Kees de Jager

Kees de Jager
Kees de Jager in 1967
Kees de Jager in 1967
Persoonlijke gegevens
Volledige naam Cornelis de Jager
Geboortedatum 29 april 1921
Geboorteplaats Den Burg op Texel
Overlijdensdatum 27 mei 2021
Overlijdensplaats Den Burg op Texel
Nationaliteit Nederlands
Beroep astronoom, astrofysicus, natuurkundige, academisch docentBewerken op Wikidata
Religie vrijdenkerij
Lid van Duitse Academie der Wetenschappen Leopoldina, Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen,[1] Indian National Science Academy, Academia Europaea,[2] Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten, Internationale Astronomische UnieBewerken op Wikidata
Academische achtergrond
Alma mater Universiteit Utrecht (1952)[3]Bewerken op Wikidata
Promotor(s) Marcel Minnaert
Wetenschappelijk werk
Vakgebied(en) sterrenkunde
Universiteit Universiteit Utrecht
Soort hoogleraar gewoon hoogleraar
Prijzen en erkenningen Karl Schwarzschild-medaille (1974),[4] Jules Janssensprijs (1984), George Ellery Hale Prize (1988),[5] Akademiepenning (1990), Gouden medaille van de Royal Astronomical Society (1988), Fellow of the Committee for Skeptical Inquiry, Theodore von Kármán Award (1993),[6] eredoctoraat van het Observatorium van Parijs (14 september 1976)[7]Bewerken op Wikidata
Website
Dbnl-profiel

Cornelis (Kees, Cees) de Jager (Den Burg, 29 april 1921 – aldaar, 27 mei 2021[8]) was een Nederlandse astronoom, pionier van ruimteonderzoek, popularisator van sterrenkunde en bestrijder van pseudowetenschap. Hij was hoogleraar aan de Universiteit Utrecht en de Vrije Universiteit Brussel. Daarnaast richtte De Jager de voorloper van het Netherlands Institute for Space Research (SRON) op en was hij de bedenker van oerknal als Nederlandse vertaling voor big bang.

Biografie

Plakaat over De Jager bij Sonnenborgh

De Jager werd geboren op Texel en verhuisde op 5-jarige leeftijd naar Nederlands-Indië, waar zijn vader schoolhoofd werd op het eiland Sulawesi, toen nog Celebes geheten. Daar leerde hij ook de lokale taal van de Minahasa. De Jager beheerste verder het Nederlands, Tessels, Duits, Engels en Frans.[9][10]

In 1939 ging hij aan de Universiteit van Utrecht wis-, natuur- en sterrenkunde studeren. Eind 1942 behaalde hij het kandidaatsexamen. Toen de Duitsers in maart 1943 een loyaliteitsverklaring eisten van alle studenten, dook De Jager onder in de gewelven van de Utrechtse sterrenwacht Sonnenborgh, samen met zijn medestudent Hans Hubenet. Ze hadden de schuilnamen J.C. Gadeer en B. het Heun.[11] 's Nachts deed De Jager voor zijn afstudeeronderzoek waarnemingen van het oppervlak van de manen van Jupiter. Achteraf bleken de conclusies uit die waarnemingen een overschatting van de mogelijkheden van de binnenstadssterrenkunde.[12] Na zijn doctoraalexamen week De Jager voor een half jaar uit naar de theoretische natuurkunde en als assistent van Leon Rosenfeld schreef hij een artikel over de massa van het zojuist ontdekte meson.

De Jager keerde terug naar de sterrenkunde en promoveerde in 1952 bij Marcel Minnaert cum laude op een onderzoek naar de waterstoflijnen in het zonnespectrum. Een aanstelling aan Princeton University ging in 1953 niet door, omdat de Verenigde Staten midden in de Koude Oorlog de linkse De Jager niet wilden toelaten.[13]

Vervolgens is hij decennialang betrokken geweest bij onderzoek naar zonnevlammen en sterrenvlammen.[14] Van 1964 tot 1977 was hij directeur aan het Utrechtse sterrenkundig instituut "Sonnenborgh".

In 1957 werd De Jager benoemd tot lector in de stellaire astrofysica en in 1960 tot hoogleraar in dezelfde wetenschap. Op 8 mei 1961 hield hij zijn inaugurele rede Zon en sterren. In 1970 werd zijn leeropdracht 'het ruimte-onderzoek'. Hij leidde vele studenten en promovendi op.[15]

Vanaf 1980 ging zijn aandacht vooral uit naar de studie van superreuzen[16] en in het bijzonder de grootschalige stromingen aan hun oppervlak. Zijn emeritaat volgde op zijn afscheidsrede op 24 april 1986, getiteld Wereld en wetenschap.[17] Ook hierna bleef De Jager doorgaan met publiceren en het populariseren van de wetenschap.

In 1987 werd hij de eerste voorzitter van de Stichting Skepsis, een vereniging ter bestrijding van de pseudowetenschap in Nederland. In 1994 stond hij mee aan de wieg van de Europese Raad van Skeptische Organisaties (ECSO - European Council of Skeptical Organisations), en ook van die vereniging nam hij het voorzitterschap op.[18]

In 2003 verhuisde De Jager van Utrecht (waar hij op de sterrenwacht Sonnenborgh woonde) naar zijn geboorte-eiland Texel. Daar werd hij vrijwillig medewerker bij het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ), voor de bestudering van zon-klimaat relaties. Ook hield hij zich bezig met het voorspellen van toekomstige zonneactiviteit.

De Jager was tot op hoge leeftijd sportief. Op zijn zeventigste liep hij zijn eerste marathon in New York en nog in 2008 liep hij de halve marathon van Texel. Op 90-jarige leeftijd liep De Jager nog driemaal per week een duurloop.[19]

In 2006 werd De Jager ereburger van Texel. Hij overleed in Den Burg op 27 mei 2021 op 100-jarige leeftijd.[20]

De Jager was getrouwd met Doetie Rienks. Zij hadden vier kinderen. Na haar overlijden in 2016, deelde hij zijn laatste jaren met Margriet Buisman-Boele, die, als kleindochter van de sterrenkundige Albert A. Nijland (de voorganger van Minnaert), geboren was op de sterrenwacht in Utrecht, waar De Jager een belangrijk deel van zijn leven gewoond en gewerkt had.

Functies

Lidmaatschappen

Eerbetoon

Kees de Jager in 2011

Onderscheidingen

Promoties

Vrijwel alle 17 onderstaande promoties met De Jager als promotor waren aan de Rijksuniversiteit Utrecht, behalve Camiel de Loore (Université Libre de Bruxelles) en Alex Lobel (Vrije Universiteit Brussel).[27]

Promovendus Proefschrift Jaar
#afstammelingen[27]
Brinkman, Albert ChristiaanInstrumentation for the Detection of Solar Soft x-Rays and the Analysis of a Solar Event1972
de Feiter, Leendert DirkAnalysis of the Balmer Spectrum of Solar Flares1966
de Landtsheer, Abraham CornelisA Contribution to the Solution of the ALGOL Paradox1984
De Loore, CamielDe konvektie zones en corona`s van zon en sterren1968 1, Université Libre de Bruxelles
den Boggende, Antonius Jan FrederikX-Ray Observations with the Astronomical Netherlands Satellite1979
Duijveman, AndreasX-Ray Imaging and Interpretation of Impulsive Solar Flare Phenomena1983
Gronenschild, Eduard Henricus Barbara MariaX-Ray Emission from Supernova Remnants with Particular Reference to the Cygnus Loop1979
Heise, JohnSome Observational Aspects of Compact Galactic X-Ray Sources1982 1
Hoyng, PeterStudies on Hard X-Ray Emission from Solar Flares and on Cyclotron Radiation from a Cold Magnetoplasma1975
Kuperus, MaxThe Transfer of Mechanical Energy in the Sun and the Heating of the Corona1965 25
Lamers, Hermanus Johannes Gerardus Lambertus MariaStudies on the Structure and Stability of Extended Stellar Atmospheres1974 4
Lobel, Alex JanPulsation and Atmospherical Instability of Luminous F- and G-type Stars1997, Vrije Universiteit Brussel
Roosen, J.Some Features of the Solar Microwave Emission and Their Connection with Geomagnetic Activity1968
van den Heuvel, Edward Peter JacobusA Study of Stellar Rotation : The Origin of Peculiar and Metallic-Line A and B Stars1968 36
van der Hucht, Karel AlbertusOn Hot and Cool Stars: Spectroscopic Investigations in the Ultraviolet1978
van Gent, Robert HarryStudies on Interacting Binary Stellar Systems1989
van Helden, René Christiaan PierreThe Spectra of B-Type Supergiants with an Emphasis on O² Canis Majoris1972

Publicaties van C. de Jager

Honderden titels, onder meer[28]

Wetenschap

  • vele artikelen in astronomische wetenschappelijke tijdschriften, zoals Solar Physics, Space Science Reviews, Astronomy and Astrophysics en Monthly Notices of the Royal Astronomical Society
  • vele boeken
    • Structure and dynamics of the solar atmosphere, in Encyclopaedia of Physics, vol. 52 (Springer, Berlin, 1959), pp. 80–362
    • ed. The Solar spectrum, Proceedings of the Symposium held at the University of Utrecht 26-31 August 1963, Kluwer Academic Publishers Group, 1965
    • met Patrick Wayman, Highlights of astronomy. 1, As represented at the XIIIth general assembly of the I.A.U. 1967. Ook vervolguitgaven Highlights of astronomy 2 (1970), 3 (1973, 1974), 4(1976), 5 (1979, 1980)
    • The brightest stars, D. Reidel, Dordrecht, Boston, 1980
    • met Jun-Ichi Sakai: Solar flares and collisions between current-carrying loops: types and mechanisms of solar flares and coronal loop heating, Dordrecht; Boston: Kluwer Academic Publishers, 2012

Popularisatie

  • Het ruimtelijk milieu en de sterrenkunde, in H.L. de Booij en anderen: Ruimtevaart en wetenschap, Aulapocket 352 Het Spectrum 1968, p. 55 - 74
  • met E.P.J. van den Heuvel: Ontstaan en levensloop van sterren, Thieme & Cie, Zutphen, 1972
  • Tien opmerkelijke sterrekundige ontdekkingen, De Koepel, Utrecht, 1995

Autobiografie

  • Terugblik, persoonlijke herinneringen aan opmerkelijke gebeurtenissen, Stip Media 2014 (autobiografie)
  • Terugblik-2, persoonlijke herinneringen aan opmerkelijke gebeurtenissen, Stip Media 2021 (autobiografie)

Bestrijding van pseudowetenschap

  • Cees de Jager: Velosofie. Rekenen aan de Grote Piramide en m’n fiets, Skepter 1990, vol. 3 (4), p. 13-15. (Humoristische kritiek op numerologie, vertaald in het Duits en Engels als respectievelijk Radosophie en Cyclosophy)
  • Cornelis de Jager: Was ist Radosophie? In: Gero von Randow (Hrsg.): Mein paranormales Fahrrad und andere Anlässe zur Skepsis, entdeckt im „Skeptical Inquirer“ Rowohlt Taschenbuch Verlag, Reinbek 1993, S. 23–30, ISBN 3-499-19535-6

Geschiedenis

  • Cornelis de Jager en W.J. Kikkert, Van het Clijf tot Den Hoorn : de geschiedenis van het zuiden van Texel, van de oudste tijden tot de verwoesting van Den Horn en het ontstaan van Den Hoorn, Den Burg : Nauta Boek, [1998]


Kunstmaandienst

In 1956 ontving De Jager een brief van Alla Massevitsj, vice-voorzitter van de Russische Astronomische Raad. Die zocht vrijwilligers om een eventuele kunstmaan waar te nemen. De Jager selecteerde zeven amateursterrenkundigen en stuurde hun namen en adressen naar Moskou. Na de lancering van de Spoetnik 1 ontvingen die Nederlanders regelmatig een brief uit Moskou met de verwachte baan en tijdstip van passeren boven Nederland van de kunstmaan. Zij stuurden vervolgens hun waarneming naar De Jager op de sterrenwacht in Utrecht. De Jager bundelde de waarnemingen en stuurde ze naar Moskou. Later kreeg hij hetzelfde verzoek uit de Verenigde Staten, met na een half jaar een schenking van 30.000 gulden. De Jager kon daarvan iemand aannemen voor het verwerken van de waarnemingen. De kunstmaandienst stopte in 1964, toen er andere manieren waren gekomen om de baan van de satellieten te volgen.[29]