Clasine Josephine van Brussel
| Clasine Josephine van Brussel | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Variations brillantes sur un motif de l'opéra 'La fiancée' (1835) | ||||
| Geboortedatum | 1 februari 1808 | |||
| Geboorteplaats | Amsterdam | |||
| Overlijdensdatum | 31 oktober 1858 | |||
| Overlijdensplaats | Moskou | |||
| Beroep(en) | pianiste | |||
| Instrument(en) | piano | |||
| Ensemble(s) | Felix Meritis | |||
| ||||
Clasine Josephine van Brussel (Amsterdam, 1 februari 1808 - Moskou, 31 oktober 1858)[1] was een Nederlandse pianiste en componiste. Na een pianocarrière in Amsterdam vertrok ze in 1836 samen met haar echtgenoot Max Erlanger naar het buitenland en woonden ze onder andere in Halle, Riga en Moskou.
Levensloop
Clasine was de dochter van muziekmeester Christian Jean van Brussel en Adelaide Stassens. Ze raakte al vroeg bekend met muziek, met dank aan haar vader die in het orkest van Felix Meritis op de hoorn en cello speelde.
Felix Meritis
In 1819, op tienjarige leeftijd, maakte Clasine haar openbare debuut: zij speelde in Felix Meritis een pianoconcert van de componist František Xaver Dušek. In de hierna volgende jaren speelde ze op diverse Amsterdamse muziekpodia, waarbij ze composities van onder anderen Frédéric Kalkbrenner, John Field, Johan Nepomuk Hummel en Carl Maria von Weber op haar repertoire had staan. Ze was niet alleen als soliste te horen maar ze werkte ook mee aan kamermuziekuitvoeringen.
Haar verbondenheid met Felix Meritis eindigde in 1831. Op 25 november van dat jaar werd ze als soliste namelijk vervangen door de Oostenrijkse pianiste Leopoldine Blahetka. Deze gebeurtenis viel haar zwaar.
Huwelijk
Clasine speelde in maart 1835 opnieuw in Felix Meritis, nu samen met de uit Duitsland afkomstige violist Max Erlanger (1813-1873).[2] Op 24 september 1835 trouwden ze met elkaar. Opmerkelijk is dat de huwelijksakte ook haar beroep vermeldde: 'toonkunstenaresse'.
Op 16 februari 1836 gaf het echtpaar een concert in de Hoogduitse Schouwburg te Amsterdam, waarna ze naar Engeland zouden vertrekken. Het is niet duidelijk of ze ook daadwerkelijk in Engeland zijn geweest.
Duitsland
In 1838 trad het echtpaar op in Berlijn en in 1841 in Wenen. In die laatste stad werd Clasine omschreven als de Pianistin der Herzoginn von Anhalt-Bernburg. In 1839 kregen ze een zoon Anton (1839-1910).
Max werkte in 1841-1842 als muziekdirecteur in de Duitse stad Halle. Daar kreeg het stel een zoon Gustav (1842-1908). In 1843 waren ze in Görlitz en een jaar later streken ze neer in Frankfurt.
Moskou
In 1845-1846 had Max een aanstelling als concertmeester in Riga. In september 1846 gaf het echtpaar daar een afscheidsconcert, waarna ze verhuisden naar Moskou. Max kon hier in 1847 aan de slag als kapelmeester van het tsaristisch theater. In 1858 startte hij de muziekhandel en -uitgeverij Lyra. Dit bedrijf liet hij na aan hun zoon Anton.
Clasine was tot 1851 nog lid van de Maatschappij tot Bevordering der Toonkunst. Ze is op 31 oktober 1858 overleden te Moskou.
Werken
Clasine van Brussel speelde tijdens concerten regelmatig haar eigen composities. Er zijn echter slechts enkele werken van haar bewaard gebleven:
- Variations pour le piano-forte sur un thème de C. de Beriot
- Variations de bravoure sur un air de mr. A. Nourrit avec accompagnement de grand orchestre, opgedragen aan koningin Anna Paulowna
Het tweede werk is oorspronkelijk geschreven voor piano en orkest, maar de orkestpartij is niet bewaard gebleven.
De variaties op Le pré aux clercs van Ferdinand Hérold zijn verloren gegaan. Samen met haar echtgenoot schreef ze tevens Variations brillantes sur un motif de l'opéra 'La fiancée' (1835).
- Metzelaar, Helen, Brussel, Clasine Josephine van (1808-na 1851). Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland (13 januari 2014).
- (de) Hoffmann, Freia, Erlanger, Josefine. Sophie Drinker Institut (2008).
- (de) Beer, Axel, (von) Erlanger (Familie). Musik und Musiker am Mittelrhein 2 - Online. Geraadpleegd op 23 december 2025.
- ↑ Zie: Axel Beer.
- ↑ De burgerlijke stand heeft de naam 'Mark Erlanger' genoteerd. Zie de huwelijksakte, 358.6.130 volgnummer 384, Noord-Hollands Archief.
