Jan Anthony Snijders
| Jan Anthony Snijders | ||
|---|---|---|
![]() | ||
| Persoonlijke gegevens | ||
| Geboortedatum | 23 september 1844 | |
| Overlijdensdatum | 1 april 1922 | |
| Beroep | academisch docent[1] | |
Jan Anthony Snijders C.jz. (Hulst, 23 september 1844 - Den Haag, 1 april 1922) was een Nederlands hoogleraar aan de Technische Universiteit Delft. Hij wordt beschouwd als de oprichter van de studierichting elektrotechniek aan die universiteit.
Biografie
Snijders werd geboren in het Zeeuwse Hulst als zoon van Cornelis Jacobus Snijders (1820-1909) en Sara Maria Muller (1816-1893).[2] In 1868 verkreeg hij zijn ingenieursdiploma aan de Polytechnische School te Delft (PTS). Kort na zijn afstuderen als civiel ingenieur was hij leraar aan de hogere burgerschool, eerst in Zutphen en vanaf 1873 in Den Haag. Lang zou hij er niet aanblijven, want reeds in 1874 verkreeg hij een positie aangeboden als docent aan de PTS. Als medewerker van hoogleraar Johannes Bosscha jr. wordt hij verantwoordelijk voor het onderwijs in de wis- en natuurkunde. Ook werd hij belast met leiding geven van het prakticum.
In 1878 werd Snijders bevorderd tot hoogleraar en als Bosscha in 1882 benoemd wordt tot directeur van de PTS krijgt Snijders de dagelijkse leiding over het Algemeen Onderwijs in de Natuurkunde.
Elektrotechniek
Aanvankelijk was Snijders, net als Bosscha, geen voorstander van een aparte opleiding elektrotechniek aan de PTS. Ze waren van mening dat het bestaande curriculum voldoende kennis over elektriciteit en magnetisme bood voor studenten in de opleiding toepaste natuurkunde.
Doordat vanaf eind negentiende eeuw in Nederland de praktische toepassing van elektrotechniek sterk begon toe te nemen begon Snijders colleges te geven over elektriciteit aan derde- en vierdejaars studenten werktuigbouwkunde. In 1888 werd aan de PTS een leerstoel voor de elektrotechniek ingesteld, die aan Snijders werd toevertrouwd. Aanvankelijk combineerde hij deze colleges met die in de natuurkunde en verschillende wiskundige vakken, om zich vanaf 1890 geheel aan de elektrotechniek te wijden. Dit zorgde ervoor dat hij gaandeweg ervan overtuigd raakte dat ook in Nederland behoefte was voor een aparte ingenieursopleiding elektrotechniek.
Deze aparte studierichting komt er uiteindelijk als in 1905 uit de PTS de Technische Hogeschool wordt opgericht en er aan de Kanaalweg 2 een nieuw gebouw voor Toegepaste Natuurkunde en Elektrotechniek wordt opgeleverd. Snijders werd benoemd tot hoogleraar aan deze nieuwe instelling en hij theoretische elektriciteitsleer ging doceren. Voor het praktijkonderwijs werd op zijn voordracht Clarence Feldmann als hoogleraar aangetrokken.
Wegens het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd wordt hem in 1915 eervol ontslag verleend. Omdat er nog geen opvolging is gevonden blijft hij tot 1916 aan als hoogleraar.
Erkenning
Bij de oprichting in 1895 behoorde Snijders tot een van de initiatiefnemers van de "Nederlandsche Vereeniging voor Electrotechnici", waarvan hij de eerste voorzitter was. Deze trad in 1899 toe tot het Koninklijk Instituut van Ingenieurs (KIvI) en werd een zelfstandige afdeling binnen het Instituut.
Bij zijn 25-jarige ambtsjubileum in 1899 werd hij voor zijn verdiensten door de regering benoemd tot ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw.
- Ereleden - Prof. ir. J.A. Snijders | Electrotechnische Veereniging, Technische Universiteit Delft
- De Ingenieur; Orgaan van het Kon. Instituut van Ingenieurs - van de vereniging van Delftsche Ingenieurs, jrg 37, 1922, no 18, 06-05-1922. Geraadpleegd op Delpher op 08-12-2025
- ↑ dataset Library TU Delft; geraadpleegd op: 20 mei 2019.
- ↑ Zeeuwse Archief te Middelburg HUL-G-1844, 24-09-1844, aktenummer 71 op OpenArchieven.nl
