Roeland van Kinschot (1712-1747)

Roeland van Kinschot
Algemene informatie
Geboortedatum 27 juni 1712Bewerken op Wikidata
Geboorteplaats Delft
Overlijdensdatum 10 november 1747Bewerken op Wikidata
Overlijdensplaats Brussel
Militair
Rang kolonel
Familie
Broers en zussen Johan Anthonie van Kinschot, Gaspar Rudolph van Kinschot, Sara Harpertina Gasparsdochter van Kinschot
Roeland van Kinschot
De informatie in deze infobox is afkomstig van Wikidata.
U kunt die informatie bewerken.

Roeland van Kinschot (Delft, 27 juni 1712 – Brussel, 10 november 1747) was een Nederlands militair uit het geslacht Van Kinschot. Hij was een zoon van Gaspar van Kinschot, burgemeester van Delft, en Catharina Cornelia van Kinschot. Johan Anthonie en Gaspard Rudolph waren zijn broers. Van Kinschot trad toe tot het Staatse leger en werd in 1742 bevorderd tot kolonel. In 1737 trouwde hij met Wilhelmine Louise Hesselt van Dinter; het echtpaar kreeg zes kinderen.

Handtekening van Roeland van Kinschot
Paspoort van Maarschalk Löwendal afgegeven aan Roeland van Kinschot

Regimenten

Van Kinschot werd benoemd bij resolutie van de Raad van State (17 september 1742) tot Kolonel Regimentscommandant als opvolger van Kolonel Doys. Na Van Kinschots overlijden werd dat regiment geïncorporeerd met het al bestaande Regiment Van Kinschot bij resolutie van de Staten-Generaal (21 mei 1748).

Beleg van Bergen op Zoom

Tijdens de Oostenrijkse Successieoorlog nam Van Kinschot met de rang van kolonel deel aan de verdediging van de Zuidelijke Nederlanden. In juli 1747 kreeg hij het bevel over een detachement van circa vijfhonderd man dat vanuit Zuid-Beveland naar Zandvliet werd gezonden om een versterkte post over te nemen.[1] Vervolgens was hij betrokken bij het beleg van Bergen op Zoom, waar Franse troepen onder maarschalk Löwendahl de vestingstad omsingelden. Van Kinschot voerde een deel van de verdediging in de buitenwerken aan, maar werd krijgsgevangen genomen nadat de Franse troepen doorbraken. Na zijn vrijlating keerde hij korte tijd terug naar de Republiek en ging daarna naar Brussel, waar hij, sterk verzwakt door de gevangenschap, in hetzelfde jaar (1747) overleed.[1]

Bronnen

  1. 1 2 Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek (NNBW), vol. 3, "Kinschot, Roeland van (2)", p. 691-692.