Jan Veth

Jan Veth
Zelfportret van Jan Pieter Veth
Zelfportret van Jan Pieter Veth
Persoonsgegevens
Volledige naam Jan Pieter Veth
Geboren 18 mei 1864
Overleden 1 juli 1925
Geboorteland Nederland
Opleiding en beroep
Opleiding gevolgd aan Rijksakademie van beeldende kunstenBewerken op Wikidata
Leermeester August Allebé, Antoon DerkinderenBewerken op Wikidata
Beroep kunstschilder, schrijver en kunstcriticus
Werkveld postzegelontwerpBewerken op Wikidata
Oriënterende gegevens
Leerling(en) Nelly Bodenheim, Marie van Regteren AltenaBewerken op Wikidata
Bekende werken Johannes Martinus Messchaert (1857-1922). Zanger en zangpedagoog, Jan Veth, 1903, Johan Philip van der Kellen (1831-1906). Directeur van het Rijksprentenkabinet (1876-96), Ds P H Hugenholtz II, oprichter van de Vrije GemeenteBewerken op Wikidata
Werklocatie Amsterdam (1880; 1888),[1] Artis (1885),[1] Laren (1886),[1] Dordrecht (1887),[1] Amsterdam (1877; 1888),[1] Bussum (1924),[1] Duitsland (1896),[1] Amsterdam (1924),[1] Veluwe[2]Bewerken op Wikidata
Erkenning en lidmaatschap
Lid van Koninklijke Nederlandse Akademie van WetenschappenBewerken op Wikidata
Archieflocatie Regionaal Archief Dordrecht[3]Bewerken op Wikidata
RKD-profiel
Dbnl-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Jan Pieter Veth (Dordrecht, 18 mei 1864Amsterdam, 1 juli 1925) was een Nederlandse kunstschilder, dichter, kunstcriticus en hoogleraar kunstgeschiedenis en estheticus. Jan Veth werd vooral bekend door zijn portretten en zijn werk als kunstcriticus. Zijn invloedrijkste boeken zijn Derkinderens wandschildering in het Bossche stadhuis (1892) en Kunst en Samenleving (1894).[4] Het laatste boek werd een handboek voor de Nieuwe kunst, de art nouveau, in Nederland.[5]

Levensloop

Jan Veth was een zoon van de Dordtse ijzerhandelaar en liberale politicus Gerrardus Huibert Veth en Anna Cornelia Giltay. Van moederskant stamde hij af van het Dordtse kunstschildersgeslacht Van Strij; zijn moeder was een kleindochter van Jacob van Strij. Hij trouwde op 10 augustus 1888 met Anna Dorothea Dirks. Uit dit huwelijk werden vijf kinderen geboren. Hij was een oom van de illustrator, cartoonist, journalist en schrijver Cornelis Veth.

Kunst en samenleving. Bandontwerp en illustraties G.W. Dijsselhof

Veth kreeg zijn schildersopleiding aan de Rijksakademie van beeldende kunsten te Amsterdam. Met enkele van zijn medestudenten was hij de oprichter van de kunstenaarsvereniging Sint Lucas. Vanaf 1885 ging hij met de schilder Anton Mauve in het Gooise Laren werken. Na zijn huwelijk vestigde hij zich in de wijk Het Spiegel in Bussum. Daar gaf hij van 1894-1896 les aan Nelly Bodenheim, een van de Amsterdamse Joffers, die zich verder wilde bekwamen in tekenen en lithograferen.[6]

Jan Veth is vooral bekend geworden als portretschilder. Hij schilderde onder andere de portretten van Max Liebermann, Lambertus Zijl, Frank van der Goes, Antoon Derkinderen en vele andere tijdgenoten (waaronder diverse collega-schilders). Daarnaast zijn er veel portretten in lithografie van hem bekend.

Daarnaast was hij dichter. Hij behoorde tot de beweging van Tachtig en publiceerde onder meer in De Nieuwe Gids Aan andere tijdschriften droeg hij vele artikelen over kunst, maar ook litho's bij, zoals aan De Gids, Onze Kunst en De Kroniek.

Voor De kleine Johannes van zijn vriend Frederik van Eeden maakte hij in 1887 het bandontwerp. Hij leverde daarmee een bijdrage aan de ontwikkeling van de boekverzorging in Nederland. Dit deed Jan Veth ook met zijn werk als kunstcriticus. Zijn boek Kunst en Samenleving (1894) is de Nederlandse bewerking van Claims of Decorative Art van Walter Crane, een van de grondleggers van de Arts-and-Craftsbeweging. Het boek werd een handboek niet alleen voor de boekvernieuwing, maar ook voor de Nieuwe kunst, de art nouveau, in Nederland. Kunst en Samenleving was een pleidooi voor samenwerking tussen alle kunstdisciplines om een betere wereld te creëren voor de arbeider, ‘de nieuwe mens’. Veth benadrukte in de inleiding dat de taal van de kunst met zijn verwijzingen naar de klassieke oudheid niet meer begrepen werd. De vormentaal van de kunst moest worden aangepast.[5] Met zijn boek Derkinderens wandschildering in het Bossche stadhuis (1892) had hij eerder al bijgedragen aan de theorievorming van de Nieuwe Kunst.[4]

Als buitengewoon hoogleraar in de kunstgeschiedenis en esthetica was hij verbonden aan de Rijksakademie van beeldende kunsten te Amsterdam.

Op 61-jarige leeftijd overleed Jan Veth in Amsterdam na een operatie te hebben ondergaan.[7]

Beschermer van stedenschoon

Zelfportret, tekening, Rijksmuseum Amsterdam
Portret van Jozef Israëls, 1887
Portret van Willem Leyds, litho, 1896
Portret van de schrijfster Christine Boxman, 1906
Portret van de componiste Rosy Wertheim, 1912

Jan Veth was in 1918 mede-oprichter van de Vereniging Hendrick de Keyser[8], die zich het behoud van architectonisch en historisch erfgoed ten doel stelde, en nog steeds stelt. Ook daarvoor al toonde hij zich begaan met historisch stedenschoon. Zijn bekendste wapenfeit op dit gebied was de publicatie in 1901 van het pamflet Stedenschennis,[9][10] waarin een aanklacht stond tegen de geplande demping van de Reguliersgracht in Amsterdam voor de aanleg van een tramlijn. Even daarvoor had hij de tekst als redevoering uitgesproken op een vergadering van het Koninklijk Oudheidkundig Genootschap.[11] Het pamflet werd gedrukt en verspreid door Amstelodamum, een vereniging voor het behoud van de historische binnenstad van Amsterdam, dat eveneens mede op initiatief van Veth was opgericht in 1900. Mede door het pamflet gingen de plannen van het Amsterdamse gemeentebestuur niet door.

Werk (selectie)

  • Portret van Arnold Aletrino (1885)
  • Portret van Albert Verwey (1885)
  • Portret van de schilder Maurits van der Valk (1886)
  • Larens kind (1886)
  • Zelfportret (1886)
  • Portret van Prof. Dr. Pieter Johannes Veth (zijn oom) (1886)
  • Portret van Lambertus Zijl (1886)
  • Portret van Anna Cornelia Veth-Giltay (zijn moeder) (voor 9 mei 1887)
  • Portret van Hein Boeken (1887)
  • Portret van Frank van der Goes (1887)
  • Portret van Frans Lebret (1888)
  • Processie van het H. Sacrament van Mirakel. Wandschildering van A.J. Derkinderen (Digitale versie)
  • Jozef Israëls (1890)
  • Jean-François Millet (1891) (Digitale versie)
  • Heintje, een Goois meisje (1891)
  • Derkinderens wandschildering in het Bossche stadhuis (Digitale versie)
  • Karen (1892)
  • Portret van Dr. H.G. Samson (1893)
  • In het Rijksmuseum, door Jan Veth met twee brieven van Jozef Israëls (1894) (Digitale versie)
  • Charles Keene, 1823-1891 (Digitale versie)
  • Portret van Dr. J.A. Fles (1895)
  • Portret van Willem Leyds (1896)
  • Gedenkboek der Hollandsche Schilderkunst uit het tydperk van 1860 tot 1890 (Digitale versie)
  • Portretten van Rudolph Peter Johann Tutein Nolthenius (1897) en zijn vrouw Alieda Maria Tutein Nolthenius (1898)
  • Een bijdrage over Rembrandt (Digitale versie)
  • Portret van Abraham Kuyper (1899)
  • Portret van Elisabeth Ragazzi-van den Wall Bake (1899)
  • De muurschilderingen van Der Kinderen in het trappenhuis van het gebouw der Algemeene Maatschappij van Levensverzekering en Lijfrente te Amsterdam (Digitale versie)
  • Portret van Gerradus Huibert Veth (zijn vader) (1900)
  • Postzegels voor Nederlands-Indië, Curaçao en Suriname met portret van koningin Wilhelmina (1902)
  • Portret van Johannes Messchaert (1903)
  • Kunstbeschouwingen: algemeene onderwerpen, reisbrieven, monumenten, oude Nederlandsche kunst. Bevat: Vrijheid. Heilige ontevredenheid. Pro arte. Het begrip schilderij. Artistiek. Kunst en samenleving. Verlangens naar monumentale kunst. Grondslagen van het glasschilderen. Landschap. Stadsgezicht. Brieven uit Londen, Keulen, Berlijn, Varese. Hamburg; Sinte Maria ter Sneeuw. Alexandrijnse portretten. De ontmanteling van de Nieuwe Kerk. Op den valreep. Stedenschennis. Wachter wat is er van de Nacht ... wacht. P. de Hooch. A. van der Neer, A. Cuyp. Fr. Hals. Inleiding tot Rembrandt en Rubens. (Digitale versie)
  • Portret van Max Liebermann (1904)
  • Rembrandt's leven en kunst. Geschreven in opdracht van de Algemeene Commissie ter Herdenking van Rembrandt op zijn 300sten geboortedag (1904)(Digitale versie)
  • Streifzüge eines holländischen Malers in Deutschland. Bevat: Pro arte - Rheinreise - Eine deutsche Madonna (Holzstatue) - A. Menzel. - M. Liebermann.; A, Böcklin - J. Israels - O. Redons lithogr. Serien - Die alten Holländer im Städelschen Institut in Frankfurt - Karneval in Augsburg - Albert Cuyp (1904)
  • Hollandsche teekenaars van dezen tijd (1905) (Digitale versie)
  • Portret van Klazina Boxman (1906)
  • Portretstudies en silhouetten (1907) (Digitale versie)
  • Portret van August Allebé (1907)
  • Portret van mevrouw H.J.E. Wertheim Salomonson-Hijmans (1908)
  • Portret van Reinier Cornelis Bakhuizen van den Brink (1909)
  • Portret van Rosy Wertheim (1912)
  • Portret van Antoon Derkinderen (1915)
  • Bedreigde schoonheid (1916) (Digitale versie)
  • Portret van Dirk Hudig (1917)
  • Albrecht Dürers Niederländische Reise, von J. Veth und S. Muller Fz. I: Die Urkunden über die Reise II: Die Geschichte der Reise
  • Beelden en groepen (Opstellen) (1919)
  • Portret van de heer A.J. Lebret (1920)
  • De zwerver spreekt en andere gedichten (1920)
  • Portret van dr. H.J. Kiewiet de Jonge (1920) oprichter van het Algemeen Nederlands Verbond
  • Portret van Jean Pierre Moquette (1921)
  • Postzegels voor Nederland met portret van koningin Wilhelmina (vanaf 1924)
  • Rembrandt (Digitale versie)
  • Portret van W.H.J. Oderwald (1925)
  • Een veronachtzaamd hoofdstuk uit onze beschavingsgeschiedenis der zeventiende eeuw (1928) (Digitale versie)
  • Portret van Diederik Johannes Korteweg, schets
  • Scheepswerf
  • Straatje in Naarden

Literatuur

Verder lezen en kijken

  • Johan Huizinga, Leven en werken van Jan Veth (Haarlem 1927)
  • Fusien Bijl de Vroe. De schilder Jan Veth 1864-1925. Chroniqueur van een bewogen tijdperk ISBN 90-6005-253-6 (1987)
  • Inleiding Kunst en samenleving (1894) Koninklijke Bibliotheek. Geraadpleegd 9 januari 2018
  • Jan Veth, DBNL. Geraadpleegd 9 januari 2018
  • Jan Veth, Dordrechts Museum. Geraadpleegd 9 januari 2018
  • Jan Veth, RKD. Geraadpleegd 9 januari 2018
  • Fusien Bijl de Vroe, Claire van den Donk, Rudi Ekkart, Quirine van der Meer Mohr, Nina Reid, Annemiek Rens; samenstelling en redactie Quirine van der Meer Mohr; eindredactie Marlies Enklaar. Het oog van Jan Veth. Schilder en criticus rond 1900. Catalogus ter gelegenheid van de gelijknamige tentoonstelling in het Dordrechts Museum van 18 februari t/m 3 september 2023 ISBN 978-94-6262-431-3 (2023)