Joseph Van Biervliet

Joseph Jules Antoine Van Biervliet (Vlierbeek, 30 oktober 1841 - Leuven, 24 april 1935) was een Belgisch advocaat, rechtsgeleerde en hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven.
Biografie
Joseph Van Biervliet was een zoon van Antoine-Louis Van Biervliet, geneeskundige en hoogleraar aan de Katholieke Universitiet Leuven, een kleinzoon van Jacques Kesteloot, geneeskundige en rector van de Rijksuniversiteit Gent, en een broer van Auguste Van Biervliet, geneeskundige en chirurg in het Sint-Janshospitaal in Brugge. Zijn familie telde ook vooraanstaande juristen, onder wie zijn broers Paul Van Biervliet, advocaat bij het hof van beroep in Gent, en Jules Van Biervliet, eerste voorzitter van het hof van beroep in Gent. Twee neven waren Jules Van Biervliet, psycholoog en hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Gent, en Albert Van Biervliet, fysicus en hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven. Een nichtje trouwde met architect Huib Hoste en een kleindochter met de Nederlandse politicus jhr. Otto van Nispen tot Pannerden.
Hij liep school aan het Klein Seminarie in Roeselare en behaalde het diploma van doctor in de rechten aan de Leuvense universiteit in 1874. Hij maakte een studiereis naar Parijs en schreef zich als advocaat aan de balie in Brugge in, waar hij medestichter van de Conférence du Jeune Barreau was. In 1870 werd hij gewoon hoogleraar aan zijn alma mater en belast met de colleges Historische inleiding tot het burgerlijk recht en Algemene beginselen van het Burgerlijk Wetboek. Gelijktijdig met zijn benoeming in Leuven schreef hij zich aan de Leuvense balie in. Later doceerde hij in het brede privaatrecht. Na meet dan vijftig jaar - een van de langste loopbanen aan de Leuvense universiteit - ging hij in 1930 met emeritaat. Hij was verder:
- secretaris van de rechtsfaculteit (1871-1873, 1889-1890),
- decaan van de rechtsfaculteit (1876-1877, 1882-1883, 1891-1892, 1895-1896),
- werkend lid van de rectorale raad (1882-1883, 1891-1892, 1895-1896, 1898-1914),
- werkend lid van de algemene raad (1913-1914),
- secretaris van de universiteit (1898-1930) (Léon van der Essen volgde hem in deze hoedanigheden op).
In 1885 werd hij voorzitter van het pas opgerichte Vlaams Rechtsgenootschap en onder zijn leiding werden de eerste Vlaamse pleitoefeningen georganiseerd. Zijn belangstelling voor de geschiedenis van wetsbepalingen en getrouwheid aan wetteksten zonder blinde toepassing stonden tegenover de benaderingswijze van Léon Mabille. In 1922 verkozen de studenten bij referendum Van Biervliets benaderingswijze.
In 1886 werd Van Biervliet als expert in het burgerlijk recht door de regering tot lid van de Commissie tot herziening van het Burgerlijk Wetboek benoemd. Zijn expertise werd verder ingezet als:
- vicevoorzitter van de Commission administrative des prisons de Louvain (1904-1919),
- vicevoorzitter van de Conseil de Législation van het ministerie van Justitie (1912-1919).
Vanaf 1896 was hij verslaggever van de Académie royale de jurisprudence et de législation in Madrid en vanaf 1899 corresponderend lid van de Académie de législation in Toulouse.
Externe link
Literatuur
- Recueil de l'Académie de législation de Toulouse 48, Parijs, Thorin, 1900, 24-25.
- Emiel LAMBERTS (red.), De kruistocht tegen het liberalisme. Facetten van het ultramontanisme in België in de 19de eeuw, 2 vol., Leuven, Universitaire Pers Leuven, 1984, 296, 324, 355.
- Laurent WAELKENS, Fred STEVENS en Joris SNAET (red.), Geschiedenis van de Leuvense rechtsfaculteit, Brugge, Die Keure, 2014, 181.