Zeehondencentrum Pieterburen

Zeehondencentrum Pieterburen
Zeehondencentrum Pieterburen
Locatie
Land Vlag van Nederland Nederland
Vestigingslocaties LauwersoogBewerken op Wikidata
Activiteiten en ideologie
Doel Opvang voor zieke zeehonden
Status en tijdlijn
Vernoemd naar PieterburenBewerken op Wikidata
Opgericht 1971
Organisatiestructuur
Oprichter Lenie 't Hart
Links
https://www.zeehondencentrum.nl/

Het Zeehondencentrum Pieterburen, voorheen Zeehondencrèche Pieterburen, was een opvangcentrum voor zeehonden in Nederland, gevestigd in het Groningse dorp Pieterburen. Het heette ooit zeehondencrèche omdat het vooral jonge verweesde zeehonden opving. Er werden zieke en verzwakte zeehonden van alle leeftijden opgevangen en behandeld die vervolgens weer vrijgelaten werden. Het centrum zette zich in voor het beheer en behoud van het leefgebied van de zeehond, leidde mensen op om met deze zeezoogdieren te werken, verrichtte onderzoek en gaf voorlichting.

In 2025 werd het zeehondencentrum te Pieterburen gesloten. De activiteiten zijn overgenomen door het Werelderfgoedcentrum Waddenzee in Lauwersoog.

Geschiedenis

In Pieterburen werden op initiatief van Lenie 't Hart sinds 1971 zeehonden opgevangen. Dit in navolging van het echtpaar Wentzel dat eerder in Uithuizen al zeehonden opving. Vanaf 1952 ving het Texels museum ook zeehonden op, wat later overgenomen is door Ecomare.

De bij het woonhuis van 't Hart gelegen crèche is diverse malen uitgebreid. Een nieuw gebouw werd in 1978 geopend. VARA-presentator Bert Garthoff, bekend van het programma "Weer of geen weer", legde de eerste steen. In 2006 werd de crèche omgedoopt in 'Zeehondencrèche Lenie 't Hart'.

Op 5 januari 2025 is het Zeehondencentrum te Pieterburen gesloten. De zeehondenopvang werd voortgezet in de haven van Lauwersoog. Hier is het werk onderdeel van het Werelderfgoedcentrum Waddenzee.

Activiteiten

Het Zeehondencentrum beschikte over vrijwilligers die zeehonden ophaalden. Vervolgens werden ze verzorgd door vrijwilligers en professionele krachten. Daarnaast gaf het centrum voorlichting over het milieu en bedreigingen voor de zeehonden zoals netten en plastic. Hiertoe werd in 2015 een nieuw bezoekerscentrum geopend met daarin extra aandacht voor recycling van plastic en netten uit zee.[1]

Controverse

De opvang van zeehonden zoals die onder het bewind van 't Hart gebeurde, was niet onomstreden. Critici stelden dat de grootschalige manier waarop deze dieren opgevangen, verzorgd en weer uitgezet werden de zeehondenpopulaties zou verzwakken. Vooral ecologen van Alterra (later Imares) als Peter Reijnders hadden diverse aanvaringen met 't Hart en haar medewerkers. Desondanks zette 't Hart de opvang lange tijd door, onder andere omdat het volgens haar tot de plicht van mensen behoorde zieke dieren te helpen in een niet-natuurlijke situatie die de Waddenzee is. In verscheidene andere zeehondencrèches binnen en buiten Nederland deelde men deze laatste opvatting niet. In Denemarken bijvoorbeeld is het uitzetten van dieren verboden. De zeehondencrèche in Pieterburen had vergunning om zeehonden op te vangen en weer uit te zetten. Later erkende ook Ab Osterhaus, lid van het Wetenschappelijk Platform Zeehonden Waddenzee en voorzitter van de wetenschappelijke commissie van het Zeehondencentrum in Pieterburen, dat opvang niet meer noodzakelijk was voor het voortbestaan van de zeehond in de Waddenzee. Na 2012 werd de invloed van 't Hart steeds minder, wat uiteindelijk resulteerde in een ander opvangbeleid.

Zeehondencrèche nieuwe stijl

In 2012 stopte 't Hart als directeur van de Zeehondencrèche. Niek Kuizenga kreeg de leiding. 't Hart bleef nog wel aan het centrum verbonden, onder meer voor internationale projecten en fondsenverwerving. Ze bleef zich echter verzetten tegen een moderner opvangbeleid dat gebaseerd was op nieuwe kennis en ervaringen met de sterk gegroeide zeehondenpopulatie.

In 2014 kwam de slepende controverse tot een uitbarsting. De directie en medewerkers wilden zeehonden onder andere condities opvangen, pups niet direct meer bij de moeder weghalen zoals onder 't Hart gebeurde en een kortere opvangperiode voor de zeehonden als de fysieke toestand van de dieren dat toeliet. Het gebruik van antibiotica bij de opgevangen dieren moest verminderd worden om resistentie te voorkomen. Dit was zeer tegen de visie van 't Hart die vond dat alle dieren preventief met antibiotica behandeld moesten worden.[2] Een centraal punt in het conflict was de vraag of alle op het strand liggende zeehonden moesten worden opgevangen. Volgens Lenie 't Hart is een zeehondpup op het strand altijd hulpbehoevend, terwijl de directie en medewerkers dat bestreden: volgens nieuwe wetenschappelijk inzichten lieten zeehonden hun pups weleens alleen om voedsel te halen in zee.[3][4][5][6] De directie botste daarmee ook met de door 't Hart ingestelde raad van toezicht.[7] De crisis kwam tot een hoogtepunt nadat 't Hart een vriend, TROS-coryfee Wibo van de Linde, had aangesteld als voorzitter van de raad van toezicht en via de media had laten weten dat het nieuwe opvangbeleid illegaal was.[8][9] Het personeel eiste hierop meer beleidsvrijheid en ging toen ze dat niet kreeg, in staking.[10]

Nadat in 2014 de raad van toezicht vervangen werd[11] verbrak 't Hart de banden met de zeehondencrèche. Verschillende pogingen van 't Hart om een vertrekpremie van honderdvijftigduizend euro mee te krijgen,[12] draaiden op niets uit.[13] De naam van de crèche veranderde van Zeehondencrèche Lenie 't Hart in de oude naam, Zeehondencrèche Pieterburen.[14]

In de jaren hierna bleek uit onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen dat zeehondmoeders hun pups soms wel een hele dag alleen laten op het strand.[6]

Zie de categorie Zeehondencreche Pieterburen van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.