Kleine steentijm
| Kleine steentijm | ||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||||
| Clinopodium acinos (L.) Kuntze (1891) | ||||||||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||||||||
| Kleine steentijm op | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
Kleine steentijm (Clinopodium acinos, synoniemen: Calamintha acinos en Satureja acinos) is een plantensoort uit de lipbloemenfamilie (Lamiaceae).
Determinatie
Kleine steentijm is een laagblijvende, vaste, kruidachtige plant. De soort bloeit van juni tot in oktober. De bloemen zijn paarsblauw; heel soms komen ook witbloemige vormen voor. Kleine steentijm heeft bij de steel een uitzakking van de kelk.
Ecologie
Kleine steentijm is een xerothermofiele pioniersoort die voorkomt op zowel zandige, gruizige als en stenige substraten. De standplaatsen zijn kalkrijk, droog en staan blootgesteld aan het volle zonlicht, vaak met een expositie op het zuiden. Doorgaans is het substraat min of meer hellend. Karakteristieke standplaatsen van de soort zijn rotsvegetatie, kalkhellingen, duinhellinggraslanden en rivierduingraslanden.
Syntaxonomie
In de syntaxonomie staat kleine steentijm binnen de rotsvegetatie te boek als kensoort voor de associatie van tengere veldmuur. Binnen de duingraslanden geldt zij als kensoort voor de fakkelgras-orde.
Verspreiding
Kleine steentijm is in Nederland zeldzaam. Ze heeft alhier twee zwaartepunten: de rotsen van Zuid-Limburg en de kalkrijke duingraslanden van Noord- en Zuid-Holland. De soort staat op de Nederlandse en Belgische Rode Lijst als zeldzaam.
Fotogalerij
Externe links
- Kleine steentijm in het Nederlands Soortenregister
- Verspreiding in Nederland volgens NDFF Verspreidingsatlas
- Kaarten met waarnemingen:
.jpg)

