Alfred Chanzy
| Alfred Chanzy | ||
|---|---|---|
| Algemene informatie | ||
| Geboortedatum | 18 maart 1823 | |
| Geboorteplaats | Nouart | |
| Overlijdensdatum | 4 januari 1883, 5 januari 1883 | |
| Overlijdensplaats | Châlons-en-Champagne | |
| Doodsoorzaak | intracerebraal hematoom | |
| Wijze van overlijden | natuurlijke dood | |
| Werk | ||
| Beroep | politicus,[1] diplomaat, officier, militair | |
| Werkplaats | Parijs | |
| Functies | onverwijderbaar senator, lid van het Parlement van Frankrijk, lid van een conseil général, ambassadeur, senator van de Derde Franse Republiek | |
| Actieve periode | 1843–heden | |
| Politiek | ||
| Verkiezingsdeelname | Franse presidentsverkiezingen 1879 | |
| Militair | ||
| Rang | generaal | |
| Legeronderdeel | Frans leger | |
| Conflict | Tweede Italiaanse Onafhankelijkheidsoorlog, Frans-Duitse Oorlog | |
| Persoonlijk | ||
| Talen | Frans | |
| Diversen | ||
| Prijzen en onderscheidingen | Grootkruis in het Legioen van Eer, Ridder Grootkruis in de Orde van het Heilig Graf, Médaille militaire | |
| Archieflocatie(s) | Archives Nationales,[2] Service historique de la Défense[3] | |
| De informatie in deze infobox is afkomstig van Wikidata. U kunt die informatie bewerken. | ||
Antoine Eugène Alfred Chanzy (Nouart, 18 maart 1823 – Châlons-sur-Marne, 5 januari 1883) was een Frans militair, koloniaal bestuurder, politicus en diplomaat. Hij was gouverneur-generaal van Algerije (1873-1875)[4], volksvertegenwoordiger (1871-1875) en senator (1875-1883).
Leven en carrière
Chanzy werd geboren in het departement Ardennes in een begoede familie. Zowel zijn vader als zijn grootvader hadden in het leger gediend. Hij liep school op het college van Sainte-Menehould en het Collège royal van Metz. Toen hij niet slaagde voor de toelatingsproef van de marineschool (École navale) in Brest monsterde hij aan op een schip. Hij schreef zich daarna weer in op het Collège royal en nam dienst in een artillerieregiment in Metz. Hij werd toegelaten op de militaire school Saint-Cyr en studeerde af bij de eersten van zijn klas.
Hij begon zijn militaire carrière in Algerije. Hij klom er op in graad en dankzij zijn goede kennis van het Arabisch kreeg hij ook een post in het koloniaal bestuur. In 1856 nam hij deel aan de Franse campagne in Italië tegen de Oostenrijkers en vocht mee in de Slag bij Solferino. Hij trok daarna op militaire expeditie naar Syrië en verbleef enkele jaren in Rome. Hij keerde terug naar Algerije om een Arabische opstand neer te slaan en werd er in 1868 bevorderd tot brigadegeneraal.

Bij het uitbreken van de Frans-Duitse Oorlog kreeg Chanzy aanvankelijk geen benoeming in Frankrijk. Op voorspraak van maarschalk Mac-Mahon werd hij in oktober 1870 toch bevorderd tot divisiegeneraal en kreeg hij de leiding over het 16e Legerkorps. Hij vocht mee in de slagen bij Coulmiers (9 november) en bij Patay (1 december). Op 5 december kreeg hij de leiding over het Tweede Leger van de Loire. Met dit slecht uitgeruste en slecht getrainde leger kwam hij te staan tegen de troepen van Frederik Karel van Pruisen. Aanvankelijk wisten de Fransen onder Chanzy stand te houden, maar op 12 januari 1871 werden ze verslagen in de Slag bij Le Mans. Chanzy hergroepeerde zijn troepen maar de wapenstilstand kwam tussen voor hij in het offensief kon gaan.
Op 8 februari 1871 werd Chanzy verkozen in de Assemblée Nationale, zonder dat hij zich kandidaat had gesteld. Hij pleitte voor het voortzetten van de strijd tegen Duitsland, maar werd hierin niet gevolgd. In het parlement hield hij zich bezig met militaire aangelegenheden zoals de ontbinding van de nationale garde en de hervorming van het leger. In 1875 werd hij verkozen in de Senaat. Hij zetelde hier opnieuw bij de fractie van Centre gauche, zoals hij eerder in de Assemblée had gedaan. Maar hij kon zich steeds minder vinden in de standpunten van zijn partijgenoten. Hij deelde hun afkeer van president Mac-Mahon en hun antiklerikalisme niet. Hij sprak zich uit tegen de Wet-Ferry die voorzag in niet-confessioneel onderwijs.
Op 11 juni 1873 werd hij aangesteld als gouverneur-generaal van Algerije. Hij had in die functie zowel de militaire als de burgerlijke leiding en dit riep steeds meer weerstand op. Ook zijn assimilatiepolitiek kreeg kritiek. Na zes jaar werd hij opgevolgd door Albert Grévy en voortaan leidde de gouverneur-generaal enkel nog het burgerlijk bestuur.
In 1879 werd hij aangesteld als Frans ambassadeur in Sint-Petersburg. Hij nam ontslag uit die functie bij het aantreden van de regering-Gambetta in 1881, die hij als te radicaal bestempelde.
Chanzy overleed onverwacht op 5 januari 1883. Na een uitvaartdienst in de kathedraal van Châlons-sur-Marne werd hij begraven in Buzancy.
Privéleven
Hij huwde op 8 mei 1854 te Oran met Hermine Gérard, een officiersdochter. Het echtpaar kreeg drie zonen en twee dochters.
Publicaties
- Campagne de 1870-1871. La deuxième armée de la Loire (1871)
- Algérie. Conseil supérieur du gouvernement. Exposé de la situation de l’Algérie (1875-1878)
- Novice et timonier, souvenirs 1839-1840 (1930, postuum)
- (fr) Parcollet-Delille, Dominique. Les Immortels du Sénat, 1875-1918. Éditions de la Sorbonne, p. 268-271.
- ↑ senat.fr; senat.fr-identificatiecode: senateur-3eme-republique/chanzy_alfred1452r3; geraadpleegd op: 23 april 2022.
- ↑ https://www.siv.archives-nationales.culture.gouv.fr/siv/POG/FRAN_POG_05/p-1x1ovao4b-xewp4j6zunfq; inventarisnummer: 270AP.
- ↑ https://francearchives.fr/fr/file/ad46ac22be9df6a4d1dae40326de46d8a5cbd19d/FRSHD_PUB_00000355.pdf.
- ↑ (fr) Fonds Chanzy (1839-1923). France Archives (1981). Geraadpleegd op 3 november 2025.