Peter Kamphorst

Peter Kamphorst
Geboren 24 november 1894
Ermelo
Overleden 7 september 1944
Mauthausen
Land/zijde Nederland
Verenigd Koninkrijk
Onderdeel SOE
Dienstjaren tot 1942
Portaal  Portaalicoon   Tweede Wereldoorlog
Bronzen Kruis[1]

Peter Kamphorst (ook: Pieter Kamphorst) (Ermelo, 24 november 1894[2]Mauthausen, 7 september 1944[3]) wordt geboren in Ermelo als jongste van acht kinderen in een arm boerengezin. Kort na zijn geboorte overlijdt zijn vader, waardoor zijn moeder Teunisje alleen achterblijft met de kinderen. Pas wanneer Peter volwassen is en een vaste aanstelling krijgt bij de Koninklijke Marechaussee, verbetert hun situatie enigszins. Hij blijft zijn moeder verzorgen tot haar overlijden in 1931.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog wordt Peter Kamphorst gemobiliseerd. Hij dient als marechaussee te paard en promoveert later tot wachtmeester. In deze functie wordt hij gestationeerd in onder andere Apeldoorn, Vlissingen en ’s-Hertogenbosch. In Avereest leert hij zijn vrouw Hermina van de Berg kennen.

Wanneer Duitsland Nederland binnenvalt op 10 mei 1940, krijgt Kamphorst samen met collega Joop Dane het bevel zich via Antwerpen naar Zeeuws-Vlaanderen te begeven. Na de Nederlandse capitulatie op 15 mei trekken zij, op bevel van de legerleiding, naar Frankrijk. Na een gevaarlijke tocht bereiken ze op 10 juni Brest, vanwaar ze per schip naar Engeland worden geëvacueerd. Daar voegen zij zich bij de Nederlandse regering in ballingschap in Londen. Kamphorst en Dane worden in mei 1942 overgeplaatst naar het Bureau Bijzondere Opdrachten (BBO). Hier volgen ze een zware training bij de Britse Special Operations Executive (SOE) om als geheim agent te opereren in bezet Nederland. De opleiding omvat morsetraining, sabotage, parachutespringen en fysieke vorming. De bedoeling is dat hij via gecodeerde radioberichten informatie uit Nederland naar Londen zal zenden.

Kamphorst is betrokken bij Plan Holland. In de nacht van 21 op 22 oktober 1942 worden Peter Kamphorst, Meindert Koolstra en marconist Michiel Pals boven Ermelo gedropt. Door de Duitse infiltratie worden zij direct na de landing gearresteerd. Kamphorst wordt afgevoerd naar de SD-gevangenis in Haaren, waar hij zwaar wordt mishandeld, en daarna naar kamp Vught. Ondanks herhaalde verhoren houdt hij stand. Brieven uit deze periode tonen dat hij veel verwachtingen had van zijn missie en diep geloofde in de bevrijding van Nederland.

Begin september 1944 wordt hij, samen met andere gevangen agenten, naar het beruchte concentratiekamp Mauthausen in Oostenrijk overgebracht. Daar geldt het principe Vernichtung durch Arbeit – vernietiging door arbeid. Gevangenen worden gedwongen te werken in een steengroeve en de “Dodentrap” van 186 treden te beklimmen met zware rotsblokken. Honger, ziektes en mishandeling maken het overleven vrijwel onmogelijk.

De Nederlandse geheimagenten, waaronder Kamphorst, worden op gruwelijke wijze vermoord. Getuigen vertellen hoe zij zonder draagriemen stenen moesten tillen en, onder schoten en slagen, de trappen op en af werden gejaagd tot zij in elkaar zakten of werden doodgeschoten. Peter Kamphorst sterft op 7 september 1944, 49 jaar oud.

Hij gebruikte ook de namen Pieter Kampenhorst, Pieter Kerkhof en Pieter van Putten.[4]