Frambozentakgalmug

Frambozentakgalmug
Frambozentakgalmug
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Arthropoda (Geleedpotigen)
Klasse:Insecta (Insecten)
Orde:Diptera (Tweevleugeligen)
Onderorde:Nematocera (Muggen)
Familie:Cecidomyiidae (Galmuggen)
Geslacht:Lasioptera
Soort
Lasioptera rubi
(Schrank, 1803)
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Frambozentakgalmug op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Insecten

De frambozentakgalmug (Lasioptera rubi) is een muggensoort uit de familie van de galmuggen (Cecidomyiidae).[1] De wetenschappelijke naam van de soort is voor het eerst geldig gepubliceerd in 1803 door Schrank.

Kenmerken

De muggen worden ongeveer twee millimeter lang, hebben een kleine kop en grote zwarte ogen. Hun lichaam is bruin, aan het achterlijf ook zwart, en heeft zilverkleurige dwarsstrepen. Op de vleugeladeren bevinden zich donkere schubben. De larven zijn ongeveer twee tot drie millimeter lang, oranje-rood met lichte inkervingen rondom het lichaam. De pop is eveneens oranje-rood en twee millimeter lang.

Levenswijze

De muggen leggen in mei eieren in groepjes van ongeveer 15 stuks aan knoppen en jonge scheuten van frambozen en bramen. Na ongeveer tien dagen komen de larven uit, die zich in de scheuten boren en daar de typische gallen veroorzaken. De larven overwinteren in de gallen en verpoppen zich daar in april. Twee tot drie weken later komen de volwassen insecten tevoorschijn. Vaak komen de muggen ook voor in wilde braamstruiken.

Symptomen

De larven van de frambozengalmug boren zich in de stengels en stimuleren deze tot de vorming van een gal. De aangetaste stengels zijn in groei en opbrengst verminderd of sterven boven de gal volledig af.

Natuurlijke vijanden

De larven van de frambozengalmug worden geparasiteerd door verschillende sluipwespen (Chalcidoidea) uit de geslachten Eupelmus en Torymus.

Foto's