Willem Blom (1838-1917)
| Willem Blom | ||
|---|---|---|
![]() | ||
| Algemene informatie | ||
| Geboortedatum | 22 maart 1838 | |
| Geboorteplaats | Gorinchem | |
| Overlijdensdatum | 12 juni 1917 | |
| Overlijdensplaats | Arnhem | |
| Werk | ||
| Beroep | waterbouwkundige | |
| Werkgever(s) | Rijkswaterstaat | |
| Studie | ||
| School/ |
Polytechnische School te Delft | |
| De informatie in deze infobox is afkomstig van Wikidata. U kunt die informatie bewerken. | ||
Willem Johannes Stefanus Josinus Blom (Gorinchem, 22 maart 1838 - Arnhem, 12 juni 1917) was een Nederlands waterbouwkundige. Hij was de zoon van mr. Gerardus Blom, procureur-generaal Gorinchem en onder andere secretaris van het waterschap de Overwaard en van het Hoogheemraadschap van de Landen van Arkel beneden de Zouwe.
In 1854 ging hij bij de Polytechnische School te Delft studeren en in 1858 haalde hij het diploma civiel ingenieur in 1861. Dat jaar huwde hij in Utrecht met de Vlaamse Emma Joanna Maria van der Meij. Bij het vergelijkend examen voor surnumerair van de Waterstaat werd hij de eerste in rangorde, direct daarna ir De Bruyn als tweede. Vervolgens kwam in dienst van de Waterstaat, alwaar hij de verschillende rangen doorliep.

Hij begon als aspirant-ingenieur in het district Groningen.[1] Hij maakte hier onder andere ontwerpen voor het tolhuis in Stroobos.[2] Ook ontwierp hij een brug ter vervanging van de Frouketil over de mond van het Oldehoofsche Kanaal,een brug over het Poeldiep nabij de Gaarkeuken een ontwerp voor verdieping van het Boterdiep, de brug bij de Ellerhuistertil (Ellershuizen) en een brug bij Nieuwe Til (Fraantil?) bij Middelstum. Verder ontwierp hij het lengteprofiel van de weg Briltil-Niekerk-Sebaldeburen-Grootegast-Doezum-Opende tot de Friese grens, alsmede de weg door de gemeente Zuidhorn, Oldekerk, Grootegast en Marum.[3]
In 1866 ging hij naar Almelo.[4] Hier werd in 1867 zijn zoon Nicolaas Wilhemus geboren. In 1870 werd zijn standplaats Zierikzee[5] en in 1875 ging hij naar de provincie Utrecht met standplaats Gorinchem.[6]
In Gorinchem was hij lid van het “collegie van regenten over het huis van arrest” te Gorinchem.[7] In 1878 was hij ook lid van de examencommissie voor het examen civiel ingenieur in Delft.[8] In 1881 is hij overgeplaatst naar Amsterdam als ingenieur 1e klasse en in 1886 bevorderd tot hoofdingenieur[9] en in 1889 hoofdingenieur 1e klasse. In 1893 was hij lid van de commissie voor het doen van een vergelijkend onderzoek tussen Belgische en Hollandsche baksteen.
In 1887 maakte hij het plan voor een grotere sluis bij IJmuiden volgens “hetwelk de schutlengte tusschen de uiterste deuren zou zijn 205 meter verdeeld in twee kolken van 70 en 125 meter”. De wijdte moest worden 25 meter en de diepte 8,50 meter. De kosten zouden ƒ 3.576.510 zijn.[10] In 1890 schreef hij voor het “kanalenboek” drie hoofdstukken over de Friese kanalen.
In 1895 was er een discussie in KIvI over peilbeheer van de Vecht. Hij vond de bezwaren omtrent de waterafvoer niet zo groot, daar “alleen bij zeer groote tusschenruimie klachten werden vernomen na hooge waterstanden die echter zeer zelden voorkwamen.” De toestand was niet zo slecht als door de spreker bij het KIvI “geschilderd had, en men behoorde met de werkelijkheid te rade te gaan, wanneer men dien besprak. Maar die bespreking zou, volgens den heer Blom, tot geen oplossing leiden.” De huidige toestand achtte ook hij echter voor verbetering vatbaar. [11][12]
In 1897 was hij lid van een plaatselijke (=Arnhem) commissie geconstitueerd voor het Nationaal Huldeblijk dat, ter gelegenheid van de meerderjarigheid van H. M. de Koningin Wilhelmina, aan H. M. de Koningin-Weduwe zal worden aangeboden. Later dat jaar was hij ook aanwezig bij het bezoek van koningin Wilhelmina aan Arnhem.[13]
Hij was in die jaren ook verantwoordelijk Voor de buitengewone riviercorrespondetie langs de Rijn en de IJssel.

De (tweede) spoorbrug bij Westervoort is gebouwd toen hij hoofdingenieur-directeur in Arnhem was (1898). In 1901 krijgt hij opdracht de uitvoering van de werken voor de aanleg van de lokaalspoorweg van De Bilt naar Zeist te regelen.[14] Dit was een onderdeel van de Tramlijn Utrecht - Zeist.
In 24 juni 1903 gaat hij met pensioen en wordt in Arnhem opgevolgd door ir. Escher.
Na zijn pensionering is hij in 1913 actief bij het lustrumfeest van het Delfts studentencorps.
Hij was bezitter van de zilveren watersnoodmedaille, uitgereikt na de watersnoodramp 1876. Hij was verder Ridder in de orde van de Nederlandse Leeuw (1891), ridder 3de klasse in de Orde van de Rode Adelaar (1901) en ridder 2de klasse van de Pruisische Kroonorde (1907).[15]
Publicaties van Blom
- (fr) Les vois de Navigation dans le Royaume des Pays-Bas; chap. IV-B1:IV-B3. Van Langenhuysen (1890).
- Gedenkboek KIVI 50 jaar. Koninklijk instituut van ingenieurs (1897), "Het Apeldoornsch kanaal", 49-51 + plaat X.
Bronnen
- Redactie (16 juni 1917). Binnenlandsche Berichten. De ingenieur 32 (24)
- Blom, Eli, Willem Johannes Stefanus Josinus (Willem) BLOM. Geraadpleegd op 19 oktober 2025.
Referenties
- ↑ Staatsalmanak voor het Koningrijk der Nederlanden, 1861. staatsuitgeverij (1862), p. 285.
- ↑ Tolhuis bij Stroobos.
- ↑ Zijn tekeningen staan op https://www.archieven.nl/nl/zoeken?mivast=0&mizig=436&miadt=0&miview=gal&milang=nl&mibj=1861&miej=1865&mizk_alle=%22blom%
- ↑ Verslag van den toestand der provincie Friesland aan de Staten van dat gewest. J.W. Brouwer, Leeuwarden (1866), p. 40.
- ↑ Zeeuwsch jaarboekje en Middelburgsche naamwijzer. Altorffer, Middelburg (1870), p. 45.
- ↑ Verslag over den toestand der provincie Utrecht. Bosch , Utrecht (1874), p. 7.
- ↑ (15 april 1875). Benoemingen, verkiezingen. Weekblad van het regt 37
- ↑ (12 juni 1878). Berichten. De wekker; nieuwe bijdragen voor het onderwijs 37 (47)
- ↑ (6 november 1886). Benoemingen, verplaatsingen. de Ingenieur 1 (45)
- ↑ "De nieuwe sluis te IJmuiden", Algemeen Handelsblad, 13 december 1896.
- ↑ "Vergadering van het KIvI", Utrechts dagblad, 14 februari 1895.
- ↑ "Vergadering van het KIvI", Utrechts dagblad, 18 april 1895.
- ↑ "De Koninginnen te Arnhem.", De Telegraaf, 17 oktober 1897.
- ↑ "Nieuws uit provincie en gemeente", Arnhemse courant, 2 mei 1901. Geraadpleegd op 18 oktober 2025. – via Delpher.
- ↑ "Benoemingen", Algemeen Handelsblad, 25 juni 1901. Geraadpleegd op 18 oktober 2025. – via Delpher.
