Centrum Seksueel Geweld

Centrum Seksueel Geweld
CSG
Industrie en producten
Werkgebied Vlag van Nederland Nederland
Status en tijdlijn
Opgericht 2012
Organisatiestructuur
Type organisatieBewerken op Wikidata
Directeur Eveliene Manten-Horst
Tijdschrift en links
Website centrumseksueelgeweld.nl

Het Centrum Seksueel Geweld (CSG)[1] is een Nederlands hulpverleningscentrum voor slachtoffers van seksueel geweld en seksueel misbruik. Het centrum biedt acute forensische, medische en psychische zorg. De organisatie werkt multidisciplinair met artsen, verpleegkundigen, politie, psychologen, maatschappelijk werkers en seksuologen. Het CSG is sinds 2018 actief op zestien locaties verspreid over Nederland en is daarmee landelijk dekkend.[2][3]

Geschiedenis

Het CSG is in 2012 opgericht naar initiatief van klinisch psycholoog Iva Bicanic en seksuoloog Astrid Kremers, beiden werkzaam in de behandeling van slachtoffers van seksueel geweld. Zij baseerden hun plannen op de zogenoemde Rape Centres in Denemarken, waar alle hulpverlening na verkrachting of aanranding onder één dak wordt aangeboden.[3] Aan de basis van de oprichting stond ook Fonds Slachtofferhulp, dat de eerste jaren financiering en publiekscampagnes verzorgde.[4]

Het eerste CSG werd op 1 januari 2012 geopend op de spoedeisende hulp van het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMC Utrecht). Later dat jaar volgde een tweede locatie in Nijmegen. In de jaren daarna breidde het netwerk zich verder uit: in 2013 in Limburg, in 2015 in Twente en de Achterhoek, Rotterdam, Friesland, Groningen en Drenthe, in 2016 in Amsterdam, Zuid-Holland, Noord-Holland, Flevoland en Zwolle, en in 2017 in Zeeland en Brabant-Oost. In januari 2018 opende het CSG in West-Brabant.[5] Met de opening van deze zestiende locatie kreeg het netwerk landelijke dekking.[2]

Organisatie

Het CSG is een samenwerkingsverband van ziekenhuizen, GGD, ggz-instellingen, de politie en Slachtofferhulp Nederland. De financiering komt sinds 2018 van de Rijksoverheid en gemeenten. De organisatie werkt met specifieke kwaliteitscriteria voor slachtoffers van acuut geweld en baseert haar werkwijze op wetenschappelijk onderzoek.[6]

Het doel van het CSG is om slachtoffers op een laagdrempelige en gecoördineerde manier multidisciplinaire hulp te bieden. Voor de oprichting was hulp in Nederland versnipperd: medische zorg, vaccinaties, psychische hulp en de mogelijkheid tot aangifte verliepen via verschillende instanties. Door deze hulp samen te brengen, beoogt het CSG de toegang tot zorg te verbeteren.[3] Er is in het bijzondere aandacht voor secundaire preventie: het voorkomen van latere problemen.

In januari 2024 maakte het ministerie van Justitie en Veiligheid bekend dat de Stichting Landelijk Centrum Seksueel Geweld de komende drie jaar ruim €1,1 miljoen extra ontvangt. Dit betekent een verdubbeling van het basisbedrag van 2023. Het extra geld vloeit voort uit de motie-Van der Laan/Van der Werf en is bedoeld om de landelijke functie van het CSG te versterken. Het extra budget moet het CSG in staat stellen zijn kerntaken verder te ontwikkelen en beter aan te sluiten bij de groeiende groep slachtoffers die hulp zoekt. Parallel wordt een evaluatietraject uitgevoerd, op basis waarvan in 2026 een besluit wordt genomen over een duurzame financieringsstructuur.[7]

Visie

Het CSG benadrukt in zijn visie dat slachtoffers zo snel mogelijk toegang moeten krijgen tot multidisciplinaire zorg, met als uitgangspunt 'zo goed en zo snel mogelijk met zo min mogelijk professionals'. Dit sluit aan bij het principe van secundaire preventie: het vroegtijdig behandelen van lichamelijke en psychische gevolgen om langdurige klachten en herhaald slachtofferschap te voorkomen. Daarbij krijgt elk slachtoffer een casemanager toegewezen die de zorg coördineert en ondersteuning biedt.[8]

Het centrum wijst er daarnaast op dat veel slachtoffers bij onthulling van seksueel geweld te maken krijgen met victim blaming: negatieve reacties uit de omgeving waarbij (onbedoeld) de schuld deels bij het slachtoffer wordt gelegd. Dit komt volgens onderzoek bij ongeveer 75% van de slachtoffers voor en kan gevoelens van schaamte en schuld versterken. Het CSG benadrukt daarom het belang van een deskundige, empathische en niet-oordelende houding van zorgverleners en samenleving, om secundaire victimisatie te voorkomen en slachtoffers te ondersteunen in hun herstel.[8]

Werkwijze

Het CSG biedt slachtoffers van aanranding en verkrachting 24 uur per dag, zeven dagen per week, toegang tot hulpverlening. Hulp is bij voorkeur binnen zeven dagen beschikbaar, omdat dit de kans op medische en psychische problemen vermindert en het forensisch onderzoek ten behoeve van vervolging van daders kan ondersteunen.[9]

Slachtoffers kunnen bellen met het landelijke nummer en worden dan direct doorverwezen naar het dichtstbijzijnde centrum. Naast fysieke hulpverlening biedt het CSG ook online zelfhulpmodules aan, die anoniem en kosteloos toegankelijk zijn.[3]

Onderzoek en kennisdeling

Het CSG vervult naast hulpverlening ook een rol in deskundigheidsbevordering, beleidsadvies en publieksvoorlichting. Er wordt samengewerkt met onderzoeksinstituten zoals het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMC Utrecht).

Andere landen

Zie ook