Jiří Pauer
Jiří Pauer (Libušín, 22 februari 1919 – Praag, 21 december[1] 2007) was een Tsjechisch componist, muziekpedagoog, muziekadministrateur en publicist.
Levensloop
Pauer was muziekleraar in het basisonderwijs van 1938 tot het einde van de Nazi occupatie. In deze tijd studeerde hij eveneens muziektheorie en compositie van 1943 tot 1946 aan het Státní konservatori hudby v Praze te Praag bij Otakar Šín en vervolgens bij Alois Hába en Pavel Bořkovec aan de Akademie múzických umení v Praze (AMU) te Praag.
Kort na de Tweede Wereldoorlog richtte hij samen met anderen een muziekschool in Praag op en was zelf in de muziekopleiding werkzaam. Eveneens was hij docent voor compositie aan de Akademie múzických umení v Praze (AMU). Tot zijn leerlingen aldaar behoorden Hanuš Bartoň, Jiří Gemrot, Pavel Jeřábek, Miroslav Kubička, Ladislav Kubík, Otomar Kvěch, Zbyněk Matějů en Martin Smolka.
Vanaf 1949 was hij secretaris en manager van verschillende culturele organisaties en openbare instituten. In de jaren 1953 tot 1955 en wederom van 1965 tot 1967 was hij voorzitter van de muziekcommissie van het Nationaal Theater. Van 1955 tot 1958 was hij artistiek directeur van het Tsjechisch Filharmonisch Orkest. Van 1979 tot 1989 was hij directeur van het Nationaal Theater.
Hij was eveneens secretaris van de Unie van Tsjechische componisten, manager van de Tsjechische muziekraad, van het Festival "Praagse Lente" en van de grammofoon club.
Als componist was hij zeer productief en schreef werken voor het muziektheater (opera's, ballet), orkestmuziek (symfonieën, soloconcerten, suites, ouvertures en andere symfonische stukken), werken voor harmonieorkest, koor, vocale muziek en kamermuziek.
Composities
Werken voor orkest
Symfonieën
Concerten voor instrumenten en orkest
Andere werken voor orkest
- 1941: Furiant
- 1944-1945: Miniatury
- 1949: Veseloherní suita (Humoristische suite)
- 1951: Mládežnická suita (Jeugd suite)
- 1951: Hrdinům práce (Heroïsch stuk), symfonische mars
- 1951: Scherzo
- 1953: Rhapsodie
- 1953: Dětská suita (Kindersuite)
- 1969: Panychida (Ter nagedachtenis), symfonische schilderij
- 1970-1971: Canto festivo, feestelijke ouverture
- 1972: Symfonický prolog (Symfonische proloog) ,
- 1974: Iniciály (Initiale), symfonische beweging
- 1977: Aurora, feestelijke ouverture (bewerking voor orkest)
- 1981: Smuteční hudba (Treurmuziek), voor strijkorkest en trompet
- 1984: Introduzione semplice, voor kamerorkest
- 1985: Introduzione, ouverture voor klein orkest
- 1988: Suita (Suite), voor orkest
- Zdravice, voor orkest
Werken voor harmonieorkest
Missen en andere kerkmuziek
- 1977: Madrigaly (Madrigalen), voor gemengd koor - tekst: Michelangelo Buonarroti
- Kdo se zrodí (Wie is geboren?)
- Jsou to už léta ('t zijn jaren)
- Ó, noci sladká (O, mooie nacht)
Cantates
- 1948: Malá kantáta, cantate - tekst: Stanislav Kostka Neumann
- 1952: Volám vás. lidé (Ik spreek tot jouw, volk), cantate voor sopraan, tenor, bariton, gemengd koor en orkest - première: 6 december 1952, Praag
- Proklínám válku (Verdoemde oorlog) - tekst: Josef Novák
- Zpívám zpěv míru (Zingt het lied van vreede) - tekst: Vítězslav Nezval
- 1977: Hymnus komunistické straně (Hymne van de communistische partij), cantate voor gemengd koor en orkest - tekst: Vítězslava Nezvala
Muziektheater
Opera's
| Voltooid in | titel | aktes | première | libretto |
|---|---|---|---|---|
| 1949-1950 | Žvanivý Slimejš (De praatachtige snek) | 1 akte | 5 april 1958, Praag | Míla Mellanová naar Joe Hloucha |
| 1954-1957; rev.1978 | Zuzana Vojířová | 5 taferelen | 30 december 1958, Praag; 2e versie: 4 januari 1959, Praag; 3e versie: 15 oktober 1960, Liberec |
van de componist naar Jan Bor |
| 1958-1959 | Červená Karkulka (Roodkapje) | 1 akte | 22 oktober 1960, Olomouc | naar het sprookje |
| 1960; rev.1966 | Manželské kontrapunkty (Huwelijks contrapunten) 3 respectievelijk 5 groteske opera-komedies
|
1e versie: 3 grotesken; 2e versie: 5 grotesken | 3 februari 1962, Ostrava; 2e versie: 13 mei 1967, Liberec |
van de componist naar Stefania Grodzieńská |
| 1965-1968 | Zdravý nemocný (De ingebeelde zieke) | 3 bedrijven | 22 mei 1970, Praag | van de componist naar Jean Baptiste Molière |
| 1973 | Labutí píseň (Het gezang van de zwaan) | 30 maart 1974, Praag | van de componist naar Anton Pavlovitsj Tsjechov | |
| 1988 | Strašidelný dům (Jachthuis) | 26 januari 1990, Liberec | Daniela Fischer |
Balletten
| Voltooid in | titel | aktes | première | libretto | choreografie |
|---|---|---|---|---|---|
| 1975 | Ferda Mravenec (Ferda de mier) | 16 december 1976, Praag | Jan Rey naar O. Sekora |
Werken voor koor
- 1945: Čtyři ženské sbory (Vier vrouwenkoren), voor vrouwenkoor
- 1948: Zpívám si já, zpívám (Ik zing, zing), een verzameling van volksliederen voor kinderkoor en orkest (of piano)
- 1948: Hymnus hornickým ženám (Hymne voor de vrouwen uit de mijnbouwwerken)
- 1948: Nadešel čas (De tijd is gekomen) voor vrouwenkoor - tekst: Stanislav Kostka Neumann
- 1950-1951: Jedenáct dětských sborů (Elf kinderkoren), voor kinderkoor
- 1980: Vyznání lásky (Het bekentenis tot liefde), drie vrouwenkoren - tekst: Marie Kratochvílova
- Dva sbory v národním tónu (Twee koren), voor mannenkoor
Vocale muziek
- 1941: Dětské ukolébavky (Kinderen wiegeliederen), voor zangstem en piano
- 1942, rev.1974: Zapadaná cesta (Meenemende weg), liederen voor lage stem en piano naar teksten van Jan Čark
- 1952: Ukolébavka (Wiegelied), voor alt en piano
- 1959: Bajky (Sprookjes), voor bas en piano - tekst: Ignacy Krasicki
- 1964: Zakázané písničky (Verboden liederen), vier liederen voor middenstem en piano
- 1971: Canto triste, drie liederen voor middenstem en klein orkest - tekst: Gaspar Stamp
- Láska je příčinou... (Liefde is de basis...)
- Mám těžký osud, mám... (Ik heb een hard lotgeval...)
- Můj život moře je... (Mijn leven is het meer...)
- 1976: Tragédie o vose a nose, voor lage stem en orkest - tekst: Vítězslav Nezval
- 1982: Písně o lásce (Liederen van de liefde), voor bariton en piano of orkest - tekst: Vladimír Šefl
- 1983: Chtěl bysem napsat ti psaní, miláčku můj, monodrama voor mannenstem en piano (of orkest) - tekst: A. Chacinta
Kamermuziek
- 1945: Grotesky (Groteske), voor hobo, klarinet en fagot
- 1947: Sonáta, voor hobo en piano
- 1948: Divertimento, voor drie klarinetten
- 1948: Sonatina, voor klarinet en piano
- 1952: Sonatina, voor viool en piano
- 1953: Sonáta, voor cello en piano
- 1960: Strijkkwartet nr. 1
- 1960: Blaaskwintet
- 1961: Divertimento, voor nonet
- 1963: Trio, voor viool, cello en piano
- 1963: Dvanáct duet (Twaalf duetten), voor twee trompetten of twee hoorns
- 1969: Strijkkwartet nr. 2
- 1970: Strijkkwartet nr. 3
- 1971: Concertmuziek, voor 13 blazers
- 1972: Trompettina, concertstuk voor trompet en piano
- 1974: Scherzino a Capriccio, voor strijkkwartet
- 1974-1975: Trombonetta, concertstuk voor trombone en piano
- 1975: Intráda, voor drie piano's, drie trompetten en drie trombones
- 1975: Serenáda pro čtyři (Serenade voor vier) - oorspronkelijk titel: Capriccio a Notturno, voor strijkkwartet
- 1976: Tubonetta, concertstuk voor tuba en piano
- 1977: Suite uit het ballet "Ferda Mravenec (Ferda de mier)", voor nonet
- 1977-1978: Charaktery (Karakters), voor koperkwintet
- 1978: Árie a rondo (Aria en rondo), voor basklarinet en piano
- 1980: Strijkkwartet nr. 4 "Tři epizody (Drie episodes)"
- 1983: Tři skladby (Drie stukken), voor saxofoonkwartet
- Úvod
- Ukolébavka
- Scherzo
- 1985: Slepičí serenáda (De haan serenade), voor saxofoonkwartet
- Intráda
- Nokturno
- Kvočny
- 1986: Sonáta, voor viool en piano
- 1987: Trio, voor drie hoorns
- 1987: Fagotina, concertstuk voor fagot en piano
- 1990: Nonet nr. 2
- 1991: Sonáta, voor cello en piano
- 1995: Čtyři tuby, voor vier tuba's
- 1995: Tři kusy (Drie stukken), voor dwarsfluit en piano
- 1995: Čtyři skladby (Vier stukken), voor viool en piano
- 1995: Akvarely (Aquarellen), voor viool en piano
- 1995: Miniatury (Miniaturen), voor viool en piano
- 1997: Zelené kousky (Groene stukken), voor trompet, hoorn en trombone
- 1998: Dua (Duet), voor dwarsfluit en piano
- Strijkkwartet in kwartstoon-symstem
Werken voor orgel
Werken voor piano
- 1943: Můj zápisníček (Mijn klein oefeningsboek)
- 1944: Sonate
- 1945: Suite
- 1946: Sonatine, voor drie piano's
- 1968: Bagatelle
- 1978: Monolity, zes stukken voor piano
- 1981: Vier stukken
- 1995: Romantisch stuk
- 1995: Tempery
- 1995: Fragmenty
- 1997: Episode
- 1997: Návraty
- 1998: Drobničky
- 1998: Hry a vzpomínky (Spelen en herinneringen)
- Burleske, voor kwartstoonpiano
Werken voor harp
- 1947: Suite, voor harp
Werken voor accordeon
- 1981: Pět studií (Vijf studies), voor accordeon
Werken voor slagwerk
- 1981: Zkratky, voor marimba
Bibliografie
- Věra Vysloužilová: Zuzana Vojírová Oper in fünf Bildern (1954-57). Das erfolgreichste tschechische Opernwerk nach den Richtlinien des sozialistischen Realismus, ve sborníku das [Musik-] Theater in Exil und Diktatur, vyšlo v Rakousku, 2005.
- Dalibor Janota, Jan Kučera: Malá encyklopedie české opery, Praha: Paseka, Litomyšl 1999, p. 209
- Všeobecná encyklopedie ve 4 svazcích, díl 3. Praha: Diderot, 1997, p. 437
- Wolfgang Suppan, Armin Suppan: Das Neue Lexikon des Blasmusikwesens, 4. Auflage, Freiburg-Tiengen, Blasmusikverlag Schulz GmbH, 1994, ISBN 3-923058-07-1
- Jana Marhounová: Svět hudby na plátně doby - Czech music in the web of life, Praha: Empatie, 1993
- Anna Hostomská: Průvodce operní tvorbou, Praha: Svoboda – Libertas, 1993, pp. 604–607
- Československý biografický slovník, Praha: Academia, 1992, pp. 524–525
- Paul E. Bierley, William H. Rehrig: The heritage encyclopedia of band music : composers and their music, Westerville, Ohio: Integrity Press, 1991, ISBN 0-918048-08-7
- Kdo je kdo v České republice 91/92, Praha: Kdo je kdo, 1991, p. 707
- Dagmar Henžlíková: Jiří Pauer, Praha: Dilia, 1989, 39 p.
- Dagmar Henžlíková: Hudebně dramatická analýza Pauerovy "Zuzany Vojířové", Praha: diplomní práce na filozofické fakultě Karlovy Univerzivy, 1982–1983.
- Alena Martinková: Česti skladatele soucasnosti, Praha: Panton, 1985
- Ladislav Šíp: Česká opera a její tvůrci, Praha: Supraphon, 1983, pp. 299–309
- Pavel Eckstein: Tschechoslowakische zeitgenössische Oper / Czechoslovak Contemporary Opera, Praha: Panton, 1967, p. 45
- Čeněk Gardavský: Skladatelé dneška, Praha: Panton 1961, p. 166–167)
Referenties
- ↑ Andere wikipedia-berichten documenteren de 28 december als datum van overleden.