Paul Bovend'Eert
| Paul Bovend'Eert | ||
|---|---|---|
| Persoonlijke gegevens | ||
| Volledige naam | Paulus Petrus Theodorus Bovend'Eert | |
| Geboortedatum | 26 juni 1957 | |
| Geboorteplaats | Venlo | |
| Nationaliteit | ||
| Beroep | academisch docent | |
| Lid van | Historisch onderzoeksteam grondwettelijke uitkering | |
| Academische achtergrond | ||
| Alma mater | Radboud Universiteit (1975; 1981)[1] | |
| Proefschrift | Regeerakkoorden en regeringsprograms (1988) | |
| Promotor(s) | Constantijn Kortmann | |
| Wetenschappelijk werk | ||
| Vakgebied(en) | Staatsrecht | |
| Universiteit | Radboud Universiteit Nijmegen | |
| Soort hoogleraar | Gewoon hoogleraar | |
| Prijzen en erkenningen | Officier in de Orde van Oranje-Nassau (20 februari 2020)[2] | |
| Website | ||
Paulus Petrus Theodorus Bovend'Eert (Venlo, 26 juni 1957) is een Nederlands emeritus hoogleraar staatsrecht.
Biografie
Bovend'Eert studeerde in 1982 af in Nederlands recht op de scriptie Kabinetscrisis en kabinetsformatie sinds 1945 aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Daarna werd hij onderzoeker bij het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis. In 1988 promoveerde hij op Regeerakkoorden en regeringsprograms; zijn promotor was Constantijn Kortmann. In datzelfde jaar werd hij aangesteld als universitair docent Staatsrecht te Nijmegen waar hij later universitair hoofddocent werd. Per 1 oktober 1999 werd hij benoemd tot hoogleraar met als leeropdracht Staatsrecht, in het bijzonder rechterlijke organisatie en rechtspleging; zijn inaugurele rede draagt als titel Benoeming en ontslag van rechters. Sinds 2000 was hij hoogleraar Staatsrecht aan de Radboud Universiteit, aan welke universiteit hij ook de bestuursfuncties van vicedecaan en decaan vervulde.
Bovend'Eert deed vooral onderzoek naar en publiceerde over kabinetsformaties. Hij deed ook onderzoek naar de constitutionele positie van de Koning en de positie van de minister‐president. Voorts is hij deskundig op het gebied van de rechterlijke organisatie. Voorts redigeerde hij verschillende staatsrechtelijke handboeken. Ook had en heeft hij verscheidene nevenfuncties. In 2017 was hij lid van het Historisch onderzoeksteam grondwettelijke uitkering. In 2020 werd Bovend'Eert benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau.
Bibliografie
- Regeerakkoorden en regeringsprograms. 's-Gravenhage, 1988 (proefschrift).
- [met C.A.J.M. Kortmann] Inleiding constitutioneel recht. Deventer, 1993, 1995² en 1998³, en opvolgende drukken.
- [met Constantijn A.J.M. Kortmann]The Kingdom of the Netherlands. An introduction to Dutch constitutional law. Deventer [etc.], 1993, en opvolgende drukken.
- [met H.R.B.M. Kummeling] Van Raalte's Het Nederlandse parlement. 8e geheel herziene druk. 1995 [oorspronkelijk uitgave: E. van Raalte, Het Nederlands parlement. 's-Gravenhage, 1958].
- Benoeming en ontslag van rechters. Nijmegen, 2000 (inaugurele rede).
- Ministeriële verantwoordelijkheid. Nijmegen, 2002.
- Rechterlijke organisatie, rechters en rechtspraak. Alphen aan den Rijn, 2008 en 2013².
- Onderwijseditie Rechterlijke organisatie, rechters en rechtspraak. Deventer, 2014.
- De Koning en de monarchie. Toekomstbestendig? Deventer, 2020.
- ↑ http://www.ru.nl/personen/bovendeert-p/; geraadpleegd op: 16 april 2018.
- ↑ https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2020-24096.html.