Macario

Macario
Macario
Regie Roberto Gavaldón
Producent Armando Orive Alba
Scenario
  • Emilio Carballido
  • Roberto Gavaldón
Gebaseerd op Macario (roman) van B. Traven
Hoofdrollen
Muziek Raúl Lavista
Montage Gloria Schoemann
Cinema­tografie Gabriel Figueroa
Productie­bedrijf
  • Clasa Films Mundiales
  • Estudios Churubusco
Première 11 mei 1960 (Cannes)
Genre Dramafilm
Speelduur 91 minuten
Taal Spaans
Land van herkomst Vlag van Mexico Mexico
(en) IMDb-profiel
MovieMeter-profiel
(mul) TMDb-profiel
(en) AllMovie-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

Macario is een Mexicaans filmdrama uit 1960 onder regie van Roberto Gavaldón, met in de hoofdrollen Ignacio López Tarso en Pina Pellicer.[1] De film is gebaseerd op de gelijknamige roman van B. Traven (die was geïnspireerd op het sprookje "De dood als peet" van de gebroeders Grimm) en speelt zich af in het onderkoninkrijk Nieuw-Spanje.[2]

Het was de eerste Mexicaanse film die genomineerd werd voor een Academy Award voor beste niet-Engelstalige film. Daarnaast werd de film ook ingezonden voor het filmfestival van Cannes in 1960. Macario wordt door critici en publiek algemeen beschouwd als een van de beste Mexicaanse films ooit gemaakt.

Verhaal

Het verhaal draait om Macario, een arme inheemse houthakker, tijdens het koloniale Mexico, aan de vooravond van de Dag van de Doden. Hij is verbitterd omdat hij zo arm en hongerig is. Zijn economische situatie houdt hem en zijn gezin op de rand van de hongerdood. Nadat hij een stoet gebraden kalkoenen ziet, droomt hij ervan om in zijn eentje een hele gebraden kalkoen op te eten. Hij kondigt in het bijzijn van zijn vrouw en kinderen aan dat hij niet zal eten totdat zijn droom werkelijkheid is geworden. Zijn bezorgde vrouw steelt een kalkoen en geeft die aan Macario voordat hij naar de bergen vertrekt om te werken.

Maar net als Macario op het punt staat om de kalkoen op te eten, verschijnen er drie figuren aan hem. De eerste is de Duivel in de gedaante van een nette heer, die Macario in verleiding brengt om een stuk van de kalkoen te bemachtigen. De tweede is God in de gedaante van een oude man. Macario weigert de kalkoen met een van beiden te delen, omdat hij gelooft dat ze zelf over de middelen beschikken om te krijgen wat ze willen.

Wanneer een derde figuur aan hem verschijnt in de gedaante van een boer zoals hijzelf, deelt Macario de kalkoen met de man. De derde figuur is niemand minder dan de Dood zelf. De Dood weet niet zeker waarom Macario zijn kalkoen met hem heeft gedeeld en niet met de Duivel noch met God. Macario antwoordt: "Wanneer jij verschijnt, is er geen tijd voor iets anders". Macario hoopt daarmee zijn op til zijnde dood te voorkomen. De Dood is geamuseerd, noemt Macario zijn "vriend" en geeft hem als beloning wonderbaarlijk water dat elke ziekte geneest. Als de Dood aan de voeten van een zieke verschijnt, kan hij of zij met het water genezen worden. Maar als de Dood bij het hoofd van de persoon verschijnt, is hij of zij gedoemd te sterven. Alhoewel deze "vriendschap" jaren duurt, spreken ze nooit met elkaar, ze staren alleen maar.

De Dood geeft subtiel te kennen dat Macario hem later die dag zal weerzien. Macario keert terug naar huis en treft zijn zoon bewusteloos en zwaargewond aan nadat hij in een put was gevallen. Macario geneest zijn zoon met het water en wordt uiteindelijk bekend als een wonderbaarlijke genezer. Macario wordt rijk door de verkoop van zijn geneesmiddelen, maar veroorzaakt zoveel commotie dat hij wordt gearresteerd en beschuldigd van ketterij. De onderkoning biedt hem echter zijn vrijheid aan als hij zijn zieke zoon geneest.

Grutas de Cacahuamilpa, de locatie die gebruikt werd als "de grot van de Dood".

Helaas voor Macario moet de Dood het kind komen halen. Macario smeekt wanhopig en probeert te ontsnappen, maar betreedt de grot van de Dood en wordt berispt omdat hij zijn "geschenk" in koopwaar heeft veranderd. De Dood toont hem de kaarsen waarmee de grot gevuld is: duizenden kaarsen die elk iemands leven vertegenwoordigen. De samenstelling van de was en de lengte van de kaars spelen allemaal een rol in de levensduur van een persoon. De Dood dooft vervolgens de kaars van de zoon van de onderkoning voor Macario's ogen. Wanneer Macario ziet hoe kort zijn kaars is, smeekt hij de Dood om hem te redden, maar de Dood weigert. Wanhopig grijpt Macario zijn kaars en rent de grot uit, zonder acht te slaan op het geroep van de Dood achter hem.

De film eindigt op de dag dat Macario de kalkoen met de Dood deelde. Hij is niet thuisgekomen en zijn vrouw en een paar dorpelingen zoeken hem in het bos. Ze vinden Macario vredig dood, naast een in tweeën gedeelde kalkoen waarvan één helft is opgegeten en de andere helft nog intact is, alsof hij stierf zonder zijn droom te vervullen: in zijn eentje een hele kalkoen opeten.

Rolverdeling

Foto van Pina Pellicar in 1961
Foto van Ignacio López Tarso in 2015
De hoofdrolspelers: Pina Pellicer (in 1961) en Ignacio López Tarso (in 2015)

Release en ontvangst

Macario ging op 11 mei 1960 in première op het Filmfestival van Cannes. Op 9 juni 1960 kwam de film in de Mexicaanse bioscoopzalen, waar het een van de succesvolste Mexicaanse films van dat jaar was, met een opbrengst van $80.000 in zijn eerste vijf weken in het Alameda Theater in Mexico-Stad.[3]

De film kreeg lovende recensies van critici. Op Rotten Tomatoes scoort Macario 100% op basis van 6 recensies.[4]

Prijzen en nominaties

Jaar Prijs Categorie Genomineerde Resultaat
1960 Oscar Beste niet-Engelstalige film Genomineerd
Filmfestival van Cannes Gouden Palm Roberto Gavaldón Genomineerd
Internationaal filmfestival van San Francisco Beste acteur Ignacio López Tarso Gewonnen
1961 Internationaal filmfestival van Valladolid Prijs van de stad Valladolid Roberto Gavaldón Gewonnen
1963 Cinema Writers Circle Awards Beste Latijns-Amerikaanse film Gewonnen
Zie de categorie Macario (film) van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.