Bewährungs- und Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel
| Bewährungs- und Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
De zaagvis was het insigne van de K-Verbände. | ||||
| Uitgereikt door | ||||
| Type | Steckkreuz | |||
| Bestemd voor | Personeel van de K-Verbände in de Kriegsmarine | |||
| Status | In onbruik geraakt | |||
| Statistieken | ||||
| Instelling | 30 november 1944[1][2][3][4][5] | |||
| Totaal uitgereikt | Onbekend | |||
| Volgorde | ||||
| Volgende (hoger) | Geen | |||
| Volgende (lager) | Geen | |||
| ||||
Bewährungs- und Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel (Nederlands: Gevechtsinsigne van het kleine gevechtsmiddelen) is op 30 november 1944 door de opperbevelhebber van de Kriegsmarine, de grootadmiraal Karl Dönitz ingesteld. Het waren Duitse militaire onderscheidingen voor de K-Verbände tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Geschiedenis
In april 1944 werden deze speciale eenheden opgericht onder bevel van Konteradmiral Hellmuth Heye.[6] Ze waren bedoeld om nieuwe wapentechnieken te testen en in te zetten, waarmee vijandelijke schepen doeltreffend konden worden bestreden – vaak in zelfmoordcommando operaties. Voor deze missies werden onder andere de Marder, Neger, Seeteufel en Biber ingezet.
Ontwerp
Het gevechtsinsigne (Kampfabzeichen) werd ontworpen door de heraldicus en vexilloloog Ottfried Neubecker uit Berlijn-Charlottenburg.[2][4][3] De geborduurde insignes zijn afkomstig van Tröltsch en Hanselmann, terwijl de gevechtsgespen (Kampfspangen) en hun plastische modellen afkomstig zijn van de Berlijnse firma C. E. Juncker.[4][7][8]
Kwalificatie voor de toekenning
Paragraaf I en II van de kwalificatie voor de toekenning van 30 november 1944:
I. Algemene voorwaarden Waardigheid en goed leiderschap.
II. Bijzondere voorwaarden 1. Bewährungsabzeichen (geborduurde zaagvis): Het insigne wordt uitgereikt aan soldaten van de Kleinkampfverbände die zich vrijwillig als eenmansstrijder hebben aangemeld, of aan soldaten die hiervoor zijn aangewezen en bestemd voor speciale operaties. Dit gebeurt na het succesvol afronden van hun opleiding en na bewezen geschiktheid tijdens de training. Voorwaarde is dat men ten minste twee maanden tot de eenheid behoort, tenzij een eerder frontoptreden een verkorting van deze wachttijd rechtvaardigt. Bij overplaatsing uit de eenheid vervalt in de regel het recht om het insigne te dragen. Uitzonderingen kunnen in bijzondere gevallen door de bevelhebber worden toegestaan. De eenheidscommandanten hebben het recht het dragen van het insigne tijdelijk (bijvoorbeeld tot vier weken) te verbieden bij slecht gedrag, onmilitair optreden enzovoort. Een langere of blijvende ontzegging kan alleen door de bevelhebber worden uitgesproken.
2. Gevechtsinsigne: a) 1e graad (zaagvis in touwwerk): Wordt verleend aan soldaten die zich tijdens een inzet, bij de voorbereiding van een inzet of bij bijzondere proeven hebben bewezen. Dit gevechtsinsigne kan niet meer tijdelijk, maar alleen definitief worden ontnomen bij eeronwaardig gedrag.
b) 2e–4e graad (zaagvis in touwwerk met één, twee of drie zwaarden): Wordt uitgereikt na deelname aan een eenmans- of commandoactie op zee of aan land, en na bewezen geschiktheid daarbij, en wel: – na de eerste inzet met één zwaard (2e graad), – na de tweede inzet met twee zwaarden (3e graad), – na de derde inzet met drie zwaarden (4e graad). De AdK (Admiraal der Kleinkampfverbände) kan bepalen dat pas meerdere kleinere eenmans- of commandoacties samen recht geven op een zwaard.
c) 5e–7e graad (gevechtsinsigne in brons, zilver en goud): Het gevechtsgesp in brons wordt uitgereikt na de vierde grotere eenmans- of commandoactie op zee of aan land. Het gevechtsgesp in zilver volgt na de zevende dergelijke inzet, en het gevechtsgesp in goud na de tiende inzet. Bij bijzondere, uitstekende prestaties kan het gesp – maar alleen voor eenmansstrijders – ook eerder worden toegekend.
Graden
| Benaming (D) / Graden | Omschrijving | Verlening voor | |
|---|---|---|---|
![]() | Bewährungsabzeichen der Kleinkampfmittel | Zaagvis | Leden van een kleine gevechtseenheid met voltooide opleiding. |
![]() | Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel 1. Stufe (Gevechtsinsigne van de kleine gevechtsmiddelen der 1e Graad) | Zaagvis in touwwerk | Leden van een kleine gevechtseenheid die zich tijdens een inzet, bij de voorbereiding van een inzet of bij bijzondere proeven met nieuwe technieken hadden bewezen. |
![]() | Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel 2. Stufe (Gevechtsinsigne van de kleine gevechtsmiddelen der 2e Graad) | Zaagvis in touwwerk met 1 zwaard | Deelname aan een individuele gevechts- respectievelijk commando-operatie ter zee of te land en het zich daarbij bewijzen na één inzet. |
![]() | Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel 3. Stufe (Gevechtsinsigne van de kleine gevechtsmiddelen der 3e Graad) | Zaagvis in touwwerk met 2 zwaarden | Deelname aan een individuele gevechts- respectievelijk commando-operatie ter zee of te land en het zich daarbij bewijzen na twee inzetten. |
![]() | Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel 4. Stufe (Gevechtsinsigne van de kleine gevechtsmiddelen der 4e Graad) | Zaagvis in touwwerk met 3 zwaarden | Deelname aan een individuele gevechts- respectievelijk commando-operatie ter zee of te land en het zich daarbij bewijzen na drie inzetten. |
![]() | Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel 5. Stufe (Gevechtsinsigne van de kleine gevechtsmiddelen der 5e Graad) | Kampfspange in Bronze (Gevechtsgesp in brons) | Deelname aan een individuele gevechts- respectievelijk commando-operatie ter zee of te land en het zich daarbij bewijzen na vier inzetten. |
![]() | Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel 6. Stufe (Gevechtsinsigne van de kleine gevechtsmiddelen der 6e Graad) | Kampfspange in Silber (Gevechtsgesp in zilver) | Deelname aan een individuele gevechts- respectievelijk commando-operatie ter zee of te land en het zich daarbij bewijzen na zeven inzetten. |
![]() | Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel 7. Stufe (Gevechtsinsigne van de kleine gevechtsmiddelen der 7e Graad) | Kampfspange in goud (Gevechtsgesp in goud) | Deelname aan een individuele gevechts- respectievelijk commando-operatie ter zee of te land en het zich daarbij bewijzen na tien inzetten. |
Draagwijze
Het Bewährungsabzeichen evenals de Kampfabzeichen van de 1e tot en met de 4e graad werden op de rechterbovenarm onder de mouwnaad op de schouder gedragen.[1][5] De gevechtsinsignes van de 5e tot en met de 7e graad werden boven de batons op de linkerborstzijde gedragen, net als de Nahkampfspange.[5]
Uitgereikt
De eerste vier graden zijn hoogstwaarschijnlijk toegekend. De Kampfspange (gevechtsgesp) is waarschijnlijk nooit toegekend.[4][11]
Triviaal
Deze gevechtsinsignes van de Kriegsmarine waren de enigen waarop geen hakenkruis stond.[12]
Het symbool van de zaagvis wordt ook vandaag de dag nog gebruikt in de mijnenduikercompagnie van de Bundeswehr, evenals als dienstonderscheidingsteken bij de eenheden van de Deutsche Marine, zoals de kikvorsmannen. Laatstgenoemden vormen de huidige variant van de zeestrijders.
Na de Tweede Wereldoorlog
De geallieerde mogendheden hebben na de bezetting van Duitsland het dragen van alle Duitse orden en onderscheidingen, dus ook die uit het Duitse Keizerrijk van vóór 1918, verboden. Dat verbod is in de DDR altijd van kracht gebleven. Op 26 juli 1957 vaardigde de Bondsrepubliek Duitsland een wet uit waarin het dragen van onderscheidingen met daarop hakenkruizen of de runen van de SS werd verboden. Het dragen van dit insigne werd net als het dragen van de Orde van Verdienste van de Duitse Adelaar en het Ereteken voor de 9e November 1923, de zogenaamde "Bloedorde", streng verboden. Ook het verzamelen, tentoonstellen en afbeelden van de onderscheiding werd aan strenge regels gebonden. Een aantal onderscheidingen werd ontdaan van de hakenkruizen en soms van hakenkruis en adelaar. In deze gedenazificeerde uitvoering mochten de onderscheidingen worden gedragen.[13]
Zie ook
Externe links
- TRACESOFWAR: databanken van alle klasse van het Bewährungs- und Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel
- (de) Lexikon der Wehrmacht: Bewährungs- und Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel
- (en) Wehrmacht awards: Small Units Badge
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Bewährungs- und Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel op de Duitstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- (en) Angolia, John R. (1976). For Fuhrer and Fatherland: Military Awards of the Third Reich, 1ste. R. James Bender Publishing, San Jose, 156, 157. ISBN 0912138149.
- (de) Klietmann, Kurt G. (1982). Auszeichnungen Des Deutschen Reiches 1936-1945 (PDF), 2e. Motorbuch Verlag Stuttgart, Stuttgart, 147, 148, 149. ISBN 3879436894.
- (en) Ailsby, Christopher (1987). Combat Medals of the Third Reich (PDF). Patrick Stephens, Wellingborough, Northamptonshire, 149, 150, 152. ISBN 0805598222.
- (en) Littlejohn, David, Col. C.M. Dodokins (1968). Order, Decorations, Medals and Badges of the Third Reich (including the Free City of Danzig), 1ste. R. James Bender Publishing, San Jose, Verenigde Staten, 166, 167. ISBN 9780854200801.
- (en) Lumsden, Robin (2001). Medals and Decorations of Hitler's Germany (PDF). Airlife Publishing Ltd, Engeland, p. 76. ISBN 9781840371789.
- 1 2 Klietmann 1982, p.147.
- 1 2 Angolia 1976, p.156.
- 1 2 Ailsby 1987, p.150.
- 1 2 3 4 (de) Lexikon der Wehrmacht: Bewährungs- und Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel. Geraadpleegd op 6 september 2025.
- 1 2 3 Littlejohn 1968, p.167.
- ↑ Littlejohn 1968, p.166.
- ↑ Klietmann 1982, p.149.
- ↑ Lumsden 2001, p.76.
- ↑ Ailsby 1987, p.152.
- ↑ Angolia 1976, p.156-157.
- ↑ TRACESOFWAR: Bewährungs- und Kampfabzeichen der Kleinkampfmittel. Geraadpleegd op 6 september 2025.
- ↑ Klietmann 1982, p.148.
- ↑ (de) Ordensjournal met afbeeldingen. Geraadpleegd op 15 september 2025
.svg.png)

.svg.png)
.svg.png)
.svg.png)
.svg.png)
.png)
.png)
.png)