Smyrna (Anatolië)

Het forum van Smyrna (zuilen van de westelijke stoa).

Smyrna (Oudgrieks: Σμύρνη, Smýrnē) is de Griekse naam voor het huidige İzmir in Turkije.

Geschiedenis van Smyrna

De naam van de stad zou afkomstig zijn van de naam van een koningin, Samornia, die over de streek rond de stad regeerde. Smyrna ontstond in de 11e eeuw v.Chr. als Aeolische kolonie en werd in de 7e eeuw v.Chr. een Ionische stad. De Lydische koning Alyattes vernietigde de stad in 630 v.Chr. en in 575 v.Chr. werd Smyrna een Lydische stad. Bij de verovering van Smyrna door de Perzen in 545 v.Chr. werd de stad volledig vernietigd, omdat de stad had geweigerd de Perzen te steunen in hun oorlog tegen de Lydiërs. Alexander de Grote herbouwde Smyrna rond 330 v.Chr. na een oproep van het orakel van Clarus. Later zowel binnen het Hellenistische Rijk als het Romeinse Rijk is het een belangrijke handel- en havenstad geweest.

In de 7e eeuw n. Chr. werd de stad overvallen door Arabieren. Eeuwen later veroverden de Seltsjoeken de stad op de Byzantijnen, maar in 1079 heroverden dezen de stad. In 1415 ging de stad na een turbulente periode deel uitmaken van het Ottomaanse Rijk. Vanaf 1612 bestonden betrekkingen tussen de Republiek en het Osmaanse Rijk, bekend als de Capitulatie van de Sultan.

Handel

In 1625 verbonden een aantal Amsterdamse kooplieden zich tot de Directie van de Levantse handel en de Navigatie op de Middellandse Zee. De eerste Nederlandse consul in Smyrna werd in 1656 benoemd. Er was een kleine Nederlandse gemeenschap en er was tot in de 19e eeuw een Nederlands kerkhof. Belangrijk voor de handel waren - naast katoen, zijde en wol - indigo (kleurstof), gewonnen uit wede en galnoten. In de tweede helft van de 17e eeuw woonden er in Smyrna 10.000 buitenlanders. Joodse handelaren waren belangrijk in de handelscontacten met de Turkse autoriteiten, maar ook de Fransen en Engelsen waren in Smyrna aanwezig. Veel buitenlanders gingen modieus en à la Turca gekleed. Een belangrijk deel van de handel in oosterse tapijten naar Europa verliep via Smyrna. Deze tapijten werden verhandeld onder de naam Smyrnatapijten. Dikke wollen garens, zoals ze worden gebruikt voor tapijten, worden wel Smyrnagarens genoemd. Het hoogtepunt van de tapijthandel in de stad was in de negentiende eeuw.

Moeilijke tijden

Smyrna werd regelmatig getroffen door pest (o.a. 1678 en 1689) en cholera-epidemieën. Om die te ontvluchten hadden de rijkere mensen vaak een tweede huis buiten de stad, dat ook dienstdeed als verblijf tijdens de zomermaanden en het jachtseizoen. Vooral in Seydiköy, waar consul Jacob Van Dam en later zijn opvolger Daniël Jean de Hochepied (consul van 1688 tot zijn dood in 1723), een consulair buitenverblijf hadden, was een druk sociaal leven. De Hochepied werd opgevolgd door zijn derde zoon, Daniël Alexander (19 april 1689). Tot in de 20ste eeuw leverde deze familie consuls op.

De aardbeving van 10 juli 1688 kostte naar schatting aan 15.000 mensen het leven. De bovenstad, waar vooral Turken woonden, lag vrijwel geheel in puin en van de Europese benedenbuurt was weinig over. De kanselarijarchieven werden verwoest. Drie rooms-katholieke kerken, veertien moskeeën en vele handelshuizen en woningen werden in puin gelegd. Toen Daniël Jean de Hochepied (1657-1723), de nieuwe consul, aankwam, was alles weer rustig, en al gauw waren er twintig Hollandse handelshuizen die goede zaken deden.

Van Smyrna naar İzmir (1918–1923)

Aan het einde van de Eerste Wereldoorlog maakte Smyrna deel uit van het Ottomaanse Rijk. De stad was een belangrijk economisch en cultureel centrum met een gemengde bevolking en sterke handelscontacten met Europa. Tijdens het Ottomaanse bestuur werd de stad al eeuwenlang aangeduid als İzmir door de lokale bevolking, terwijl de klassieke naam Smyrna in Europese talen bleef bestaan. De naam İzmir is etymologisch een fonetische ontwikkeling van de oudere naam Smyrna, die al in de Oudheid voorkwam.

Na de wapenstilstand van 1918 en het uiteenvallen van het Ottomaanse Rijk werd de toekomst van West-Anatolië onderwerp van internationale onderhandelingen. Met goedkeuring van de geallieerden landden op 15 mei 1919 Griekse troepen in Smyrna met het irredentistische doel van de Megali Idea, namelijk gebieden met Griekse aanwezigheid in Anatolië aan Griekenland toe te voegen. De behandeling van de Turken onder Grieks bewind leidde tot een gewapend conflict tussen Griekenland en de Turkse Onafhankelijkheidsoorlog onder leiding van Mustafa Kemal Atatürk, dat deel uitmaakte van de Grieks-Turkse oorlog.

Op 9 september 1922 heroverden de Turkse troepen Smyrna, een gebeurtenis die in Turkije herdacht wordt als de bevrijding van İzmir, en die een einde markeerde aan de Griekse bezetting sinds 1919. Kort daarna brak een grootschalige brand uit die grote delen van de stad vernielde. De precieze oorzaak en verantwoordelijkheid van de brand blijven onderwerp van historisch onderzoek.

In 1923 erkende het Verdrag van Lausanne de soevereiniteit van de nieuw gevormde Turkse Republiek en regelde de grenzen van het land. In hetzelfde verdrag werd ook een Bevolkingsuitwisseling tussen Griekenland en Turkije afgesproken en door beide partijen ondertekend. Hierbij vertrokken de orthodox-christelijke inwoners van Anatolië naar Griekenland, terwijl moslims uit Griekenland naar Turkije verhuisden. Uitzonderingen golden voor bepaalde minderheden, zoals de Griekse bevolking van Istanbul en de eilanden Gökçeada en Bozcaada en de moslimminderheid in West-Thracië, die een officiële minderheidsstatus behielden.

Na deze ontwikkelingen werd de stad officieel internationaal aangeduid met haar Turkse naam İzmir en begon een nieuwe fase in haar geschiedenis als onderdeel van de Turkse Republiek.

Smyrna en de Bijbel

In het Bijbelboek Openbaring komt Smyrna voor als een van de zeven gemeenten in Klein-Azië, samen met Efeze, Pergamum, Thyateira, Sardes, Filadelfia en Laodicea. in Openbaringen 1 schrijft Johannes (die dan op Patmos zit, en van God de opdracht krijgt alles wat hij hoort op te schrijven) het volgende: "Hetgeen gij ziet, schrijf dat in een boek en zend het aan de zeven gemeenten." In Openbaring 2:8-11 staat het volgende: "Schrijf aan de engel der gemeente Smyrna: Dit zegt de eerste en de laatste, die dood geweest is en levend geworden: Ik weet uw verdrukking en armoede, hoewel gij rijk zijt, en de laster van hen, die zeggen, dat zij Joden zijn, doch het niet zijn, maar een synagoge des satans. Wees niet bevreesd voor hetgeen gij lijden zult. Zie, de duivel zal sommigen uwer in de gevangenis werpen opdat gij verzocht wordt, en gij zult een verdrukking hebben van tien dagen. Wees getrouw tot de dood en Ik zal u geven de kroon des levens. Wie een oor heeft die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt. Wie overwint, zal van de tweede dood geen schade lijden."

Overige

Smyrna is de geboorteplaats van Aristoteles Onassis. Ook van Homerus wordt gezegd dat hij in Smyrna geboren werd.

Verder lezen