Rimpelige mispel
| Rimpelige mispel | ||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||||
| Cotoneaster rehderi Pojark. (1955) | ||||||||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
De rimpelige mispel of rimpelige cotoneaster (Cotoneaster rehderi, synoniem: Cotoneaster bullatus var. macrophyllus) is een bladverliezende struik, die behoort tot de rozenfamilie. De soort komt van nature voor in West-China en is in Nederland verwilderd. De rimpelige mispel onderscheidt zich van de grote boogcotoneaster (Cotoneaster bullatus doordat de grote boogcotoneaster 5-13 bloemen in de bloeiwijze heeft, de bladsteel 3-6 mm lang is, de bovenzijde van het blad weinig diepliggende nerven heeft en de vruchten kleiner zijn (6-8 mm).
De struik wordt 2-5 m hoog. De bast van de twijgen is grijszwart met in strepen lopende haren, maar worden later kaal. Het blad is 5-15 cm lang en 2,5-8 cm breed met niet of nauwelijks ingezonken nerven, waardoor het blad sterk gerimpeld is. De bladsteel is ongeveer 2 mm lang. De onderkant van het blad is beige en heeft weinig korte, aanliggende haren. De vroeg afvallende, bruine, 3-5 mm lange steunblaadjes zijn lancetvormig en bezet met fijne haren.
De rimpelige mispel bloeit in mei en juni met 7-8 mm grote bloemen. Er zitten 12-20 bloemen bij elkaar. De 2,5-5 cm brede, sterk vertakte bloeiwijze is een tuil. De fijn behaarde, 2-3 mm lange schutbladen zijn lancetvormig. De 1-3 mm lange bloemstelen zijn fijn behaard. De bloembeker is klokvormig en aanvankelijk aan de buitenkant licht behaard, maar is later kaal. De vijf, 1-1,5 mm lange en 1,5-2,5 mm brede kelkbladen zijn driehoekig met een punt. De vijf witte en aan de basis roodachtig getinte, rechtopstaande kroonbladen zijn omgekeerd eirond, 4-4,5 mm lang en bijna even breed met een korte genagelde basis en een stompe bovenkant. De 20-22 meeldraden zijn korter dan de kroonbladen. De top van het vruchtbeginsel is behaard. De vier tot vijf vrijstaande stijlen zijn erg kort.
De rode vrucht is een 8-11 mm grote steenvrucht met daarin 4-5 zaden.
Struik
Bast
Blad met steunblaadjes
Bovenkant blad
Onderkant blad
UItgebloeide bloemen met meeldraden
De rimpelige mispel komt voor op droge, kalkrijke grond langs spoorlijnen, bosranden, oude muren en grindgroeven.
Externe links
- Verspreiding in Nederland FLORON
- Rimpelige mispel (Cotoneaster rehderi) op SoortenBank.nl (gearchiveerd) (gebaseerd op de Heukels23, dit is de voorlaatste uitgave)
- Rimpelige mispel op Wilde planten
- Cotoneaster rehderi in de Flora of North America
- The Plant List met synoniemen
- Foto van bloemen
- Foto van bloemen
.jpg)