Catharina Maria Klumper-Schoemeijer

Catharina Maria Klumper-Schoemeijer (Amsterdam, 31 oktober 1898 - Amsterdam, ná 1995) was lid van het verzet in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog en hielp een aantal Joodse kinderen ontsnappen aan de Holocaust.

Biografie

Onder de naam To werkte Klumper-Schoemeijer werkte aan het verzet, onder meer als koerierster, door het overnemen van de kinderen uit de Hollandsche Schouwburg die de Amsterdamse Studenten Groep via de crèche liet ontsnappen. Dit is bekend gebleven als de kindersmokkel Hollandsche Schouwburg. Zij hield zich vooral bezig met het vinden van onderduikadressen - voor circa zestig kinderen - en bracht ze daar dan ook heen. Soms deed ze dat per fiets en soms ook met de trein, waarbij ze zich dan kleedde in haar verpleegstersuniform, want die adressen waren over het hele land verspreidt.

Ze was een dochter van de Doopsgezinde Pieter Schoemeijer en Wilhelmina Maria Plouwie. Als verpleegkundige was zij nauw betrokken bij Doopsgezinde weeshuizen in Amsterdam en Haarlem. Haar ouders waren inmiddels overleden toen zij op 27 juni 1923 in Haarlem in het huwelijk trad met Hermanus Johannes Klumper. Uit het huwelijk volgden twee zoons. Het gezin woonde tijdens de oorlog onder andere aan Hunzestraat 129hs in Amsterdam. Haar man overleed door ziekte omstreeks 1944. Haar ene zuster woonde op een boerderij in de Achterhoek en haar andere zuster in Arnhem. Ook zij waren nauw betrokken bij het zoeken naar onderduikadressen in hun regio.

Klumper-Schoemeijer was niet alleen actief voor kinderen. Ook volwassenen, onder meer uit Ouderkerk aan de Amstel, hielp zij bij het onderduiken.

Erkenning

Klumper ontving het verzetskruis en de penning van de Anne Frank Stichting als waardering voor haar verzetswerk. In 1995 werd Catharina Maria Klumper-Schoemeijer door Yad Vashem de titel Rechtvaardige onder de Volkeren toegekend.