Politieke geografie
Politieke geografie is een deelgebied van de sociale geografie. Het is de studie van de 'ruimtelijk ongelijke' - per geografisch gebied verschillende - uitkomsten van politieke processen, en van de wijze waarop politieke processen worden beïnvloed door de plaatselijke, ruimtelijke structuren. Het begrip "politieke geografie" werd voor het eerst in de 19e eeuw door Friedrich Ratzel (1844 - 1904), een door het werk van de geograaf Alexander von Humboldt (1769-1859), de bioloog Charles Darwin (1809 -1882) en de filosoof Georg Wilhelm Friedrich Hegel (1770-1831) beïnvloed Duits geograaf, als wetenschappelijke kennis gedefinieerd.
Geschiedenis van de discipline
Ratzel had eerder al met zijn werk Anthropogeographie, die was gepubliceerd in twee delen in 1882 en 1891, de "menselijke geografie" voor het eerst op de kaart geplaatst. Zo ontstond het onderscheid met de fysische geografie, op basis van een indeling die sindsdien stand heeft gehouden. In dit werk, maakte Ratzel een onderscheid tussen primitieve volkeren, of "Naturvölker", en de meer geëvolueerde volkeren, of "Kulturvölker". Hij benadrukte dat deze laatsten een essentiële organisatievorm bezatten: de staat. Ratzel heeft vervolgens zijn taxonomische werk voortgezet door de publicatie van zijn werk Politische Geographie' (Politieke geografie) in 1897 die de basis legde voor deze (deel)discipline, waarbij de focus vooral op de staat was gericht.