsrepubliek Duitsland, die door de Elbe liep. De grenssituatie verhinderde de heropleving van de vooroorlogse handel en industrie.
Enige later bij Dömitz gevoegde dorpen lagen in een zogenaamde Sperrzone, een extra bewaakt gebied met, ook voor de bewoners ervan, strikte beperkingen van de bewegingsvrijheid en de toegang in het algemeen. Met name Rüterberg, dat vanaf 1961 geheel in deze Sperrzone lag, was vanaf 1967[3] zeer moeilijk toegankelijk; voor het bezoeken of verlaten van dit dorp waren speciale reisdocumenten vereist. Eén dag vóór de Val van de Muur, in november 1989, riep een inwoner van Rüterberg nog, na een volksbijeenkomst naar middeleeuws Zwitsers model, als min of meer ludiek protest tegen het DDR-regime, een onafhankelijke dorpsrepubliek uit, compleet met eigen vlag en wapen.
Elders in de gemeente is het voorgekomen, dat huizen en boerderijen voor een "veiliger grensverloop" moesten wijken. Enkele bewoners werden in het kader van de Aktion Ungeziefer , gedwongen, naar een plek in de DDR te verhuizen, die verder van de grens vandaan lag; men vreesde, dat deze mensen niet streng genoeg waren in de communistische leer, naar het Westen zouden kunnen vluchten of anderen tot zo'n Republikflucht in de gelegenheid zouden stellen. Een oude grindgroeve direct ten oosten van Rüterberg met baksteenfabriek werd ook gesloopt. De voormalige grindgroeve is na 1990 met rust gelaten en er heeft zich een klein, weelderig bos ontwikkeld, met een klein meertje in de voormalige grindgroeve.
Bezienswaardigheden
- Dömitz leent zich voor excursies per plezierboot over de Elbe en haar zijrivieren, en naar het meer Müritz. Wel dient men rekening te houden met beperkingen voor het varen met motorboten vanwege regels voor natuurbescherming en, op de Elbe zelf, voorrangsregels voor de beroepsscheepvaart.
- De voormalige vestingwerken van Dömitz zijn voor een groot deel bewaard gebleven en kunnen worden bezichtigd. Sedert 1953 huisvest het commandantshuis het plaatselijke museum. Ook een bezoekerscentrum van het biosfeerreservaat is in de vesting gelegen.
- Hetzelfde geldt voor talrijke overblijfselen van de Duits-Duitse grens (1949-1990).
- In het centrum staat de neogotische Johanneskerk (bouwjaar 1872), en verder enige schilderachtige vakwerkhuizen.
Afbeeldingen
De Elbe ter hoogte van Rüterberg
Brug over de Elbe in de B191 bij Dömitz
Sluis in het Müritz-Elde-kanaal bij Dömitz
Jachthaven van Dömitz
De 19e-eeuwse, neogotische Johanneskerk
Vakwerkhuis in het centrum (1)
Vakwerkhuis in het centrum (2)
Museumgebouw (commandantshuis) in de vesting
Rooms-katholieke Mariakerk (in 2025 aan de eredienst onttrokken)
De Löcknitz nabij Polz- Het binnenduin bij Klein Schmölen (natuurreservaat)
Externe link
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Dömitz op de Duitstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- 1 2 (de) Statistisches Amt M-V – Bevölkerungsstand der Kreise, Ämter und Gemeinden 2020 (XLS-bestand) (inwonersaantallen op basis van de census 2011)
- ↑ De door brand en vandalisme deels verwoeste gebouwen zijn in 2021 aangekocht door de gemeente, en van de monumentenlijst verwijderd. Het is de bedoeling, de ruïne te slopen en er woningen te bouwen.
- ↑ In 1966 was er ter hoogte van Dömitz een grensincident op de Elbe geweest tussen schepen van het Oost-Duitse leger en van de Britse bezettingsmacht voor West-Duitsland. Kwestie was: lag de zonegrens op de zuidoever van de Elbe, of, zoals de DDR-regering meende, middenin de rivier? Het bleef bij spierballenvertoon, doden of gewonden vielen er niet. Naar aanleiding van dit incident breidden de DDR-autoriteiten de grenszone langs de Elbe verder uit.


