Velomobiel

Oliebollentocht 2022. Zomereditie. Jaarlijks evenement van verzameling van velomobielen.

Een velomobiel is een gestroomlijnde ligfiets met een zelfdragende carrosserie van polyester, carbon of aluminium. Meestal heeft dit type ligfiets drie wielen. Er is er ook een model met vier wielen, de Quatrevelo van velomobiel.nl. Een velomobiel met twee wielen wordt een streamliner genoemd.

De afbeeldig geeft een beeld van velomobielen in 2023. De afgelopen tien jaar heeft de velomobiel een grote ontwikkeling meegmaakt en is daardoor nog weer efficienter en comfortabeler geworden.

De meeste velomobielen hebben een houding en aandrijving die overeenkomt met ligfietsen. Van meer zittend tot meer liggend al naar gelang de voorkeur. Door de aërodynamisch gevormde carrosserie kan bij gelijke inspanning een hoge snelheid behaald worden of anders gezegd, bij gelijke snelheid een lagere inspanning.

Voordelen

Het voordeel van een velomobiel ten opzichte van andere fietsen is met name door de carrosserie. Daardoor heb je minder last van vervelende weersomsandigheden. Je zit als het ware uit de wind en daarmee kou en desgewenst ook regen. Er is ruimte voor kleding en spullen, die bovendien droog meegenomen kunnen worden. De aandrijflijn zoals ketting is veelal compleet intern zodat die minder slijt en minder onderhoud nodig heeft. De carrosserie vermindert ook de luchtweerstand van de fiets, waardoor met eenzelfde inspanning hogere snelheden mogelijk zijn of bij gelijke snelheid een lagere inspanning. Oftewel wel ergens in redelijke tijd kunnen komen of de straal van leuke routes sterk vergroten.

Naast voor plezier en conditie wordt een velomobiel veel voor woon-werk gebruikt. Een velomobiel kan afhankelijk van traject voor lange afstanden de auto in het woon-werkverkeer vervangen. De carrosserie is meestal zodanig dat alleen het hoofd nog buiten de fiets steekt. Sommige velomobielen hebben een kantelmechanisme van de overkapping zodat instappen vergemakkelijkt wordt. De meeste modellen hebben omwille van de stevigheid en aerodynamica een kleiner instapgat, dat dan vaak nog goeddeels overdekt kan worden met een schuimrubberkap. Recente jaren worden racekappen steeds vaker gebruikt omdat ventilatie van velomobielen veel beter geworden en daarmee het zicht.

Deze racekappen waarbij ook het hoofd overdekt is, zorgen voor een verder lage luchtweerstand waardoor een nog hogere snelheid mogelijk is een nog lagere inspanning bij gelijke snelheid. Recent worden geheel dichte racekappen ook steeds vaker gebruikt omdat men al fietsend nog steeds veel warmte genereert en beslaan van de ramen op de loer ligt, maar door de veel betere ventialtie van recentere modellen is dit sterk verbeterd. Hiervoor is een gat in de neus van de velomobiel voor de aanvoer en gaten in de achterkant voor de afvoer van lucht. Hierdoor ontstaat een (regelbare) luchtstroom door de velomobiel. De inmiddels veel gebruikte helmvizieren maken dubbel glas/pinlock en ruitenwissers specifiek voor velomobielen mogeljk, waardoor het comfort verder verhoogd is.

Nadelen

Een velomobiel is minder wendbaar dan een gewone fiets en daardoor minder geschikt voor gebruik in een stad. Met een gewicht van ongeveer 20-35 kilo is hij zwaarder dan een gewone fiets, waardoor het moeilijker is om een steile berg op te gaan of snel op snelheid te komen. Stalling is door de afmetingen lastiger dan bij een normale fiets. De carbon carrosserie is kwetsbaarder voor schade. De verkregen snelheid/inspanning is verslavend bij steiging van conditie.

Quest en Strada

Geschiedenis

De eerste moderne velomobiel die commercieel werd verkocht was de Leitra, sinds 1980 gebouwd door de Deen Carl Georg Rasmussen. Hij bouwde en verkocht een volledige overkapte fiets die vijfentwintig kilo woog. Nog steeds is dit een van de lichtste velomobielen die leverbaar zijn. Midden jaren tachtig verscheen de Verhees Alleweder, gemaakt door de Belg Bart Verhees.[1] Op dit moment maakt onder andere Alligt nog steeds een velomobiel op basis van dit concept. Het ging/gaat om een aluminium fiets op basis van een zelfdragende carrosserie. Dit concept is overgenomen door Flevobike voor hun Alleweder. Later zijn daar carbon en polyester opvolgers voor gekomen, zoals de Limit, Quest, Strada, Mango, WAW, Cabbike, Go-one, Aerorider, Snoek, Alpha7, Quatrevelo en DF van fabrikanten als Velomobiel.nl, InterCityBike, Flevobike, Fietser.be, Räderwerk en Sinner/Drymer. Met de Quest beleefde de velomobiel een boom.

De nieuwste generatie zoals Bülk, Snoek en M9 varianten brengen in brede zin verbeteringen, maar vooral in stijfheid, ventilatie en verlichting. Hiermee kan met een conditie van een gemiddelde Nederlander 30-40 km/u gefietsen worden. Of relaxed 25-35. Bij redelijk opgebouwde conditie gaat dit naar 40-50 met peiken van > 60. KOMs op Strava worden dan ook veelal met de helft tot aan maar een derde van de inspaning geleverd.

Wereldwijd zijn er diverse velomobielbouwers, waarvan de meeste in Nederland gevestigd zijn. De fabricage vindt tegenwoordig vooral plaats in Roemenië en Tsjechië. De velomobiel is door de UCI nog altijd uitgesloten van wedstrijden zoals de Tour de France. Met velomobielen wordt geracet tijdens ligfietswedstrijden over de hele wereld, snelheidstrijd op Battele Mountain en lange afstandritten zoals randonneurstochten.

Op 14 september 2013 brak de Nederlander Sebastiaan Bowier met 133,78 km/h het wereldsnelheidsrecord voor mensaangedreven voertuigen. Dit deed hij in de VeloX 3, een hoogtechnologische velomobiel ontwikkeld door studenten van het Human Power Team Delft & Amsterdam.[2] Dit record werd in 2016 scherper gezet door Todd Reichert op 144 km/h tijdens de World Human Powered Speed Challenge.

Zie de categorie Velomobiles van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.