Sal Meijer (slager)
| Sal Meijer | ||
|---|---|---|
![]() | ||
Sal Meijer voor zijn zaak op de Nieuwmarkt in Amsterdam | ||
| Algemene informatie | ||
| Geboortedatum | 3 april 1906 | |
| Geboorteplaats | Amsterdam | |
| Overlijdensdatum | 16 maart 1994 | |
| Werk | ||
| Beroep | slager, horecaondernemer[1] | |
| De informatie in deze infobox is afkomstig van Wikidata. U kunt die informatie bewerken. | ||
Sal Meijer (1906 – 1994)[2] was een Amsterdamse slager en een markante figuur binnen het naoorlogse Joods-Amsterdamse leven. Hij verwierf bekendheid door zijn slagerij en broodjeszaak, die vanaf de jaren vijftig van de 20e eeuw uitgroeide tot een vaste ontmoetingsplek voor buurtbewoners, journalisten, kunstenaars en bezoekers uit binnen- en buitenland.
Biografie
Sal Meijer werd geboren in een Joods-Amsterdamse familie en maakte als jong volwassene de vooroorlogse Joodse gemeenschap van Amsterdam nog mee. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd deze wereld grotendeels vernietigd. Meijer overleefde de oorlog, maar droeg de ervaring van verlies, ontwrichting en ballingschap zijn verdere leven met zich mee. Deze achtergrond speelde een belangrijke rol in zijn persoonlijkheid, humor en manier van werken.
Na de oorlog vestigde hij zich als slager in Amsterdam. Anders dan veel tijdgenoten koos Meijer niet voor schaalvergroting of modernisering, maar voor een kleinschalige zaak waarin ambacht en persoonlijk contact centraal stonden.
Vanaf het einde van de jaren vijftig runde Sal Meijer een slagerij en broodjeszaak aan de Jodenbreestraat, later voortgezet aan de Nieuwmarkt. De zaak stond bekend om eenvoudige, traditioneel bereide producten, waaronder het broodje halfom en warm pekelvlees.
Hoewel het assortiment beperkt was, kreeg de zaak een reputatie die verder reikte dan de buurt. Voor vaste klanten was het niet alleen een plek om te eten, maar ook een sociale ontmoetingsruimte waar gesprekken, humor en herinneringen een vanzelfsprekend onderdeel vormden van het dagelijkse ritme.
Culturele betekenis
Sal Meijer groeide uit tot een bekende figuur binnen het Joods-Amsterdamse milieu en daarbuiten. Zijn zaak werd bezocht door journalisten, schrijvers en kunstenaars, en figureerde regelmatig in reportages en interviews. In journalistieke beschouwingen werd hij omschreven als een markant persoonlijkheidstype: eigenzinnig, humoristisch, soms scherp, maar ook uitgesproken menselijk.
In een in memoriam werd Meijer later aangeduid als een “Vorst van de Ballingschap”, een typering die verwees naar zijn belichaming van een verdwenen Joodse wereld, waarin vooroorlogse tradities, oorlogservaringen en naoorlogse wederopbouw samenkwamen.[3] Zijn betekenis werd daarbij niet zozeer gezocht in zijn producten, maar in de manier waarop hij zijn vak uitoefende en zijn identiteit belichaamde.
Joop van Tijn interviewde Sal Meijer voor ''Vrij Nederland''. Hierin sprak Meijer met humor en relativering over zijn vak, zijn klanten en zijn oorlogservaringen. Daarbij typeerde hij zijn broodjeszaak als een plek waar eten, gesprek en gemeenschapszin samenkwamen.[4] Ook in andere journalistieke artikelen werd zijn zaak omschreven als een vaste ontmoetingsplek voor buurtbewoners, kunstenaars, journalisten en bezoekers uit binnen- en buitenland, waarbij zijn persoonlijke stijl en humor een wezenlijk onderdeel vormden van de ervaring. Volgens het ''Nieuw Israëlietisch Weekblad'' werd Meijer niet alleen gewaardeerd om zijn producten, maar ook om de menselijke benadering en de levendige sfeer die hij in zijn zaak creëerde.[5]
Persoonlijkheid
Meijer stond bekend om zijn droge humor, relativeringsvermogen en uitgesproken meningen. In interviews benadrukte hij steevast het belang van vakmanschap, eenvoud en aandacht voor mensen. Hij sprak zelden over succes of roem, en beschouwde zijn werk vooral als een ambachtelijke en sociale bezigheid.
Zijn houding en taalgebruik weerspiegelden een generatie Joodse Amsterdammers die het vooroorlogse leven nog had gekend en zich na de oorlog opnieuw moest verhouden tot een veranderde stad en samenleving.
Overlijden en nalatenschap
Sal Meijer overleed in 1994.[6] Na zijn overlijden bleef hij voortleven in herinneringen, journalistieke artikelen en persoonlijke verhalen. Zijn nalatenschap wordt vooral gezien als cultureel en historisch van aard: een representatie van een verdwenen tijd, een specifieke mentaliteit en een vorm van stedelijke Joodse cultuur die niet los kan worden gezien van de twintigste-eeuwse geschiedenis van Amsterdam.
Bronnen
- Artikelen en interviews in onder meer Het Parool en het Nieuw Israëlietisch Weekblad
- ↑ Stadsarchief Amsterdam. Geraadpleegd op 19 januari 2026.
- ↑ Bevolkingsregistratie, 1906-04-03, Salomon Meijer. Stadsarchief Amsterdam. Gemeente Amsterdam. Geraadpleegd op 18 januari 2026.
- ↑ "Nieuw Israelietisch weekblad", Nieuw Israelietisch weekblad, 25 maart 1994. Geraadpleegd op 19 januari 2026.
- ↑ Joop van Tijn, Interview met Sal Meijer. Vrij Nederland.
- ↑ Tamara Benima, Artikel over Sal Meijer. Nieuw Israëlietisch Weekblad.
- ↑ Over ons. Stichting Erfgoed Sal Meijer. Geraadpleegd op 16 januari 2026.
Externe links
- Stichting Erfgoed Sal Meijer – onafhankelijke stichting die het erfgoed van Sal Meijer documenteert en bewaart.
.png)