Stadsdelen van Amsterdam

De gemeente Amsterdam heeft sinds 1981 een aantal stadsdelen met een beperkte autonomie.
Geschiedenis
In de jaren 1960 en 1970 waren er enkele heftige oproeren in Amsterdam, onder andere de Ban de Bom-demonstratie, Bouwvakkersoproer (waarbij een bouwvakker overleed) en opvolgende Telegraafrellen. Bij deze rellen greep de gemeentelijke politie hard in. De regering onderzocht de achtergronden en concludeerde een regenteske sfeer van het gemeentebestuur en een grote kloof met de bevolking.[1]
In 1972 kwam buurtactivist Michael van der Vlis (PvdA) met het rapport Macht voor de wijken. In 1975 braken de Nieuwmarktrellen uit. In 1978 werd Van der Vlis wethouder en stelde het idee van stadsdelen voor en werd het principebesluit tot decentralisatie genomen. Wel was er flinke discussie over het aantal stadsdelen en de exacte rol. Op 3 juni 1981 werd door de gemeenteraad besloten tot een proef met twee stadsdelen: Noord en Osdorp. Dat deze stadsdelen gekozen werden voor de proef kwam omdat men zo de juiste maat (groot of klein) kon bepalen en omdat deze ver van het bevolkingsregister in het centrum lagen, waar men heen moest voor paspoort, rijbewijs en aangiften van geboorte, huwelijk en overlijden. Men hoopte dat de stadsdelen snel geaccepteerd zouden worden doordat men dichterbij kon blijven voor deze diensten. Op 28 oktober 1981 waren er verkiezingen voor de stadsdeelraden (met lage opkomst van 25-27%), waarbij veel lokale groeperingen meededen, en op 1 december dat jaar startten de stadsdelen, met een beperkt budget en klein ambtenarenapparaat. Deze stadsdelen hadden ook de functie van deelgemeente, dat wil zeggen dat ze een eigen verkozen stadsdeelraad en dagelijks bestuur hadden.[1]
Toen uit onderzoek (onder andere opiniepeilingen onder de bevolking) bleek dat de stadsdelen heel behoorlijk aan hun doelstellingen (een effectiever en efficiënter bestuur, dichter bij de bevolking) voldeden kwamen er in 1987 nog vier bij: De Pijp, Watergraafsmeer, Buitenveldert en Zuidoost. In 1990 volgden er nog tien, zodat er toen 16 stadsdelen waren, en in dat jaar kwam er ook een stadsdeelfonds waaruit de organisatie van de stadsdelen betaald werd. Er was veel kritiek op de verdeling van taken en financiële middelen tussen de centrale stad en de stadsdelen, en 16 stadsdelen werd als te veel gezien, vooral de kleine werden ineffectief gevonden. In 1998 waren er enkele fusies.[1]
Poging tot vorming van Stadsprovincie (1995)
Aansluitend aan de totstandkoming van de stadsdelen werd er in 1995 aan de vorming van de stadsprovincie Amsterdam gedacht. Die is er echter nooit gekomen. Volgens sommigen werden daarbij de zestien omliggende gemeenten (als nieuwe stadsdelen) geannexeerd, volgens anderen werd "Amsterdam" opgeheven. Bij een referendum bleken de meeste Amsterdammers het laatste te denken en zij stemden de stadsprovincie dus weg.[2] Voor het grondgebied van de oorspronkelijk gedachte stadsprovincie (met uitzondering van Almere) functioneert de plusregio stadsregio Amsterdam, met beperktere ambities, als opvolger van de stadsprovinciegedachte.
Laatste stadsdelen
In 2002 werd het stadsdeel Centrum (in de eerste instantie Binnenstad genoemd) als laatste ingesteld, maar het bedrijfsleven was tegen, en de bevolking ook, zo bleek uit een referendum waar 87% van de kiezers tegen was (maar de opkomst te laag). De hele gemeente was toen verdeeld in stadsdelen. Al deze stadsdelen, behalve de Westpoort, waren toen ook een deelgemeente, de Westpoort bleef door het centrale gemeentebestuur bestuurd worden. [1]
Herindeling stadsdelen (2010)

In 2006 kwam oud-wethouder Mark van der Horst met het boek Bestuurlijke spaghetti, waarin hij pleitte voor minder stadsdelen. Ook de media bleken niet te spreken over de stadsdelen, die vooral meer bureaucratie leken te brengen, maar anderen vonden dat de stadsdelen de stad inderdaad dichter bij de burger hadden gebracht, en bij wijkvernieuwing (zowel kleinschalig als bijv de grootschalige vernieuwing van de Bijlmer) hun waarde hadden bewezen.[1]
In 2008 werd door de gemeente de Commissie Mertens benoemd, die moest onderzoeken of het aantal stadsdelen verminderd kan worden. Begin 2009 kwam het voorstel om het aantal stadsdelen te halveren van veertien tot zeven. Ook de taakverdeling tussen centrale stad en de stadsdelen werd gewijzigd. Op 14 april 2009 besloten burgemeester en wethouders om dit voorstel over te nemen. De gemeenteraad heeft op 10 juni 2009 deze beslissing bekrachtigd.[3][4][5][6] De stad bestaat sinds 10 mei 2010 daarom uit 7 stadsdelen: Centrum, Noord, West, Nieuw-West, Zuid, Oost en Zuidoost. De bestaande stadsdeelgrenzen tussen West en Nieuw-West veranderden niet, dus in tegenstelling tot eerdere plannen is niet de A10 de grens, maar hoort de Kolenkitbuurt nog bij Bos en Lommer en het Rembrandtpark bij Nieuw-West.[6][7] Alle stadsdelen verloren op dat moment hun eigen beeldmerk en droegen alleen nog de drie kruizen van de gemeente Amsterdam als beeldmerk.
De stadsdelen hadden op dat moment tussen de 80.000 en 160.000 inwoners en hebben daarmee de omvang van een middelgrote gemeente. Het waren in vergaande mate autonome gemeenten: alle gemeentelijke taken en bevoegdheden zijn aan hen overgedragen met uitzondering van enerzijds de zogenaamde A-taken die de Gemeente Amsterdam in de Verordening op de Stadsdelen uitdrukkelijk aan het centrale bestuur (de Centrale Stad) heeft voorbehouden en anderzijds de speciale bevoegdheden van de burgemeester (openbare orde, en dergelijke) waarvan de wet overdracht niet toestaat. De stadsdelen zijn dus onder andere verantwoordelijk voor:
- bouw en onderhoud van woningen, bouwvergunningen voor woningen, kantoren en bedrijven, de ruimtelijke inrichting, het bouwtoezicht.
- beheer en onderhoud van vrijwel de gehele openbare ruimte, het lokale verkeers- en parkeerbeleid.
- lokaal-gemeentelijke taken op het gebied van welzijn, sport, onderwijs, kunst en cultuur. Ondersteuning van de instellingen op die gebieden.
- het grootste deel van de gemeentelijke dienstverlening aan de bevolking (reiniging, openbare verlichting, stadstoezicht, allerhande informatie en vergunningen).
- voor bevolkingszaken (een burgemeestersbevoegdheid) kan men ook op het stadsdeelkantoor terecht.
Alle wetten en regels die Nederland kent voor gemeenten, gelden op overeenkomstige wijze voor de stadsdelen. Dat geldt ook voor hun inrichting. Zo waren er tot 2014 een Stadsdeelraad (op dezelfde wijze gekozen als een gemeenteraad), een dagelijks bestuur (B&W), een DB-voorzitter (burgemeester), etc. Enige uitzondering: de stadsdelen kennen een (door de Raad) "gekozen burgemeester" (de DB-voorzitter).
De stadsdelen hebben een volwaardig ambtelijk apparaat (zoals gemeenten dat hebben) en kunnen beschikken over een eigen budget. Een belangrijk deel van het gemeentelijk budget van Amsterdam is via het Stadsdeelfonds (à la het Gemeentefonds) overgedragen aan de stadsdelen en staat vrij tot hun beschikking.
Verminderde rol stadsdelen
In 2011 wordt bekendgemaakt dat minister Donner in 2014 af wil van de deelgemeenten van zowel Amsterdam als Rotterdam. Hij heeft daartoe een wetsvoorstel voorgelegd aan de twee steden en aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Dat de deelgemeenten zouden verdwijnen stond al in het regeerakkoord, maar nog zonder jaartal. Volgens Donner zijn de deelgemeenten steeds meer gaan lijken op een extra bestuursorgaan. Hij vindt dat onwenselijk omdat hij juist streeft naar een kleinere overheid.
Op 19 maart 2014 is de Wet van 7 februari 2013 tot wijziging van de Gemeentewet en enige andere wetten in verband met het afschaffen van de bevoegdheid van gemeentebesturen om deelgemeenten in te stellen in werking getreden. Hiermee hadden de stadsdelen geen functie als deelgemeente meer. Wel hebben ze nog een eigen deelraad in de vorm van een gekozen bestuurscommissie. De centrale stad krijgt een grotere rol op terreinen die voorheen door de stadsdelen werden bestuurd.
In 2018 worden de bestuurscommissies vervangen door adviescommissies, die een nog beperktere rol hebben en alleen nog advies kunnen geven aan de gemeenteraad.
Op 24 maart 2022 is de gemeente Weesp opgegaan in de gemeente Amsterdam. Het grondgebied van Weesp, inclusief het dorp Driemond (voor die tijd onderdeel van stadsdeel Zuidoost), is een nieuw stadsdeel, onder de noemer stadsgebied geworden.
Stadsdelen van Amsterdam
| Naam | Ingesteld op | Einde | Opmerkingen |
|---|---|---|---|
| Centrum | 6 maart 2002 | Opgericht als Binnenstad maar op onbekende datum hernoemd tot Centrum | |
| Nieuw-West | 1 mei 2010 | ||
| Geuzenveld/Slotermeer | 21 maart 1990 | 30 april 2010 | Opgegaan in Nieuw-West |
| Osdorp | 1 december 1981 | 30 april 2010 | Opgegaan in Nieuw-West |
| Slotervaart/Overtoomsche Veld | 21 maart 1990 | 30 april 2010 | In 2004 hernoemd tot Slotervaart. Opgegaan in Nieuw-West |
| Westpoort | 21 maart 1990 | 1 januari 2015 | Westpoort is nooit een eigen deelgemeente geweest en heeft nooit een stadsdeelraad gehad.
Opgegaan in West (ten oosten van A10) en Nieuw-West (ten westen van A10). |
| Noord | 1 december 1981 | ||
| Oost | 1 mei 2010 | ||
| Oost-Watergraafsmeer | 4 maart 1998 | 30 april 2010 | Opgegaan in Oost. |
| Oost (historisch) | 21 maart 1990 | 1998 | Opgegaan in Oost-Watergraafsmeer. |
| Watergraafsmeer | 1987 | 1998 | Opgegaan in Oost-Watergraafsmeer. |
| Zeeburg | 21 maart 1990 | 30 april 2010 | In 1990 opgericht als Indische Buurt/Oostelijk Havengebied, maar in datzelfde jaar hernoemd tot Zeeburg. Opgegaan in Oost. |
| West | 1 mei 2010 | ||
| De Baarsjes | 21 maart 1990 | 30 april 2010 | Opgegaan in West |
| Bos en Lommer | 21 maart 1990 | 30 april 2010 | Opgegaan in West |
| Oud-West | 21 maart 1990 | 30 april 2010 | Opgegaan in West |
| Westerpark | 21 maart 1990 | 30 april 2010 | Opgegaan in West |
| Zuid | 1 mei 2010 | ||
| Buitenveldert | 1987 | 1998 | Opgegaan in Zuideramstel |
| Oud-Zuid | 4 maart 1998 | 30 april 2010 | Opgegaan in Zuid |
| De Pijp | 1987 | 1998 | Opgegaan in Oud-Zuid |
| Zuid (historisch) | 21 maart 1990 | 1998 | Opgegaan in Zuideramstel (Prinses Irenebuurt) en Oud-Zuid (rest) |
| Rivierenbuurt | 21 maart 1990 | 1998 | Opgegaan in Zuideramstel |
| Zuideramstel | 4 maart 1998 | 30 april 2010 | Opgegaan in Zuid |
| Zuidoost | 1987 | Bij de fusie van Weesp en Amsterdam is Driemond vanuit stadsdeel Zuidoost overgegaan naar stadsgebied Weesp | |
| Weesp | 24 maart 2022 | Weesp wordt stadsgebied genoemd. |
De vetgedrukte stadsdelen zijn nog steeds stadsdeel of stadsgebied van Amsterdam.
Bronnen
- 1 2 3 4 5 25 jaar Stadsdelen. Ons Amsterdam. Geraadpleegd op 1 november 2025.
- ↑ Amsterdammers: nee tegen stadsprovincie, Trouw, 18 mei 1995
- ↑ Amsterdam halveert aantal stadsdelen nu.nl. Gearchiveerd op 7 juli 2018.
- ↑ Aantal stadsdelen wordt gehalveerd, Het Parool, 10 juni 2009. Gearchiveerd op 21 december 2018.
- ↑ Amsterdam neemt afscheid van helft stadsdelen, Het Parool, 10 juni 2009. Gearchiveerd op 1 april 2018.
- 1 2 Amsterdam telt vanaf 1 mei 2010 zeven stadsdelen, Amsterdam.nl, juli 2009.
- ↑ College: halvering stadsdelen, Het Parool, 15 april 2009. Gearchiveerd op 1 april 2018.