Karel Frederik Otto James
| Karel James | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Burgemeester K.F.O. James (1964) | ||||
| Algemeen | ||||
| Volledige naam | Karel Frederik Otto James | |||
| Geboortedatum | 15 juni 1899 | |||
| Geboorteplaats | Dordrecht | |||
| Overlijdensdatum | 19 oktober 1976 | |||
| Overlijdensplaats | Amerongen | |||
| Land | ||||
| Functies | ||||
| 1938 - 1965 | Burgemeester van Gouda | |||
| ||||
Karel Frederik Otto James (Dordrecht, 15 juni 1899 – Amerongen, 19 oktober 1976) was burgemeester van Gouda in de periode van 1938 tot 1964.
Leven en werk
James, telg uit het geslacht James, werd geboren als zoon van een artillerieofficier. Vanwege het beroep van zijn vader heeft de jonge James in diverse garnizoensplaatsen gewoond, onder andere Schoonhoven, Utrecht, Den Helder en Den Haag. Na zijn HBS-opleiding en een voorbereidend staatsexamen ging hij studeren aan de rijksuniversiteit van Leiden. Daar promoveerde James in 1925 op een proefschrift over de juridische status van de bewoners van Saarland, dat destijds werd bestuurd door de Volkenbond.[1] Na diverse functies vervuld te hebben in het openbaar bestuur bij de gemeente Rotterdam (kabinetschef en chef afdeling havenbeheer) werd hij in 1938 benoemd tot burgemeester van Gouda als opvolger van Egbertus Gerrit Gaarlandt (1880-1938).
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was James niet in functie. Al op 7 juni 1940 werd hij gearresteerd en vastgezet in het Oranjehotel vanwege de vermeende belediging van een Duitse officier die krijgsgevangen was gemaakt.[noot 1] Voor dit 'vergrijp' werd hij veroordeeld tot 1 jaar gevangenisstraf en daarna verbannen uit Gouda. Hij vestigde zich vervolgens als advocaat in Rotterdam, maar dook onder omdat het gevaar niet denkbeeldig was, dat hij zou worden gegijzeld. Op de dag van de bevrijding (5 mei 1945) meldde James zich op het stadhuis van Gouda om zijn ambt als burgemeester weer onmiddellijk te gaan vervullen. Na toestemming van de Binnenlandse Strijdkrachten beklom hij de trappen van het stadhuis en sprak de verzamelde menigte toe.[2]
James heeft zich tijdens zijn burgemeestersperiode in Gouda met name ingespannen voor het realiseren van een aantal restauratieplannen van − voor de stad Gouda − belangrijke gebouwen, zoals het stadhuis, het Catharina Gasthuis, de Moriaan, het Lazaruspoortje en de Waag. Tevens heeft hij zich ingezet voor de uitbreiding van het grensgebied van Gouda, hetgeen hem bij de buurgemeentes niet altijd in dank werd afgenomen.
James trouwde in 1927 met Aletta Alma von Woringen (1902-1929), die al in 1929 overleed. In 1933 hertrouwde hij met Maria van der Hoop (1901-1988). Hij overleed in oktober 1976 op 77-jarige leeftijd in zijn woning 'de Napoleonhuisjes' te Amerongen. James was ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, officier in het Legioen van Eer, commandeur in de Orde van Leopold II en officier in de Orde van de Eikenkroon. Hij ontving de erering van de stad Solingen en werd benoemd tot ereburger van Gouda.

Portrettekenaar
James was in zijn vrije tijd een − volgens sommige kenners − niet onverdienstelijk tekenaar. Tijdens zijn detentie in het Oranjehotel begon hij met het tekenen van zijn celgenoten met een potlood op wc-papier. De door hem getekende portretten van burgemeesters van Gouda kregen een plek in het Goudse stadhuis. Daarnaast vervaardigde hij − in kleur − afbeeldingen van de familiewapens van 379 graven, heren en burgemeesters van Gouda, die − op twee tableaus − eveneens een plek kregen in het stadhuis.
Na het aanbieden van diens portret aan minister van Binnenlandse Zaken, Edzo Toxopeus, verstrekte deze in 1964 aan James de opdracht om portretten te maken van alle oud-voorzitters van de Tweede Kamer sinds 1815. Na het gereedkomen van deze opdracht werd in 1966 op het Binnenhof de portrettengalerij geopend.[3]
Trivia
- In Gouda zijn (in 1977) de Burgemeester Jamessingel en het Burgemeester Jamesplein naar hem genoemd.
Externe link
Bronnen
- Dam, M.J. van [et al.], Gouda in de Tweede Wereldoorlog, Delft, 1995
- Schouten, J., "Wie waren zij? Een reeks van Goudse mannen en vrouwen die men niet mag vergeten", Alphen aan den Rijn, 1980
- James, K.F.J. en Geselschap, J.E.J. (1963) Burgemeesters van Gouda, getekend door K.F.J. James en van biografische notities voorzien door J.E.J.Geselschap", in Twaalfde Verzameling Bijdragen van de Oudheidkundige kring "Die Goude", Gouda, 1963.
- Scheygrond Dr.A. "Goudsche Straatnamen" en "De namen der Goudse straten", Alphen aan den Rijn, 1979 en 1981
Noten
- ↑ Van Dam spreekt op p.41 over een lichtgewonde "Duitse piloot" tien pagina's verder op p.51 gebruikt hij de term "Duitse parachutist
Referenties
- ↑ James, Karel Frederik Otto (1925) Het Saarbewonerschap uitg. Van Langenhuysen, Den Haag
- ↑ Van Dam 1995:234
- ↑ Karel James leerde tekenen in gevangenschap, 200 jaar Tweede Kamervoorzitters, website Tweede Kamer der Staten-Generaal d.d. 26 februari 2017; gearchiveerd d.d. 29 augustus 2025
| Voorganger: Egbertus Gerrit Gaarlandt |
Burgemeester van Gouda 1938-1965 (met een onderbreking van 7 juni 1940 tot 5 mei 1945) |
Opvolger: Reinier Marinus van Reenen |
