Maurice Langaskens

Zelfportret (1915)
De nacht (1917)

Maurice Langaskens (Gent, 21 januari 1884Schaarbeek, 23 december 1946) was een Belgisch schilder, graficus en decorateur.

Leven

Langaskens was de zoon van een Gentse meubelmaker. Toen hij vier jaar oud was verhuisde het gezin naar Schaarbeek, waarna de vader hen achterliet en alleen terugkeerde. Maurice volgde les aan de École des arts décoratifs in Parijs en daarna aan Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Brussel (1901-1905). Constant Montald onderrichtte hem daar in de decoratieve schilderkunst. Dankzij een prijs maakte hij in 1907 een studiereis van enkele weken in Frankrijk met zijn vriend Edgard Tytgat.

Zijn werk uit deze periode was vooral idealistisch en symbolistisch, met invloeden van de prerafaëlieten en de art nouveau. Het werd getypeerd door een uitgekiend kleurenspel en vloeiende lijnen. Hij kreeg opdrachten voor muurschilderingen en nam vanaf 1908 deel aan de salons van de groep Pour l'Art. Zijn werk was ook te zien op de Wereldtentoonstelling van 1913 in Gent. Samen met Montald decoreerde hij er het monumentale kunstgebouw. Ook in de Schaarbeekse Linthoutschool voerde hij een grote opdracht uit, maar de decoratie van het stadhuis van Zoutleeuw moest hij laten schieten door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog.[1]

Op 1 augustus 1914 gemobiliseerd, werd hij ingezet bij de verdediging van de Luikse fortengordel. Na negen dagen werd hij gevangengenomen. Hij bracht zijn krijgsgevangenschap door in de gevangeniskampen van Münster en Göttingen. In tekeningen en aquarellen schetste hij het kampleven op alle dragers die konden dienen (dozen, zakdoeken, kartons, jute, ...). De sfeer is beklemmend-realistisch zonder sentimentaliteit, de stijl neigt naar expressionisme. Bekend is zijn reeks In memoriam, en speciaal de aquarel Rust in vrede, over de uitvaart van de Oostkampenaar Camille Decraemer.[2] In 1918 keerde hij getraumatiseerd terug naar Brussel. Zijn oorlogswerk werd er geëxposeerd en twaalf van zijn litho's werden gepubliceerd in het boekje '.[3]

Hij ging etsen en nam van 1924 tot 1937 deel aan de tentoonstellingen van de groep La Gravure originale. In 1925 maakte hij 18 illustraties voor La légende et les aventures héroïques,joyeuses et glorieuses d'Ulenspiegel et de Lamme Goedzak au pays de Flandres et ailleurs, de roman van Charles de Coster. Hij liet zich in met affichekunst, maar bleef ook op monumentaal formaat werken. In 1928 ontwierp hij nieuwe brandglasramen voor de necropolis van Grimde. In 1934-1935 decoreerde hij de foyer van de Stadsschouwburg Leuven. Na zijn dood volgden overzichtstentoonstellingen in Brussel (1949) en Schaarbeek (1959).[3]

Privé

Hij was getrouwd met Elisabeth De Puydt.

Literatuur

  • Bron gebruikt voor het schrijven van dit artikel Stefan van den Bossche, Zuiver en ontroerend beweegloos. Prerafaëlitische sporen in de Belgische kunst en literatuur, 2016, p. 404-406
  • Thérèse Lambert, Maurice Langaskens (1884-1946), tent.cat. Brussel, Gemeentehuis, Museumzaal, 21/09/2005 – 29/10/2005, Brussel, 2005
  • Jan Dewilde, Karolien Cool e.a., Maurice Langaskens, 1884-1946, tent.cat. Ieper, In Flanders Fields / Stedelijk Museum, 2003. ISBN 9789053494806
  • Anton Vlaskop en Guy Prieels, Retrospectieve Maurice Langaskens, tent.cat. Gent, Pantheon, Centrum voor Schone Kunsten, 1980

Voetnoten

  1. Overzichtstentoonstelling van Maurice Langaskens in Ieper, De Standaard, 3 december 2003
  2. Joost De Geest, Het Belgisch kunstboek. 500 kunstwerken van Van Eyck tot Tuymans, Lannoo, 2006, p. 253
  3. 1 2 "Maurice Langaskens" in: Œuvres sur papier, 1860-1930, Mathieu Néouze, 2014, p. 25
Zie de categorie Maurice Langaskens van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.