Reinoud IV van Coevorden
| Reinoud IV van Coevorden | ||
|---|---|---|
| Periode | 1370 – 1402 | |
| Voorganger | Reinoud III van Coevorden | |
| Opvolger | Johan van Selbach | |
| Familie | ||
| Vader | Johan van Coevorden | |
| Moeder | Orbelia van Buren | |
Reinoud IV van Coevorden was een Drents edelman en de laatste kastelein en heer van Coevorden uit het geslacht Van Coevorden. Hij speelde een centrale rol in de bestuurlijke en politieke verhoudingen tussen Drenthe en het Sticht Utrecht aan het einde van de middeleeuwen. Zijn conflict met bisschop Frederik van Blankenheim markeerde het einde van de zelfstandige machtspositie van de Heren van Coevorden.
Afkomst
Reinoud, stammend uit het adellijke geslacht Van Coevorden, werd geboren als zoon van Johan van Coevorden en Orbelia van Buren. De Van Coevordens bezaten sinds de 12e eeuw de erfelijke waardigheid van burggraaf van Coevorden. De familie had nauwe banden met het bisdom Utrecht, dat sinds circa 1000 leenheer was over Drenthe en Coevorden. De Van Coevordens wisten hun positie door de eeuwen heen te versterken en traden in de 14e eeuw feitelijk op als zelfstandige heersers in het Oversticht.
Reinoud volgde Reinoud III van Coevorden op rond 1370/1371. Onder hun leiding groeide Coevorden uit tot een centrum van regionale macht. De familie verwierf aanzienlijke bezittingen, waaronder Borculo, Diepenheim, Lage in Duitsland (Nedersaksen) en Selwerd bij Groningen. Door het bezit van muntrecht en de functie van ambtman in Twente en vrijgraaf in Drenthe trad Reinoud op als een van de invloedrijkste edelen van het noorden.
Heerschappij
Vanaf de tweede helft van de 14e eeuw oefende Reinoud IV een vrijwel onafhankelijke macht uit over Drenthe en Coevorden. In 1382 werd hij door de Drenten als hun leenheer erkend en in 1395 was hij zowel burggraaf van Coevorden als voorzitter van de Etstoel, de hoogste rechtbank van Drenthe.
In de strijd tussen de Schieringers en Vetkopers staat hij aan de zijde van laatstgenoemde partij. Aangezien de Schieringers, veelal bestaande uit de gezaghebbende burgers van Groningen, deze strijd wonnen, kwam de partijkeuze Reinoud uiteindelijk duur te staan.
Reinoud stond bekend als een ambitieuze en autoritaire heerser. Hij legde volgens tijdgenoten onrechtmatige belastingen op en handelde vaak zonder instemming van zijn leenheer, de bisschop van Utrecht. Hij sprak daarnaast willekeurig recht en liet de zijnen gewelddadig door het landschap Drenthe trekken. Hij negeerde de klachten van de Drentse bevolking stelselmatig, wat ervoor zorgde dat zij uiteindelijk hulp zochten bij de bisschop.
Conflict met bisschop Frederik van Blankenheim
Toen Frederik van Blankenheim in 1393 tot bisschop van Utrecht werd gekozen, besloot hij de zelfstandige positie van Reinoud te breken. De bisschop wist op een slimme manier de steun te verwerven van de IJsselsteden (Kampen, Zwolle en Deventer), alsmede van Groningen en de Friese landen. De stad Kampen verklaar Reinoud zelfs de oorlog.
Reinoud weigerde zijn verpande rechten en goederen aan de bisschop terug te geven, waarop Frederik in de zomer van 1395 het beleg van Coevorden begon. Toen de bisschop op 10 juli 1395 voor de poorten verscheen, werd hij ingehuldigd door notabene de Drenten zelf. Het kasteel van Coevorden viel op 19 augustus 1395. Reinoud had zich echter al voor de komst van de bisschop teruggetrokken op zijn landgoed in Borculo. De bisschop benoemde Zweder van Heeckeren als drost van Coevorden, waarmee er een einde kwam aan het burggraafschap. Reinoud, ontdaan van deze verandering, zocht steun bij graaf Albrecht van Beieren van Holland. Tevergeefs want enkele tijd later werd Reinoud door de bisschop gevangengenomen.
In 1402 legde Reinoud, in ruil voor zijn vrijheid, zich definitief neer bij zijn nederlaag. In aanwezigheid van de bisschop, de etten van Drenthe en vertegenwoordigers van de omliggende dorpen deed hij op 4 april 1402, in de kapel van Hulsvoorde bij Coevorden, formeel afstand van al zijn rechten. Daarmee kwam een einde aan ruim 250 jaar machtsuitoefening door het geslacht Van Coevorden.
Nalatenschap
Na zijn aftreden trok Reinoud IV zich terug op familiebezittingen in Twente en de Achterhoek. De familie Van Coevorden verloor haar invloed in Drenthe, maar bleef tot in de 17e eeuw deel uitmaken van de regionale adel. Via latere nazaten ontstond uiteindelijk een tak die zich in Engeland vestigde; van deze lijn stamde de ontdekkingsreiziger George Vancouver, naamgever van de Canadese stad Vancouver.
De val van Reinoud IV betekende het definitieve einde van de zelfstandige heerlijkheid Coevorden en de opname van het gebied in het Oversticht van het bisdom Utrecht. Zijn aftreden wordt gezien als een sleutelmoment in de bestuurlijke geschiedenis van Drenthe, waarbij de macht van lokale heren plaatsmaakte voor centraal gezag.
Zie ook
Externe links
- Geschiedenis Coevorden, De Heren van Coevorden (geraadpleegd op 15 oktober 2025)
- Geschiedenis Coevorden, Bisschop Frederik van Blankenheim (geraadpleegd op 15 oktober 2025)
Literatuur
- P.H. Witkamp, Geschiedenis der Zeventien Nederlanden, Volume 2, 1873, p. 620 en 570-571.
- J. Kossmann-Putto, Het heimelijk gerecht, Het Westfaalse veemgerecht en de noordelijke Nederlanden in de late middeleeuwen, Hilversum 1993, p.35.
- L.C.M. Schmedding, De Regeering van Frederik van Blankenheim, Leiden 1899; R.R. Post, Geschiedenis Der Utrechtsche Bisschopsverkiezingen tot 1535, Utrecht 1933
- G. Dumbar, Analecte II (Overysselsche Chronycke, anoniem), Deventer 1712, pagina 344
- Huib D. Minderhoud, Hoogmoed komt voor de val, Coevorder Courant, 1955.
- H.G.G. Becker, De Etstoel van Drenthe, De civiele procedure in de periode van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, Hilversum 2005, p.8.
| Voorganger: Reinoud III van Coevorden |
1370-1402 |
Opvolger: Johan van Selbach |