Jacques Simonet
| Jacques Simonet | ||||
|---|---|---|---|---|
| Geboortedatum | 21 december 1963 | |||
| Geboorteplaats | Watermaal-Bosvoorde | |||
| Sterfdatum | 14 juni 2007 | |||
| Sterfplaats | Anderlecht | |||
| Kieskring | ||||
| Regio | ||||
| Land | ||||
| Partij | MR | |||
| 2de Minister-president van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering | ||||
| Aangetreden | 14 juli 1999 | |||
| Einde termijn | 18 oktober 2000 | |||
| Regering | Simonet I | |||
| Voorganger | Charles Picqué | |||
| Opvolger | François-Xavier de Donnea | |||
| 5de Minister-president van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering | ||||
| Aangetreden | 18 februari 2004 | |||
| Einde termijn | 19 juli 2004 | |||
| Regering | Simonet II | |||
| Voorganger | Daniel Ducarme | |||
| Opvolger | Charles Picqué | |||
| ||||
Jacques Simonet (Watermaal-Bosvoorde, 21 december 1963 - Anderlecht, 14 juni 2007) was een Franstalige Belgische advocaat en politicus van de Mouvement Réformateur (MR), de Franstalige/Waalse liberalen.
Levensloop
Hij was de zoon van politicus Henri Simonet (1931-1996), die actief was voor de socialistische PS en vervolgens de liberale PRL en onder meer minister van Buitenlandse Zaken, Europees Commissaris en burgemeester van Anderlecht was.
In 1986 studeerde Simonet af als licentiaat in de rechten aan de Université libre de Bruxelles en was van 1 september 1986 tot aan zijn overlijden als advocaat verbonden aan de balie van Brussel. Tijdens zijn studententijd werd hij actief in de Federatie van Liberale Studenten, waarvan hij van 1985 tot 1986 voorzitter was. Van 1986 tot 1987 vervulde Simonet zijn militaire dienstplicht, waarbij hij gedetacheerd milicien was op het kabinet van vicepremier en minister van Justitie Jean Gol.
Zijn politieke loopbaan begon in december 1987, toen hij op 23-jarige leeftijd werd verkozen in de provincieraad van Brabant, hetgeen hij bleef tot in juni 1989. Hij was daarmee het jongste provincieraadslid ooit. Van januari 1989 tot juni 1992 was hij als fractievoorzitter van het kartel PRL-FDF ook gemeenteraadslid van Anderlecht, nadat hij bij de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 1988 de liberale lijst had aangevoerd. In oktober 1994 werd hij opnieuw verkozen in de gemeenteraad van Anderlecht en daarna was hij van 1995 tot 1999 eerste schepen van de stad, bevoegd voor Openbare Werken. Begin 2001 werd Simonet dan burgemeester van Anderlecht, een functie die ook zijn vader jarenlang had uitgeoefend. Hij bleef burgemeester tot aan zijn dood in juni 2007.
In juni 1989 werd Simonet verkozen in het eerste rechtstreeks gekozen Brussels Hoofdstedelijk Parlement, waar hij tot in januari 1995 bleef zetelen. Vanaf december 1991 was hij ondervoorzitter van de assemblee en hij zetelde tevens in de commissie Ruimtelijke Ordening, Grondbeleid en Huisvesting.
In juni 1992 volgde hij zijn vader Henri Simonet op als lid van de Kamer van volksvertegenwoordigers voor het arrondissement Brussel, waar hij ― met een onderbreking tussen juli 1999 en oktober 2000 ― bleef zetelen tot in juli 2003. Hij was er van 1994 tot 1995 en van 2000 tot 2003 lid van de commissie Herziening van de Grondwet, van 1995 tot 1999 lid van de commissie Handels- en Economisch Recht en van 1995 tot 1998 en van 2000 tot 2003 lid van de commissie Buitenlandse Betrekkingen. In zijn partij behoorde Simonet aanvankelijk tot de rechtervleugel, maar uiteindelijk evolueerde hij in sociaal-liberale richting. Van 1992 tot 1999 was hij secretaris-generaal van de PRL.
In juli 1999 werd Simonet vrij verrassend minister-president van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, aangezien de gedoodverfde kandidaat Armand De Decker Senaatsvoorzitter werd.[1] In oktober 2000 werd hij opgevolgd door François-Xavier de Donnea. Als minister-president was hij tevens bevoegd voor Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en Landschappen, Stadsvernieuwing en Wetenschappelijk Onderzoek.
In juli 2003 trad hij als staatssecretaris voor Europese en Buitenlandse Zaken toe tot de federale regering-Verhofstadt II maar legde dit ambt in februari 2004 neer om opnieuw, zij het voor korte tijd (tot juli van dat jaar), minister-president van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te worden, de plaats innemend van Daniel Ducarme die vanwege fiscale problemen voortijdig het veld had moeten ruimen. In juni datzelfde jaar kwam hij na de regionale verkiezingen wederom in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement terecht en na afloop van zijn minister-presidentschap werd hij tot aan zijn overlijden fractievoorzitter van de fractie van de Franstalige liberalen en daarmee eveneens leider van de oppositie. Tegelijkertijd had hij zitting in de commissie Financiën, Begroting, Externe Betrekkingen, Openbaar Ambt en Algemene Zaken.
Jacques Simonet overleed in juni 2007 op amper 43-jarige leeftijd aan een longembolie, waarvoor hij in september 2006 al eens was gehospitaliseerd.[2] Enkele dagen voor zijn overlijden hadden er federale verkiezingen plaatsgevonden, waarbij Simonet als laatste opvolger op de Kamerlijst in het arrondissement Brussel nog een sterke persoonlijke score had neergezet.
Hij was getrouwd en had twee kinderen, waaronder Eléonore Simonet (1997), die in zijn politieke voetsporen trad en in februari 2025 in de Regering De Wever, onder leiding van Bart De Wever, minister werd, waardoor de familie Simonet in drie opeenvolgende generaties deel uitmaken van een Belgische Federale regering.
Externe link
- Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Jacques Simonet op de Franstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.
- ↑ In memoriam: Jacques Simonet (1963-2007), Brussel Deze Week, 20 juni 2007.
- ↑ In memoriam: Jacques Simonet (1963-2007), Brussel Deze Week, 20 juni 2007. Gearchiveerd op 15 april 2023.
| Voorganger: Charles Picqué |
Minister-President van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest 1999-2000 |
Opvolger: François-Xavier de Donnéa |
| Voorganger: Christian d'Hoogh |
Burgemeester van Anderlecht 2001-2007 |
Opvolger: Gaëtan Van Goidsenhoven |
| Voorganger: - |
Staatssecretaris voor Europese Zaken 2003-2004 |
Opvolger: Frédérique Ries |
| Voorganger: Daniel Ducarme |
Minister-President van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest 2004 |
Opvolger: Charles Picqué |