Corrie van Asch van Wijck

Corrie van Asch van Wijck
Persoonsgegevens
Volledige naam Cornelia Maria van Asch van Wijck
Geboortedatum 20 januari 1890
Geboorteplaats Utrecht
Overlijdensdatum 19 november 1971
Overlijdensplaats Utrecht
Geboorteland Vlag van Nederland Nederland
Opleiding en beroep
Beroep schrijfster, christenfeministe
Erkenning en lidmaatschap
Archief­locatie Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis[1]Bewerken op Wikidata
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Cornelia Maria van Asch van Wijck (Utrecht, 15 mei 1890) – aldaar, 19 november 1971) was een Nederlandse christenfeministe die zich sterk maakte voor de positie van vrouwen in de kerk.

‘Freule’ Cornelia was dochter van rechter en anti-revolutionair politicus Maurits van Asch van Wijck (1850-1910) en Henrietta Johanna Royaards (1855-1932). Komend uit de adellijke, protestants-christelijke familie Van Asch van Wijck ging ze naar de Zwitserse kostschool van Mademoiselle Bréting in de omgeving van Genève. De nadruk die daar werd gelegd op sociale verantwoordelijkheid en christelijke moraal bepaalde haar levenshouding. Zo werden in de lessen Bijbelstudie de maatschappelijke wantoestanden in de samenleving besproken en de maatschappelijke verantwoordelijkheden van het christelijk individu. In haar kostschooljaren maakte ze kennis met de internationale World Young Women Christian Association (YWCA) en ging ze met vriendinnen naar internationale conferenties van christelijke studentenorganisaties. Terug in Nederland sloot ze zich aan bij de protestantse Vereeniging ter Behartiging van de Belangen der Jonge Meisjes, de ‘Union’. In 1910 werd ze financieel onafhankelijk door de grote nalatenschap van haar vader.

Internationaal

Om de krachten van diverse christelijke vrouwenorganisaties te bundelen was ze in 1920 met Mary Barger en Willie van Doorn-Snijders oprichtster van de Christen Jonge Vrouwen Federatie (CJVF), de Nederlandse afdeling van de Young Women Christian Association (YWCA). In 1930 sloot ze zich aan bij de Nederlandse-hervormde kerk, waarvan ze in de vijftiger jaren voorzitster van de landelijke vrouwenafdeling was. Als voorzitster van de internationale YWCA reisde ze in 1932 en 1933 naar China en Japan, waar ook YWCA’s werden opgericht. Na haar herverkiezing in 1934 verhuisde ze van Utrecht naar in Genève, waar het hoofdbestuur gevestigd was. Daar leerde ze de Nederlands-hervormde theoloog Wim Visser ’t Hooft kennen, de secretaris van de World Alliance of Young Men’s Christian Associations (World YMCA). In 1937 bezochten ze samen de Londense conferentie over de vorming van een oecumenische Wereldraad van Kerken. Het zou pas in 1948 leiden tot de oprichting van de Wereldraad van Kerken in Amsterdam. Na de oorlog was Cornelia van Asch van Wijck vanuit haar huis in Zeist betrokken bij de wederopbouw van de World YWCA.

In 1971 overleed ze op 81-jarige leeftijd in het Utrechtse Diaconessenhuis.

Schrijfster

In haar boek Kerken uit vele landen pleitte ze ervoor dat kerken in de Derde Wereld verantwoordelijkheid zouden moeten nemen voor hun zendingswerk. Dit thema komt terug in haar biografieën van de Afrikaanse zendeling James Aggrey (1954) en de Indiase bisschop Samuel Azariah (1957). In 1950 schreef ze in haar boek Tweezaam is de mens op theologische gronden over de verhouding tussen man en vrouw.

Waardering

In 1963 verhuisde Van Wijck naar Driebergen-Rijsenburg waar later de Cornelia Maria Asch van Wijcklaan naar haar is genoemd. Ze werd onderscheiden met de Orde van Oranje-Nassau.[2]

Publicaties

  • Gods werk gaat door. Het grote hoofdstuk in de kerkgeschiedenis der laatste anderhalve eeuw (1952)
  • Tweezaam is de mens – Amsterdam, uitgeverij Ten Have (1950)
  • Kerken uit vele landen – Aalten, uitgeverij De Graafschap (1949)
  • Door God samengevoegd : een studie over de gezamenlijke verantwoordelijkheid van man en vrouw tegenover de volle menschheidstaak – ‘s-Gravenhage', uitgeverij Boekencentrum (1936)
  • Het begin van den weg: een boek voor onze meisjes – Aalten, uitgeverij Graafschap (1930)
  • Josephine Butler en haar strijd tegen de gereglementeerde onzedelijkheid – Den Haag, uitgeverij Zendings-studieraad, (1928)