Utetitan

Utetitan

Utetitan is een geslacht van plantenetende sauropode dinosauriërs, behorend tot de Titanosauriformes, dat tijdens het late Krijt leefde in het gebied van het huidige Noord-Amerika. De enige benoemde soort is Utetitan zellaguymondeweyae.

Vondst en naamgeving

Op 15 juni 1937 werd op de North Horn Mountain in Utah tijdens een expeditie door de Smithsonian Institution door George B. Pearce een skelet gevonden van een sauropode. Dit werd in 1946 door Charles Whitney Gilmore postuum toegewezen aan Alamosaurus en zou dan het belangrijkste bekende fossiel materiaal van dit taxon vertegenwoordigen. Pearce ontdekte op dezelfde locatie nog een tweede skelet dat hij niet opgroef. In 1966 borg preparateur James Alvin Jensen hiervan wat botten. In september 1977 lokaliseerde Jensen de exacte positie van het oorspronkelijke skelet en verzamelde nog wat materiaal.

De vindplaats in 1937 met Gilmore in beeld en in 2013

Het holotype van Alamosaurus is van slechte kwaliteit en werd door sommigen als een ongeldig nomen dubium beschouwd, ondanks dat in de loop der jaren zowat ieder sauropodenskelet uit het Opper-Krijt van Noord-Amerika eraan was toegewezen. In het begin van de eenentwintigste eeuw barstte een discussie los tussen sauropodenexperts over de vraag of het skelet uit Utah als vervangend neotype moest worden aangewezen zonder dat daarover consensus ontstond. De natuurvorser Gregory S. Paul nam hierover een scherp standpunt in: Alamosaurus was geldig, maar moest gezien de herkomst uit het vroege Maastrichtien onderscheiden worden van de vondst uit Utah die dateerde uit het late Maastrichtien. Tussen beide ligt een hiaat van drie à vier miljoen jaar. Paul was een van de vroege verkondigers van de gedachte dat dinosauriërs warmbloedig waren. In dat geval zouden ze ook sneller evolueren en het geen miljoenen jaren uithouden zonder te splitsen. Vaak had hij nieuwe soorten benoemd in een geslacht, maar die namen sloegen nooit echt aan, ook omdat het ouderwets geworden was niet iedere soort een eigen geslachtsnaam te geven. Nu besloot hij hierin mee te gaan. In 2024 benoemde hij voor de sauropode uit Utah het aparte geslacht Utetitan. Dat deed hij echter in de derde editie van zijn The Princeton Field Guide to Dinosaurs, waarin hij een voorbehoud maakte voor alle nieuwe namen. Volgens de regels van het ICZN maakt dat deze ongeldig. Daarom schreef hij een regulier benoemend wetenschappelijk artikel waarin deze soortnaam zoals verplicht werd aangeduid als een genus en species nova.

Een reconstructie van het holotype en een jong exemplaar van Utetitan met de ontbrekende delen aangevuld met gegeneraliseerd titanosaurisch materiaal. De maatbalk meet twee meter

In 2025 benoemde Paul de typesoort Utetitan zellaguymondeweyae. De geslachtsnaam combineert een verwijzing naar de inheemse Ute, waarnaar Utah vernoemd is, met het Grieks titaan, een lid van het mythologische geslacht van reuzen. De soortaanduiding eert wijlen zijn grootmoeder Zella Guymon Dewey, die in de nabijheid van de vindplaats woonde. De publicatie was in een elektronisch tijdschrift en de verplichte Life Science Identifiers werden niet aangegeven, maar de naam zal geldig worden door een gedrukte editie.

Het holotype, USNM 15560, is gevonden in de onderste North Horn-formatie die dateert uit het late Maastrichtien. Het bestaat uit een skelet zonder schedel. Het bestaat uit ribben van de romp, de eerste dertig staartwervels, vijfentwintig chevrons, beide borstbeenderen, de rechterschoudergordel, de rechtervoorpoot, beide zitbeenderen en osteodermen.

Toegewezen werden de specimina BIBE 45958: een stuk linkerschouderblad van een jong dier; BYU 9087: de bovenkant van een linkeropperarmbeen en linkerdijbeen; BYU 11392: een voorste staartwervel en BYU 11393: een voorste staartwervel. Alle stammen weer uit het late Maastrichtien.

Resten uit het Campanien zouden volgens Paul tot Alamosaurus noch Utetitan behoren.

Beschrijving

De kenmerken; bij A het holotype en BIBE 45958 in het midden vergeleken met Alamosaurus links

Paul zag ervan af een schatting te geven van de lengte. Het artikel bevat een reconstructie van het holotype waarin het een lengte heeft van zo'n vijftien meter. Hij schatte het gewicht ervan op zestien tot zeventien ton. Eerder was wel aangenomen dat Alamosaurus een van de grootste sauropoden was. Paul betwijfelde dat sterk. Geen van de ooit aan Alamosaurus toegewezen exemplaren zou volgens hem wijzen op een gewicht boven de dertig ton.

Zes kenmerken gaf Paul aan waarin Utetitan van Alamosaurus verschilt. De processus acromialis van het schouderblad steekt sterk uit. De achterrand van het schouderblad is sterk gegolfd zodat een uitstekende driehoekige tak bij het schoudergewricht gevormd wordt. Boven het schoudergewricht bevinden zich gepaarde bultjes die vrij sterk uitsteken en ver uit elkaar staan. De bovenste achterrand van het schouderblad steekt verder uit. De buitenste zijtak van het zitbeen is beperkt van omvang. De achterste bovenrand van het zitbeen vormt een matig holle welving. Een laatste verschil werd onder voorbehoud gegeven: het dijbeen zou robuuster kunnen zijn. Ook het eerste kenmerk is omstreden: het werd in 2011 door Michael D'Emic geweten aan een vervorming van het fossiel. Paul weerlegde dit door te wijzen op het juveniele specimen BIBE 45958 dat ook een groot acromion bezit.

Fylogenie

Utetitan werd binnen de Titanosauria in een eigen Utetitaninae geplaatst dat echter door Paul niet als klade gedefinieerd werd.

Literatuur