Thomas R. R. Cobb
| Thomas R. R. Cobb | ||
|---|---|---|
![]() | ||
Cobb in uniform | ||
| Geboren | 10 april 1823 Jefferson County, Georgia | |
| Overleden | 13 december 1862 Fredericksburg, Virginia | |
| Rustplaats | Oconee Hill Cemetery Athens, Georgia | |
| Land/zijde | ||
| Onderdeel | ||
| Dienstjaren | 1861-1862 (CSA) | |
| Rang | ||
| Bevel | Cobb's Legion Cobb's Brigade | |
| Slagen/oorlogen | Amerikaanse Burgeroorlog | |
| Thomas R. R. Cobb | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
T. R. R. Cobb door Horace James Bradley | ||||
| Lid van het Voorlopig Congres van de Geconfedereerde Staten van Amerika voor Georgia | ||||
| Aangetreden | 8 februari 1861 | |||
| Einde termijn | 17 februari 1862 | |||
| Voorganger | nieuwe functie | |||
| Opvolger | functie werd afgeschaft | |||
| ||||
Thomas Reade Rootes Cobb (Jefferson County, 10 april 1823 – Fredericksburg, 13 december 1862), ook gekend als T. R. R. Cobb was een Amerikaans politicus, advocaat, auteur en militair. Tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog klom hij op tot de rang van brigadegeneraal. Hij sneuvelde tijdens de Slag bij Fredericksburg voor zijn benoeming officieel bevestigd werd door de Zuidelijke senaat. Hij was de broer van Howell Cobb.
Vroege jaren
Thomas R.R. Cobb werd geboren op 10 april 1823 in Jefferson County, Georgia. Hij was de zoon van John A. Cobb en Sarah Rootes en de jongere broer van Howell Cobb. Na zijn schooltijd studeerde Cobb aan de Franklin College of Arts and Sciences waar hij in 1841 afstudeerde.[1] In 1842 werd hij toegelaten tot de balie.
Cobb huwde met Marion Lumpkin, de dochter van Joseph Henry Lumpkin die voorzitter was van het hooggerechsthof in Georgia. Slechts drie van hun kinderen zouden hun kindertijd overleven. Callender (Callie) die later met Augustus Longstreet Hull huwde. Sarah A. (Sally) die later Henry Jackson huwde, de zoon van Henry R. Jackson en Marion (Birdie) die later met Michael Hoke Smith huwde. Het Lucy Cobb Institute waarvan Cobb de stichter was, werd vernoemd naar zijn dochter die net overleed voor de school de deuren opende in 1859.
Tussen 1849 en 1857 werkte Cobb voor het hooggerechtshof in Georgia. Hij was een vurig voorstander van secessie en slavernij. In 1858 schreef hij een stuk over de wetgeving omtrent slavernij met de titel: An Inquiry into the Law of Negro Slavery in the United States of America (1858).[2] Deze uiteenzetting was een van de meest exhaustieve verhandelingen omtrent het onderwerp.[3] Hij greep terug op een reeks van voorbeelden uit de wereldgeschiedenis om aan te tonen dat het deel uitmaakte van de menselijke natuur. Hij stipte de economische voordelen aan en verwees naar populaire “wetenschappelijke” literatuur om de blanke superioriteit te bewijzen.[4]
Cobb was een van de stichters van de University of Georgia School of Law. Hij zetelde in de commissie waarbij het gewoonterecht in Georgia gecatalogeerd en gecodificeerd werd. Het resulteerde in de Georgia Code van 1861 en was de eerste poging om het gewoonterecht in de Verenigde Staten op deze manier te publiceren[5] en de voorloper van het hedendaagse wetboek Official Code of Georgia Annotated. Het originele wetboek was geschreven door en voor aanhangers van de blanke superioriteit en slavernij. Afro-Amerikanen werden als slaven beschouwd tot het tegendeel bewezen werd.[6] Dit wetboek werd pas in 1867 aangepast.
Amerikaanse Burgeroorlog
Toen na de verkiezingen van Abraham Lincoln verschillende Zuidelijke staten zich afkeerden van de Verenigde Staten werd Cobb verkozen om te zetelen in het Congres van de Geconfedereerde Staten van Amerika. Hij werd aangesteld als voorzitter van het comité voor militaire aangelegenheden, maar hij was voornamelijk actief in het comité om een nieuwe grondwet te schrijven.
In de late zomer van 1861 rekruteerde en bewapende Cobb zijn eigen Cobb's Legion. Deze eenheid werd opgenomen in het Confederate States Army en Cobb werd op 28 augustus 1861 benoemd tot kolonel. Cobb’s Legion werd ingedeeld in het Army of Northern Virginia en zou zware verliezen lijden tijdens de Marylandveldtocht. Op 1 november 1862 werd Cobb bevorderd tot brigadegeneraal.

Tijdens de Slag bij Fredericksburg raakte Cobb zwaar gewond aan zijn dijbeen. Hij werd geraakt door een granaatscherf van een Noordelijke projectiel en bloedde ter plaatse dood.[7] Zijn bevordering was nog niet officieel bevestigd op het tijdstip van zijn overlijden. Hij werd begraven op het Oconee Hill Cemetery in Athens, Georgia.
Zie ook
Voetnoten
- ↑ Eicher, John H., and Eicher, David J., Civil War High Commands, Stanford University Press, 2001; ISBN 978-0-8047-3641-1, p. 592.
- ↑ Morris, Thomas D., Southern Slavery and the Law, 1619–1860, University of North Carolina Press, 1996, ISBN 978-0-8078-4817-3, p. 18.
- ↑ Alfred L. Brophy, University, Court, and Slave: Pro-Slavery Thought in Southern Colleges and Courts and the Coming of Civil War (2016): 227-53.
- ↑ Alfred L. Brophy, Antislavery Women and the Origins of American Jurisprudence, Texas Law Review 94 (2015): 115, 123-25.
- ↑ McCash, William B (1978). Thomas Cobb and the Codification of Georgia Law. The Georgia Historical Quarterly 62 (1): 9–23.
- ↑ Andrew P. Morriss, "Georgia Code (1861)," in Slavery in the United States: A Social, Political, And Historical Encyclopedia, vol. 1, ed. Junius P. Rodriguez (Santa Barbara: ABC-CLIO, 2007), 314-315.
- ↑ O'Reilly, p. 296; Eicher, p. 592.
Bronnen
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Thomas R. R. Cobb op de Engelstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- Eicher, John H., and Eicher, David J., Civil War High Commands, Stanford University Press, 2001; ISBN 978-0-8047-3641-1
- McCash, William B. 1983. Thomas R.R. Cobb: The Making of a Southern Nationalist. Macon, GA: Mercer University Press.
- O'Reilly, Francis Augustín, The Fredericksburg Campaign: Winter War on the Rappahannock, Louisiana State University Press, 2003; ISBN 0-8071-3154-7
- Sifakis, Stewart. Who Was Who in the Civil War. New York: Facts On File, 1988; ISBN 978-0-8160-1055-4
- Warner, Ezra J. Generals in Gray: Lives of the Confederate Commanders. Baton Rouge: Louisiana State University Press, 1959; ISBN 978-0-8071-0823-9

