Sint-Vitusholt
| Wijk van Oldambt | |
|---|---|
![]() | |
| Kerngegevens | |
| Gemeente | Oldambt |
| Coördinaten | 53°8'17"NB, 7°0'58"OL |
| Oppervlakte | 167 ha. |
| Inwoners (2008) |
620 |
Sint-Vitusholt (Gronings: 't Achterholt) is een voormalige buurtschap en een stadswijk in de gemeente Oldambt. Sint-Vitusholt ligt aan de zuidwestkant van de stad Winschoten. De naam verwijst naar Sint Vitus, de beschermheilige van Winschoten, en de uitgang -holt ('loofbos'). Het werd vroeger ook wel 't Achterholt of Achterhout genoemd. In 1548 wordt de buurtschap genoemd als Sunte Vijts Holt, in 1655 Achter S. Vijtsholt en in 1661 als Achter 't Holt..
In de middeleeuwen hadden Sint-Vitusholt en Zuiderveen samen een eigen parochiekerk, misschien een voorloper van de 13e-eeuwse dorpskerk aan het Marktplein. Misschien stond deze kerk bekend als de Oldenhove (onder andere genoemd in 1482), maar zeker is dat allerminst.[1] Deze oude kerk werd in 1543 afgebroken, waarna de stenen werden gebruikt voor dijkverzwaring.[2] Op de bekende kaart van Jacob van Deventer, gedrukt in 1545, staat een kerkgebouw met westtoren afgebeeld.[3]
Waar deze kerk zich precies heeft bevonden is nooit met zekerheid vastgesteld.[4] De Geïllustreerde Gids voor Winschoten uit 1907 dacht aan een verdwenen boerderij op de Hoogklei (ter hoogte van de spoorwegovergang), waar "steenen doodskisten" zouden zijn gevonden.[5] Een akte uit 1658 geeft aan dat er elders in Sint-Vitusholt een perceel pastorieland lag ("achter S. Vitus holt naest an de pastorie gelegen").[6] De vraag is of dit een afzonderlijke parochiekerk of een voorloper van de Marktpleinkerk betrof.[1] Het gegeven dat beide kerken lijken te zijn gewijd aan Sint Vitus doet het laatste vermoeden.
Het grondgebied van de buurtschap Sint-Vitusholt strekte zich uit tot vlak onder de rook van Winschoten. De oude Rensel, die vanaf de Venne naar het zuiden liep, vormde de scheiding. De oudste pastorie stond mogelijk aan de Vissersdijk (omgeving Lutherse kerk), waar een omgracht perceel kerkenland te vinden was. Later bevond deze pastorie, die bewoond werd door de tweede predikant, zich aan de Venne (nu Israëlplein). Het grondgebied van Sint Vitusholt werd (samen met Bovenburen) volgens sommige berichten pas in 1616 definitief bij Winschoten gevoegd.[7]
De naam Achterholt wordt ook wel verklaard uit het gegeven dat het gehucht - vanuit Winschoten geredeneerd - achter het Maintebos ligt.[8] Dit bos is echter pas na 1900 aangelegd, nadat het terrein eerder werd is gebruikt voor de kleiwinning ten behoeve van de steenfabrieken en pottenbakkerijen. Het gebied was daarnaast in gebruik als meentschaar of meente (vandaar de Groningse naam Maintebos), waar inwoners van Sint-Vitusholt die daartoe gerechtigd waren enkele stuks vee konden laten grazen.
Ten noorden van het oude Winschoterdiep (oftewel de Rensel) lag Bovenburen, aan de zuidkant bevond zich de buurtschap Zuiderveen.
Sint-Vitusholt kreeg in 1809 een eigen dorpsschool, betaald uit de kas van de Hervormde Kerk. In 1828 verrees een nieuw schoolgebouw bij het nieuwe kerkhof aan de Hofstraat, dat later werd uitgebreid en in 1906 vernieuwd. In 1853 had de school zo'n honderd leerlingen. Ook bevond zich in Sint-Vitusholt (tegenover de Hofstraat) een tijdlang een Vrije Evangelisch Gemeente, gesticht in 1873. De "oude kapel" en de bijbehorende pastorie bleven in gebruik tot 1896, ook nadat in 1876 een nieuw kerkgebouw in het centrum verrees.[9]
- 1 2 O.D.J. Roemeling, Patroonheiligen, priesters en predikanten in Groningen en Drenthe tot omstreeks 1640, zeer voorlopige versie, Leeuwarden 2019, p. 633, 1040-1042. Twee deimten land bij de Pekelham werden kort voor 1482 vermaakt aan de altaren van Pancratius en van unser leven vrouwen to den olden hove, die werden bediend door de bejaarde pastoor Popke, kostganger van het klooster te Heiligerlee. De pastoor to Oldenhove gebruikte in 1536 landerijen in de Pekel. Roemeling veronderstelt op grond hiervan dat de kerk van Sint-Vitusholt misschien aan Maria was gewijd. Een testament uit 1469 vermeldt een schenking aan de broderen ten Oldenhove, wellicht de boerderij van het klooster Ter Apel te Zuiderveen. Het zou echter evengoed om Oldenhove in het Westerkwartier kunnen gaan.
- ↑ Robert Jalink, 'Die Olde kercke mit den Toorn', in: Oud-Winschoten nr. 8 (2002), p. 12-16.
- ↑ H.J. Versfelt, 'De kerken van het Oldambt in 1545', in: Groninger Kerken 18 (2001), nr 1, p. 4-17, hier 15.
- ↑ De amateurhistoricus ing. B. Hazelhoff meende dat het ging om een perceel tegenover de Hofstraat, waar volgens overleveringen een kerk zou hebben gestaan en waar kloostermoppen werden gevonden. Robert Jalink vermoedt echter dat dit het kerkzaaltje van de Vrije Evangelische Gemeente betrof. Jalink, 'Die olde kercke mit den toorn', in: Oud Winschoten, nr. 8 (2002), p. 12-16.
- ↑ H. Schuurmans, Geïllustreerde Gids voor Winschoten en omstreken, Winschoten 1907, p. 37.
- ↑ Henny Groenendijk en Remi van Schaïk, 'Parochiekerken in het middeleeuwse landschap van Westerwolde', in: Groninger Kerken 42 (2025), nr. 2, p. 25-44, hier p. 35. De grond was in de 1832 gemeente-eigendom.
- ↑ J.F. Timmer en F.C. Oostman, Uit Winschotens Verleden, Winschoten 1950, herdr. 1999, p. 146.
- ↑ G. van Berkel & K. Samplonius, Nederlandse plaatsnamen verklaard, 2018, trefwoord Achterhout.
- ↑ Robert Jalink, 'Die olde kercke mit den toorn', in: Oud Winschoten, nr. 8 (2002), p. 12-16. Winschoter Courant, 19 april 1873.
