Rahil Roodsaz

Rahil Roodsaz
Persoonlijke gegevens
Geboortedatum 16 maart 1982Bewerken op Wikidata
Geboorteplaats ShirazBewerken op Wikidata
Beroep antropoloog, academisch docentBewerken op Wikidata
Academische achtergrond
Alma mater Radboud UniversiteitBewerken op Wikidata

A. (Rahil) Roodsaz (Shiraz, 16 maart 1982)[1] is een Nederlands antropoloog en universitair docent van Iraanse afkomst.[1]

Achtergrond en loopbaan

Thuis in Shiraz was er aandacht voor onderwijs, mede omdat ze goed kon leren. Haar nieuwsgierigheid bracht haar in conflict met het onderwijssysteem en religieuze regels, zoals de verplichte hoofddoek vanaf het zevende jaar voor meisjes en het verbod op verdere scholing. Haar ouders zonden haar vervolgens op haar vijftiende naar Nederland, alwaar ze in 1998 hoopte herenigd te worden met broer en zus, die al eerder waren gevlucht. Dat bleek vanwege de asielregels lastig; ze viel als alleenstaande minderjarige vreemdeling onder de verantwoordelijkheid van de staat, pas later kon ze bij haar zus terecht. Ook de verblijfsvergunning leverde weer strijd met regels op. Tien jaar na aankomst in Nederland moest ze vanwege een fout van haar advocaat vier dagen in een uitzendcentrum bij Asielzoekerscentrum Ter Apel verblijven, bedoeld voor uitgeprocedeerde asielzoekers. "Van de vreemdelingenpolitie kreeg ik te horen: waarom begrijp je niet dat je hier niet welkom bent?"[1] Ze vond het een bijzonder zware periode en vergeleek het asielzoekerscentrum (AZC) met een gevangenis. De ouders volgden pas rond 2020.[1] Ze werd opgevangen door Iraanse kennissen in de buurt van Arnhem.

Ze volgde in Arnhem een internationale schakelklas Voorbereidend wetenschappelijk onderwijs (VWO). Daarop kwam er een soort tussenjaar, waarin ze moest beslissen of ze verder ging met haar eerste keus, een studie architectuur aan de Technische Universiteit Delft. Ondertussen werkend in een AZC koos ze uiteindelijk voor een andere richting. Er volgde tussen 2000 en 2006 een studie culturele antropologie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. De twee jaar daarna deed ze promotieonderzoek met als thema "Seksualiteit onder Iraanse Nederlanders"; aansluitend deed ze tussen 2009 en 2014 onderzoek bij Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis. Ze promoveerde op 21 januari 2015 op het proefschrift Sexual Self-Fashioning among the Iranian Dutch met als promotor Willy Jansen.[2] Ook daarna zette ze het onderzoek voort: van 2014 tot 2018 werkte ze aan het postdocproject "Breaking the shame" aan de Radboud Universiteit.

In 2019 werd ze universitair docent antropologie aan de Universiteit van Amsterdam, alwaar ze aan een onderzoeksproject begon met de titel "De paradox van de romantische liefde", waarvoor ze een Veni-subsidies van Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) ontving.[3] Ze rondde dit project af in 2022. In 2021 publiceerde ze samen met Katrien De Graeve Intieme revoluties: Tegendraad in seks, liefde en zorg bij Uitgeverij Boom. In 2022 volgde Sexual self-fashioning: Iranian-Dutch narratives of sexuality and belonging, uitgebrachtals jaargang 51 in de serie Fertility, reproduction and sexuality.[4] Vanaf 2024 deed ze onderzoek naar lange relaties (dat wil zeggen, relaties die dan vijf jaar of langer bestaan); opzet was het vijfjarige onderzoek "Rhythms of Love: Enduring Romantic Relationships at Midlife in Contemporary Western Europe", waarvoor ze een Vidi-subsidies van NWO ontving.[5] Ze trok daarvoor de buurten in (onder andere Waterlandplein, Amsterdam) en vergeleek het verzamelde materiaal met gegevens die promovendi verzamelden in Berlijn en Malmö.[1] Ze werd daarover in 2025 geïnterviewd voor het platform NPO Doc met een uitzending in februari 2025.[6]

Persoonlijk

In 2025 woonde ze met haar partner in Amsterdam.[1][7]

Bibliografie

JaarTitelUitgeverISBNNotitie
2021Intieme revoluties: Tegendraad in seks, liefde en zorgUitgeverij Boom9789024434336Samen met Katrien De Graeve
2022Sexual self-fashioning: Iranian-Dutch narratives of sexuality and belongingBerghahn Books9781800736832Uitgebracht als jaargang 51 in de serie Fertility, reproduction and sexuality