Kampfgruppe Schuberth
| Kampfgruppe Schuberth | ||
|---|---|---|
| Oprichting | 25 maart 1945 | |
| Ontbinding | 10 april 1945 | |
| Land | ||
| Krijgsmachtonderdeel | ||
| Onderdeel van | Wehrmacht | |
| Type | Kampfgruppe | |
| Veldslagen | Tweede Wereldoorlog | |
| Commandanten | zie commandanten | |
De Kampfgruppe Schuberth was een Duits Kampfgruppe van de Wehrmacht tijdens de laatste maand van de Tweede Wereldoorlog.
Oprichting
Kampfgruppe Schuberth werd opgericht op 25 maart 1945 in Koningsbergen (Duits: Königsberg) uit het stafkwartier van de in Heiligenbeil-pocket vernietigde Kampfgruppe Hannibal. De commandant was SS-Brigadeführer und Generalmajor der Polizei Fritz Schuberth, op dat moment de Befehlshaber der Ordnungspolizei beim Höheren SS- und Polizeiführer Nordost im Wehrkreis I (Königsberg). Het stafkwartier werd aangevuld met lokale officieren en onderofficieren van het stafkwartier van Schuberth.
Samenstelling
Het was de bedoeling om drie regimenten te vormen. Vanwege de korte tijd voordat het grote Sovjetoffensief tegen Koningsbergen begon, werden er echter slechts twee regimenten gevormd:
- Polizei-Regiment 31 onder bevel van Major der Polizei Fritz Voigt. Alle politie-eenheden en officieren van individuele diensten (veiligheidspolitie en gendarmerie) in Koningsbergen werden verzameld in dit regiment, behalve in gevallen waarin ze absoluut noodzakelijk waren om de veiligheid en orde in de stad te handhaven. Politie-eenheden en officieren waren voornamelijk inwoners van Oost-Pruisen. Het regiment bestond uit drie bataljons zonder machinegeweercompagnieën en zonder antitankeenheden, waarvan het bevel werd toevertrouwd aan bewezen officieren van het vorige regiment. Het regiment beschikte over ongeveer 1200 man.
- SS-regiment "Böhme" onder bevel van SS-Oberführer Horst Böhme, voormalig Befehlshaber der Sicherheitspolizei en des SD in Ostpreußen. Het SS-regiment "Böhme" bestond uit verschillende eenheden die beschikbaar waren in Koningsbergen: herstellende en verzamelde eenheden van eerder verslagen SS-eenheden, evenals SD- en douanegrenswachteenheden (Zollgrenzschutz) die in de frontlinie konden opereren. Het regiment bestond uit een regimentshoofdkwartier en drie bataljons van elk vier compagnieën (3 geweercompagnieën en 1 machinegeweercompagnie). Het 1e en 2e bataljon waren SS-bataljons, het 3e bataljon bestond uit voormalige medewerkers van de douanegrenswacht. Aantal: SS-troepen - van 900 tot 1000 man; douanegrenswacht - ongeveer 400 man.
- Het derde regiment zou worden gevormd uit de twee bestaande politiebataljons van Koningsbergen, die al aan het oostfront van de omsingelingsring waren ingezet, en officieren van de districtspolitie en de luchtverdedigingstroepen. Dit regiment is nooit gevormd.
Omdat beide regimenten onlangs waren gevormd, geen tijd hadden voor training en het merendeel van het regimentspersoneel vrijwel geen frontlinie-ervaring had, met name omdat de politie voornamelijk uit mannen van 50 jaar of ouder bestond, was hun gevechtswaarde laag.
Krijgsgeschiedenis
Rond 1 april ontving de Kampfgruppe het bevel om posities ten zuiden van de Pregel in te nemen en de verdediging te organiseren. De eenheden werden als volgt ingezet: rechts het Polizei-Regiment 31, links het SS-regiment "Böhme". Commandopost van de Kampfgruppe was in de kelders van woongebouwen ten oosten van het St. Georgs-Hospital.
De buitenste verdedigingslinie liep op dat moment ruwweg langs de ringweg en werd bezet door troepen van de 69e Infanteriedivisie. De binnenste linieposities ("Stadtkern-Stellung") waren bedoeld als de laatste verdedigingspositie en waren al bezet door de Kampfgruppe voor het geval de vijand door de buitenste linie zou breken. Vanuit deze positie moest de 69e Infanteriedivisie bij te sterke aanvallen ook het laatste verzet bieden. Er werd voortdurend gewerkt aan het versterken van de verdediging. Op 2 april 1945 gaf de "Festungskommandant" aan de Kampfgruppe opdracht om tijdelijk twee bataljons toe te wijzen aan de 69e Infanteriedivisie: het 1e bataljon van Polizei-Regiment 31 en het 3e bataljon van het SS-regiment "Böhme". Beide bataljons werden ingezet op posities ten zuiden van Ponarth.
De definitieve aanval van het Rode Leger op Koningsbergen begon op 6 april 1945. De aanval naar Ponarth werd eerst nog tot staan gebracht, maar tegen de avond van 7 april waren de Sovjets ver doorgedrongen en waren de twee eerder genoemde bataljons volledig vernietigd. De frontlinie van de Kampfgruppe lag nu langs de noordoever van de Pregel. Deze positie kon de Kampfgruppe nog tot de late namiddag van 8 april houden. Maar gedurende 9 april werden de resten van de Kampfgruppe met de resten van de andere divisies samengedrukt in een zeer klein gebied rond het centrum. De Festungskommandant, Otto Lasch, besloot daarop de stad te capituleren.
Einde
De Kampfgruppe Schuberth hield op te bestaan bij de capitulatie van Koningsbergen, officieel op 10 april 1945 om 01.00 uur. Bijna alle officieren van de gevechtsgroep werden gedood of vermist, en slechts een minuscuul aantal onderofficieren en manschappen keerde terug uit gevangenschap. De leidende personen, Schuberth, Voigt en Böhme, kwam allen om bij verschillende uitbraakpogingen uit de stad.
Commandanten
| Rang | Naam | Begin | Eind |
|---|---|---|---|
| SS-Brigadeführer und Generalmajor der Polizei | Fritz Schuberth | 25 maart 1945 | 10 april 1945 † |
- Otto Lasch – So Fiel Konigsberg: Kampf und Untergang von Ostpreussens Hauptstadt
- Andreas Schulz et al. – Deutschlands Generale und Admirale: Teil V /Band 5: Die Generale der Waffen-SS und der Polizei. Schlake - Turner
- Artikel op wiki-kenig.ru (wiki-Pruisen), geraadpleegd 5 april 2024