Irina Archipova
| Irina Archipova | ||||
|---|---|---|---|---|
![]() | ||||
Archipova als Carmen met Piavko als Don José (Bolsjojtheater, 1972) | ||||
| Volledige naam | Irina Konstaninovna Archipova | |||
| Geboortedatum | 2 januari 1925 | |||
| Geboorteplaats | Moskou | |||
| Overlijdensdatum | 11 februari 2010 | |||
| Overlijdensplaats | Moskou | |||
| Land | ||||
| Beroep(en) | operazangeres | |||
| Opleiding gevolgd aan | Conservatorium van Moskou Moscow Architectural Institute | |||
| Jaren actief | 1954-1993 | |||
| Stijl(en) | opera | |||
| Zangstem | dramatic mezzo-soprano | |||
| Instrument(en) | piano, stem | |||
| Ensemble(s) | Bolsjojgezelschap | |||
| Prijzen en erkenningen | Leninorde, Held van de Socialistische Arbeid (1984), Volksartiest van de Sovjet-Unie (1966), Polish Cultural Merit Order, Orde van Verdienste voor het Vaderland 2e graad (1999), Orde van de Rode Vlag van de Arbeid (1971), Medaille voor de 850e Verjaardag van Moskou, Volkunstenaar van de RSFSR (1961), Volksartiest van de RSFSR (1959), Leninprijs (1978), Medaille van Poesjkin (1999), Jubileumsmedaille voor Militaire Dapperheid ingesteld ter herinnering aan de Honderdste Verjaardag van Vladimir Iljitsj Lenin (1970), Order of the Republic (2000), Staatsprijs van de Russische Federatie (1996), Erecertificaat van de President van de Russische Federatie, Orde van de Heilige Apostelgelijke Vorstin Olga, Certificaat van Dankbaarheid van de President van de Russische Federatie, Orde van Sint-Andreas de Eerstgeroepene, Order "Danaker", People's Artist of the Republic of Bashkortostan, People's Artist of the Kyrgyz Republic | |||
| Officiële website | ||||
| (en) IMDb-profiel | ||||
| (en) Discogs-profiel | ||||
| (en) MusicBrainz-profiel | ||||
| ||||

Irina Konstantinovna Archipova (Russisch: Ирина Константиновна Архипова) (Moskou, 2 januari 1925 - aldaar, 11 februari 2010) was een Russische operazangeres met als stemtype mezzosopraan, soms alt. Zij was gehuwd met de tenor Vladislav Piavko.
Biografie
Ze studeerde architectuur, maar nam daarna zanglessen aan het conservatorium van Moskou. Haar carrière bij de opera begon vervolgens in Sverdlovsk in 1954. Twee jaar later maakte ze de overstap naar het fameuze Bolsjojtheater in Moskou, waar de sopraan Galina Visjnevskaja en zij de topdiva's werden.
Het hoogtepunt van haar carrière als mezzosopraan lag in de jaren zestig en zeventig. In die tijd trad ze met het Bolsjojgezelschap op in bekende theaters als de Scala van Milaan en Covent Garden in Londen. Haar bekendste vertolking was die van Marfa in de opera Chovansjtsjina van Moessorgski. Ook maakte zij indruk met haar meermalen opgenomen vertolking van de aria De dodenakker uit de cantate Alexander Nevski van Prokofjev.
In tegenstelling tot Visjnevskaja, die zich solidair verklaarde met dissidenten als Aleksandr Solzjenitsyn, speelde Archipova ook een politieke rol binnen de structuren van de Sovjet-Unie. Zij was jarenlang lid van de Opperste Sovjet. In 1993 stichtten zij en Piavko de Irina Arkhipova Foundation, die jonge zangers stimuleert en ondersteunt.
Archipova overleed na een kort ziekbed op 85-jarige leeftijd aan een hartaanval.
Repertoire (selectie)
- Verdi: Aida (Amneris) - Don Carlos (Eboli) - Il trovatore (Azucena) - Un ballo in maschera (Ulrica)
- Tsjaikovski: Jevgeni Onegin (Filipjevna) - De Maagd van Orleans (Giovanna d'Arco) - Schoppenvrouw (Contessa) - Mazeppa (Ljoebov)
- Prokofjev: Oorlog en Vrede (Sonja)
- Moessorgski: Boris Godoenov (Marina) - Chovansjtsjina (Marfa)
- Dargomyzjski: De Stenen Gast (Laura)
- Rimski-Korsakov: De Tsarenbruid (Ljoebasja)
- Bizet: Carmen (Carmen)
- Jules Massenet: Werther (Charlotte)
