Ivan Cooper
| Ivan Cooper | ||||
|---|---|---|---|---|
| Plaats uw zelfgemaakte foto hier | ||||
| Algemeen | ||||
| Geboortedatum | 5 januari 1944 | |||
| Geboorteplaats | Killaloo | |||
| Overlijdensdatum | 26 juni 2019 | |||
| Overlijdensplaats | Derry | |||
| Partij | Northern Ireland Labour Party | |||
| ||||
Ivan Averill Cooper (5 januari 1944, Claudy - 26 juni 2019, Derry) was een leider die zich inzette voor burgerrechten en verzoening in Noord-Ierland. Hij was organisator van de demonstratie in 1972 die eindigde als Bloody Sunday.
In de film Bloody Sunday (2002) wordt zijn rol gespeeld door James Nesbitt.
Levensloop
Ivan Cooper groeide op in een protestants gezin en verhuisde in 1956 naar de Bogside in het katholieke Derry. Hij deed fabriekswerk, waar hij kennismaakte met de armoede onder de arbeiders en de discriminatie tegen katholieken. Hij begon zijn politieke betrokkenheid bij de Ulster Unionist Party en de Claudy Young Unionist Association, later bij de Northern Ireland Labour Party. Een poging in 1965 om een parlementszetel te bemachtigen, lukte niet.
In 1968 richtte Cooper de Derry Citizens' Action Committee (DCAC) op, waarmee hij streefde naar gelijke burgerrechten voor katholieken in Noord-Ierland. Een jaar later won hij een parlementszetel.
Cooper was medeoprichter van de katholieke Social Democratic and Labour Party (SDLP) in 1970. Hij werd niet alleen lid van het parlement van Noord-Ierland maar ook van de Northern Ireland Assembly. In 1973 kreeg hij een rol in de regering, maar een staking door de United Ulster Unionist Coalition maakte een einde aan deze rol.
Bloody Sunday
Cooper organiseerde op 30 januari 1972 een mars tegen de detentie zonder proces van vermeende republikeinen. De mars eindigde in de bloedige gebeurtenis bekend als Bloody Sunday, waarbij 14 ongewapende burgers door Britse parachutisten werden gedood. Cooper zelf was niet verantwoordelijk voor het geweld, maar droeg jarenlang de emotionele last van die dag.
Einde van Coopers politieke loopbaan
Gewelddadige tegenstand van loyalistische groepen leidde tot Coopers terugtrekking uit de actieve politiek in 1983. Na zijn politieke carrière werkte hij als adviseur in faillissementszaken. Een hartaanval bracht hem gezondheidsproblemen en uiteindelijk raakte hij gebonden aan een rolstoel. Desondanks bleef hij betrokken bij de slachtoffers en nabestaanden van Bloody Sunday.
In 2010 verscheen de Saville Inquiry, een overheidsonderzoek naar de gebeurtenissen op Bloody Sunday. Na publicatie bood premier David Cameron excuses aan namens de Britse regering. Voor Cooper bleef het echter van belang dat de soldaten die hadden geschoten, ook werden vervolgd.
Cooper was getrouwd en had twee dochters.
- (en) Ryder, Chris, "Ivan Cooper obituary", The Guardian, 1 juli 2019. Geraadpleegd op 16 oktober 2025.