Harro Ruijsenaars
| Harro Ruijsenaars | ||||
|---|---|---|---|---|
| Volledige naam | Hermanus Rodolphus Maria Ruijsenaars | |||
| Geboortedatum | 6 juni 1945 | |||
| Beroep(en) | cellist | |||
| ||||
Hermanus Rodolphus Maria (Harro) Ruijsenaars (Hillegom, 6 juni 1945) is een Nederlands cellist.
Hij is zoon van kantoorbediende Hermanus Petrus Ruijsenaars en viool- en pianopedagoge Anna Maria Leegwater. Er volgde een muziekjeugd met onder andere lidmaatschap van het plaatselijk harmonieorkest, zijn ouders zagen echter geen muziekloopbaan voor hun zoon weggelegd. Hij doorliep het gymnasium aan het RK Lyceum St Bonaventura te Leiden.
Op dertienjarige leeftijd werd de cello toch serieus; hij kreeg les van Marinus Snoeren, cellist bij het Residentie Orkest (deze leidde ook Anner Bijlsma op) en speelde cello in het Leidse Jeugdorkest. Al voor de afronding in 1963 wilde hij studeren bij Paul Tortelier in Parijs, maar kreeg te maken met “tussen wal en schip”. Nederland gaf alleen internationale studiebeurzen na een conservatoriumopleiding, Frankrijk kende een minimum leeftijd van 21 jaar. Hij begon daarom een opleiding bij Hans van Weijdom Claterbos aan de vooropleiding van het Conservatorium van Amsterdam. Er volgde een driejarige studie bij Maurice Gendron aan de Staatliche Hochschule in Saarbrücken. Hij speelde gedurende een jaar in het Residentie Orkest. In 1968 volgde een aanstelling bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest (1968-1977); hij was er de opvolger van Samuel Brill. Daarop volgde de aanstelling als solocellist van het Koninklijk Concertgebouworkest (1977-1989); hij was er opvolger van Tibor de Machula en collega van Jean Decroos.
Ruijsenaars speelde in duo’s met pianisten, kamermuziekensembles en symfonieorkesten, als cellist of als begeleid solomuzikant en kwam in contact met gerenommeerde musici, dirigenten en orkesten.
Ruijsenaars was tevens fervent pedagoog. Hij gaf les aan conservatoria in Amsterdam, Aarhus en Göteborg, sinds 1989 zijn woonplaats. Hij was van 1998 tot 2002 gast professor in het Conservatorium van Brussel, maar kwam rond 2001 terug naar Nederland. Hij werd er solocellist bij het Residentie Orkest (The Hague Philharmonic) en gaf les aan het Haags Conservatorium, alles combinerend met een docentschap aan de Universiteit van Göteborg.
Van hem is een uitgebreide discografie voorhanden.
- Jozef Robijns, Miep Zijlstra: Algemene muziek encyclopedie, Haarlem: De Haan, 1979-1984, ISBN 978-90-228-4930-9, deel 9, pagina 12 tot aanstelling KCO (Ruysenaars)
- Ruijsenaars op koncon.nl (Haags Conservatorium, geraadpleegd 13 juli 2022)
- Ruijsenaars op Muziekweb, muziekbibliotheek van Nederland
- Redactie, Familieberichten (familie). Nieuwe Haarlemsche Courant (10 juni 1945). Geraadpleegd op 13 juli 2022 – via delpher.nl.
- Redactie, Slaaf van mijn cello ben ik beslist niet. Nieuwe Haarlemsche Courant (7 oktober 1964). Geraadpleegd op 13 juli 2022 – via delpher.nl.