Nouvelle vague (filmbeweging)
| Nouvelle vague | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
| Opkomst | rond 1959 | |||
| Eerste film | Le Beau Serge | |||
| Kenmerkende personen | Agnès Varda, Jean-Luc Godard, Robert Bresson, Claude Chabrol, Alain Resnais, Jacques Rivette, Éric Rohmer en François Truffaut | |||
| Gerelateerd | Experimentele film | |||
| ||||
De nouvelle vague is een vernieuwende filmbeweging in de Franse cinema die rond 1959 ontstond. Als eerste film in deze beweging wordt vaak Le Beau Serge van Claude Chabrol genoemd, anderen duiden hiervoor echter La Pointe courte van Agnès Varda, al uit 1954, aan.[1] Andere bekende films waren À bout de souffle van Jean-Luc Godard en Les quatre cent coups van François Truffaut.
De term nouvelle vague werd gemunt door schrijfster Françoise Giroud in L'Express als aanduiding voor de films van een nieuwe generatie.
De grondleggers van deze beweging waren afkomstig uit de filmkritiek, met name het tijdschrift Cahiers du cinéma: Agnès Varda, Claude Chabrol, Jean-Luc Godard, Jacques Rivette, Éric Rohmer en François Truffaut. Andere vertegenwoordigers van de nouvelle vague waren Robert Bresson en Alain Resnais.
Ze hadden geen filmopleiding genoten maar zaten in filmclubs waarin ze Hollywoodfilms analyseerden en zochten naar manieren om het anders te doen. Deze regisseurs wilden afstappen van de klassieke Franse cinema én de Hollywoodclichés. Ze noemden Hollywood "de droomfabriek". Hollywoodfilms willen de kijker meeslepen in een verhaal en gebruiken daarvoor middelen om de kijker te doen "vergeten" een film te kijken, zoals continue montage. De jonge regisseurs wilden juist de nadruk leggen op het medium film. Jaren later werd deze nieuwe stijl nouvelle vague genoemd. Enkele voorbeelden van stijlkenmerken van de nouvelle vague:
- Er wordt met een handcamera gefilmd;
- De personen spreken tegen de camera;
- Bewuste vergrijpen in continuïteit en grote sprongen in de tijd;
- Gebruikmaken van springers (zogenoemde 'jump-cuts') en as-fouten;
- Doorgedreven ellipsgebruik;
- Natuurlijke belichting;
- Directe geluidsopnames;
- Improvisatie in de dialogen;
- Soort muziek: jazz (bedoeld om de kijker geconcentreerd te houden);
- Auteur staat centraal (auteurstheorie)
De bedoeling was de kijkers bewust te maken dat het in de eerste plaats film was, waar zij naar keken.
De beweging vervaagde langzaam eind jaren 1960.[2]
- ↑ (en) Vincendeau, Ginette, La Pointe Courte: How Agnès Varda "Invented" the New Wave. Criterion (21 januari 2008). Geraadpleegd op 31 augustus 2025 – via criterion.com.
- ↑ (fr) Deprêtre, Dominique, L'éternel Billy the Kid de la Nouvelle Vague, Soir Mag, 4709, 21 september 2022, p. 44-45
.svg.png)