Zwemofficial

Zwemofficials in 1904

Een zwemofficial is een functionaris die bij zwemwedstrijden verantwoordelijk is voor het goede verloop van de wedstrijd. Officials werken samen onder leiding van de scheidsrechter. Iedere official heeft een specifieke taak.

Voor de wedstrijd leidt de scheidsrechter een vergadering met alle officials. Daarin worden de taken besproken en de verschillende zwemslagen doorgenomen.

Wedstrijdtaken

Er zijn verschillende soorten officials met elk hun eigen bevoegdheid. Alle bevoegdheden zijn nodig om een wedstrijd goed te laten verlopen. Elke bevoegdheid krijgt een nummer of letter. Deze worden gecombineerd.

Een ervaren tijdwaarnemer (3) die ook de opleiding tot starter (2) en jurysecretaris (J) heeft gedaan, krijgt bijvoorbeeld de bevoegdheid 23J. Een uitzondering is bevoegdheid 4: deze wordt niet meer vermeld na het behalen van bevoegdheid 3. Een official met alle bevoegdheden heeft de aanduiding 123JKO, waarbij de O staat voor open water wedstrijden.

Scheidsrechter (1)

De scheidsrechter heeft tijdens de hele wedstrijd de leiding. De taken zijn onder andere:

  • Het leiden van de start
  • Het beoordelen van diskwalificatievoorstellen van andere officials
  • Het controleren van de uitslagen die de jurysecretaris heeft opgesteld
  • Het oplossen van problemen tijdens de wedstrijd

De scheidsrechter is het aanspreekpunt voor coaches en zwemmers en draagt de eindverantwoordelijkheid.

Bij de meeste wedstrijden is er één scheidsrechter. Bij grote wedstrijden kunnen er twee scheidsrechters zijn, waarvan er een wordt aangewezen als hoofdscheidsrechter. Ze wisselen elkaar af, maar de hoofdscheidsrechter blijft eindverantwoordelijk.

Om bevoegdheid 1 te behalen, heb je veel ervaring nodig. Het traject is intensief: je moet minstens 12 keer onder supervisie van een ervaren scheidsrechter een wedstrijd leiden. Je start de opleiding alleen op uitnodiging van de taakgroep officials. Op dat moment moet je al minimaal 12 wedstrijden als kamprechter hebben gefungeerd.

Starter (2)

Bij de start fluit de scheidsrechter de zwemmers naar het startblok. Bij rugslag stuurt hij ze met een langgerekt fluitsignaal het water in. Daarna neemt de starter het over en zegt "op uw plaatsen" (Engels: "take your marks"). Vanaf dat moment mogen de zwemmers niet meer bewegen tot het startsignaal klinkt. Als een zwemmer toch beweegt, is er sprake van een valse start. De starter registreert dit.

Bij de meeste wedstrijden is er één starter aanwezig. Bij grote, lange wedstrijden worden soms twee starters ingezet: een voor de dames en een voor de heren.

Voor de opleiding tot starter zijn geen andere bevoegdheden vereist. Wel moet je minimaal 14 jaar zijn en beschikken over een duidelijke, krachtige stem.

Kamprechter (K)

Bij een wedstrijd zijn meestal twee kamprechters aanwezig, een aan elke kant van het bad. Bij een 50-meterbad zijn er aan elke kant twee kamprechters.

De kamprechter heeft twee hoofdtaken:

  • Het beoordelen van de zwemslagen, de keerpunten en eventuele estafette-overnames. Hiervoor loopt de kamprechter langs de rand van het bad mee met de zwemmers.
  • Het noteren van de aankomstvolgorde van de zwemmers.

Daarnaast is een van de kamprechters de rechterhand van de scheidsrechter en vervangt deze bij drukte, afwezigheid of op verzoek. Op dat moment is de kamprechter plaatsvervangend scheidsrechter en verantwoordelijk voor alle starts onder zijn of haar leiding.

Bij wedstrijden op lager niveau mag een kamprechter als scheidsrechter optreden. De functie van kamprechter wordt vaak gezien als opstap naar scheidsrechter.

De opleiding tot kamprechter bestaat uit een mondeling theorie-examen en twee praktijkexamens. Tijdens het tweede praktijkexamen word je onder begeleiding van een ervaren scheidsrechter (1) beoordeeld op je functioneren als scheidsrechter. Met bevoegdheid K mag je immers ook als scheidsrechter optreden.

Om tot de cursus toegelaten te worden, moet je na je aanstelling in bevoegdheid 3 minimaal 8 keer in deze bevoegdheid hebben gefungeerd. Ook moet de Taakgroep Officials je geschikt achten. Na het afronden van de cursus en het behalen van het theorie-examen krijg je de bevoegdheid aK. Voor de bevordering tot kamprechter moet je ook de bevoegdheden 3 en J hebben. Dan word je bevorderd van 3JaK naar 3JK.

Tijdwaarnemer (4 of 3)

De tijdwaarnemer meet de tijd van start tot finish. Voor elke zwembaan is er een eigen tijdwaarnemer. Bij wedstrijden met elektronische tijdwaarneming gebruikt de tijdwaarnemer een digitale handklok en drukt met de back-upknop aan wanneer de zwemmer het eind- of keerpunt aantikt.

Als er meer dan twee banen worden afgelegd, beoordeelt de tijdwaarnemer ook de keerpunten, net als de keerpuntcommissaris.

Iedereen vanaf 14 jaar kan de opleiding tot tijdwaarnemer volgen. In deze opleiding word je tegelijkertijd opgeleid tot keerpuntcommissaris. Na het mondeling examen krijg je bevoegdheid a4. Na drie keer goed fungeren kun je na een positieve praktijkbeoordeling worden bevorderd naar bevoegdheid 4. Als je meer ervaring opdoet, kun je doorgroeien naar bevoegdheid 3. Deze bevoegdheid maakt, in combinatie met de bevoegdheid voor jurysecretaris, de weg vrij naar kamprechter of scheidsrechter. Ook geeft het de mogelijkheid om te fungeren bij grote wedstrijden zoals de Nederlandse Kampioenschappen.

Keerpuntcommissaris (4 of 3)

De keerpuntcommissaris beoordeelt de laatste slag voor het keerpunt, de gehele keerpunthandeling en de eerste slag na het keerpunt. Als de keerpuntcommissaris (of de tijdwaarnemer aan de andere kant van het bad) iets onreglementairs ziet, wordt dit als diskwalificatievoorstel aan de scheidsrechter gemeld.

Het is gebruikelijk dat officials met de functie tijdwaarnemer/keerpuntcommissaris halverwege de wedstrijd van plaats wisselen. Zo fungeert iedereen de helft van de wedstrijd als tijdwaarnemer en de helft als keerpuntcommissaris.

Jurysecretaris (J)

De jurysecretaris ontvangt de geklokte tijden van de tijdwaarnemers en de aankomstvolgorde van de kamprechters. De jurysecretaris vergelijkt deze gegevens en stelt een definitieve volgorde vast. Daarna controleert hij of zij of de tijden overeenkomen met deze volgorde. Als de tijden een andere volgorde aangeven dan de uitslag van de kamprechters, worden de tijden gemiddeld. De jurysecretaris verwerkt ook de afmeldingen voor de wedstrijd en de diskwalificaties tijdens de wedstrijd.

De uitslag van de jurysecretaris moet altijd door de scheidsrechter worden gecontroleerd en goedgekeurd. Meestal zijn er bij een wedstrijd twee jurysecretarissen aanwezig, maar bij kleinere wedstrijden is er vaak maar één.

Voor de opleiding tot jurysecretaris zijn geen andere bevoegdheden vereist, alleen een minimumleeftijd van 14 jaar.

Cursus in Nederland

De KNZB verzorgt cursussen voor de verschillende taken. Wanneer je een onderdeel door middel van een examen hebt behaald, mag je die taak bij wedstrijden uitvoeren. Over het algemeen begin je met de cursus tijdwaarnemer. Daarin komen de verschillende zwemslagen en keerpunten aan bod, samen met het hanteren van de digitale handklok. Als vervolg kun je de opleiding tot jurysecretaris, kamprechter, starter en uiteindelijk scheidsrechter volgen. De regelgeving rond bevoegdheden en bevordering is vastgelegd in de carrièregang officials.