Oorlogsmonument Aartrijke

Oorlogsmonument Aartrijke
Voorzijde met opschrift Welk nut ligt er in het storten van ons bloed?
Voorzijde met opschrift Welk nut ligt er in het storten van ons bloed?
Kunstenaar Leonard De Visch
Jaar 1920
Locatie Aartrijke
Adres Brugsestraat z.n.Bewerken op Wikidata
Monumentnummer 209506
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Het oorlogsmonument in Aartrijke uit 1920 is een monument ter nagedachtenis aan de gesneuvelden van de Eerste Wereldoorlog. Anders dan bij andere Belgische Eerste Wereldoorlogsmonumenten staat hier Welk nut ligt er in het storten van ons bloed?, hetgeen het monument in Aartrijke uniek maakt gezien het de oorlogsheroïek niet verheerlijkt.[1]

Het werk werd gerealiseerd door Aartrijkenaar Léonard De Visch in opdracht van de gemeente.[2] Om het opschrift te bepalen, ging de burgemeester te rade bij meester Pol, een overtuigd pacifist, die een alternatief voorstelde voor het al te heldenvererende patriottisme. Hierdoor kwam er in rode verf het opschrift Welk nut ligt er in het storten van ons bloed?[3]

Geschiedenis

Op 7 november 1920 werd het monument ingehuldigd.

In 2009 werd het monument gerestaureerd, waarmee de inscriptie en namen terug in rood zichtbaar kwamen.[1]

Beschrijving

Het monument bestaat uit een hoge, vierkante sokkel in ruw gehouwen blokken blauwe hardsteen. Op de blokken zijn de (bloed)rood beschilderde namen van de gesneuvelden van het dorp gebeiteld. Op elke blok staat één naam. Onderaan op de sokkel staat in matblauw het wapenschild van Aartrijke. Bovenop de sokkel staat het beeld in witte natuursteen van een soldaat die de in de sokkel gebeitelde woorden Welk nut ligt er in het storten van ons bloed? zou roepen. Onder het puin waarop de soldaat staat, liggen twee naakte mannen bedolven. Achter hen staat een kanonloop en twee kruisjes met opschrift "AVV" en "VVK".[4]

Herdenking

Jaarlijks is er de eerste zaterdag voor 8 mei een herdenking vóór het oorlogsmonument, georganiseerd door de Nationale Strijdersbond Aartrijke, waarbij ook de lokale bevolking en lokale jeugd van scholen en jeugdbewegingen aanwezig zijn. Hierbij gepaard wordt een ceremonie gehouden ter nagedachtenis van de gesneuvelden. De ceremonie omvat een bloemenneerlegging door het gemeentebestuur en het afroepen van alle namen van de gesneuvelden. Ook leggen de kinderen aan het monument een roos neer voor elke gesneuvelde militair.[3]

Ook tijdens de coronacrisis ging de herdenking door, maar dan in erg beperkte kring.[5]

Zie ook