Landgoed Den Donk



Den Donk[1], ook wel als De Donk geschreven, was een landgoed in de Nederlandse provincie Utrecht in het Overkwartier bij Langbroek. Het heeft bestaan tussen 1815 en 1866 en is terug te vinden op kaarten uit deze periode en kort erna.
Er is weinig bekend over het voormalige landhuis. Het oude hekwerk er van is later in gebruik genomen als toegangspoort voor de kerk van Langbroek. Het is een breed smeedijzeren hekwerk met een hoofd- en voetgangersingang. Verder zijn er restanten van de Engelse landschapstuinaanleg te zien, voornamelijk de oude waterlopen. Ook de bruggen over zowel de Gooyerwetering als de Langbroekerwetering zijn nog zichtbaar, dan wel vernieuwd. De brug over de Langbroekerwetering is aangelegd gedurende de bouw van Landgoed Den Donk. Vermoedelijk zijn de dezelfde, begin 19e eeuwse, stenen gebruikt voor de brug als voor de muren van het landhuis.
Voorbij enkele andere woningen aan de noordkant van de wetering gaat een onverharde weg, genaamd de Strijp, naar de Gooyerdijk. De naam van deze weg is ontleend aan de langs deze weg lopende en vrijwel dichtgegroeide sloot, een afwateringssloot van de Gooyerwetering. Reeds in een akte van 1806 is sprake van de Moersbergse Strijp (streep of smalle strook land) ter grootte van vier morgen, die in 1784 door vererving aan baron d'Ablaing (van Moersbergen) was gekomen. In die akte 15 is er sprake van dat op deze weg van passerende wagens vanouds tol werd geheven, terwijl de langslopende grift een afwatering van de Moersbergse gronden gaf. De Strijp wordt vanaf de 16e eeuw benoemd in kaarten, maar is mogelijk al veel ouder in verband met de ontginning van Langbroek.
In de vorige eeuw gaf deze weg toegang tot het reeds sinds lang weer verdwenen herenhuis De Donk, dat te midden van een parkachtige aanleg nabij de Gooyerdijk heeft gestaan. Voor die tijd (in 1795) lag er ten oosten van de Strijp een hofstede met vijftien en een halve morgen land aan, die de Grote Heuvel werd genoemd en eigendom was van de heren Willem en Wouter van Dam. Oostelijk er van had baron d'Ablaing een stuk land waarop een huisje stond, genaamd De Kleine Heuvel. Nadat omstreeks 1815 alle gronden aldaar in handen van baron d'Ablaing waren gekomen, werd De Kleine Heuvel gesloopt en is ter plaatse het herenhuis De Donk gebouwd.
Omdat De Donk bij kasteel Moersbergen behoorde, woonden er uitsluitend familieleden van de eigenaar, zoals omstreeks 1840 het gezin van zijn zwager L.H.W. van Aylva baron Rengers uit Den Haag. Nadat het huis jarenlang leeg stond werd het in 1860 verkocht aan A.N.J.M. baron van Brienen van de Groote Lindt uit Den Haag. Het landgoed werd toen omschreven als
- "een herenhuizinge, genaamd de Donk, de hofstede de Grote Heuvel, een daggelderswoning, enzovoorts, groot tweeënveertig hectare, met het recht van banken en zitplaatsen in de kerk van Langbroek".
A.N.J.M. baron van Brienen van de Groote Lindt heeft het oude herenhuis in 1866 laten slopen, zodat slechts de boerderij "De Grote Heuvel" overbleef. Deze boerderij, waarvan de naam geheel verloren is gegaan en tegenwoordig als "De Donk" wordt aangeduid, is in 1901 geheel verbouwd. Aan de Strijp is in 1923 ook een herenboerderij gebouwd in Amsterdamse school stijl die als "De Nieuwe Donk" wordt aangeduid. De Strijp zelf is vrijwel ongewijzigd en een deel bevat nog het restant van een historisch perenlaantje. Dit werd gedaan door de groeivorm van perenbomen en de waarborging van toegankelijkheid door koetsen. Dit stamt nog uit de tijd dat de Strijp een tolweg was van Kasteel Moersbergen.
Afbeeldingen
Kadastrale kaart waarop Den Donk te zien is
Aanwijzende tafels
Restanten Landgoed Den Donk, rond 1900
Restanten Landgoed Den Donk, rond 1930