Adam de Craponne

Craponne

Adam de Craponne (Salon-de-Provence, 1527 - Nantes, 1576) was een Frans ingenieur, gespecialiseerd in hydraulica.

Biografie

Hij was de tweede zoon van Guillaume de Craponne, een handelaar in Salon. Zijn vader overleed in een schipbreuk toen Adam tien jaar oud was. Hij was een begaafde leerling die uitblonk in wiskunde en dankzij de relaties van zijn moeder kon hij architectuur studeren. Hij reisde door Frankrijk en Noord-Italië om waterbouwkundige werken te bestuderen.

Hij werd door koning Karel IX van Frankrijk aangesteld als ingenieur en deed ervaring als ingenieur op in het leger, bij het ontwerpen en bouwen van forten. In 1552 was hij in Metz dat belegerd werd door het leger van keizer Karel V. In 1564 ontwierp hij de verdedigingswerken voor de haven van Nice.

In zijn twintigjarige carrière ontwierp hij verschillende kanalen, zowel voor navigatie, irrigatie als drainage. Hij bouwde een kanaal dat nu nog naar hem genoemd wordt, het Canal de Craponne, om de dorre vlakte van de Crau nabij Arles te irrigeren. Al in 1551 tekende hij de eerste plannen en in 1554 kreeg hij toelating voor de bouw van de koning. Hij bouwde het met eigen middelen en met door hemzelf geleend geld. Craponne stierf voor het kanaal was afgewerkt. De verdere graafwerken werden uitgevoerd door de gebroeders Ravel. Het ging om het stuk westwaarts naar Arles, tot aan de Aquaduct van Pont-de-Crau.

Craponne stierf onder duistere omstandigheden in Nantes, waar hij was gestuurd door de koning om de verdedigingswerken te inspecteren. Hij stierf mogelijk door vergiftiging of door een mes. Hij werd begraven in de (intussen verdwenen) Notre-Damekerk van Nantes, hoewel hij in zijn testament had bepaald dat hij in Salon wilde begraven worden.[1]

Standbeeld

In 1854 werd in Salon-de-Provence een standbeeld ingehuldigd dat Adam de Craponne voorstelt, ontworpen door de beeldhouwer Joseph Marius Ramus.[2]