Gymnodinium
| Gymnodinium | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
![]() | ||||||||||||
| Gymnodinium agile | ||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||
| ||||||||||||
| Geslacht | ||||||||||||
| Gymnodinium F. Stein[1] | ||||||||||||
| Afbeeldingen op | ||||||||||||
| Gymnodinium op | ||||||||||||
| ||||||||||||
Gymnodinium is een geslacht uit de geslacht van de Gymnodiniaceae die worden gerekend tot de stam dinoflagellata met 277 soorten die voorkomen in zoet- en zout water.
Kenmerken
De soorten uit dit geslacht zijn eencellig. De cel is ongeveer ovaal of bolvormig. In de cel bevindt zich een grote kern en een aantal kleine en meestal bruine plastiden. De plastiden kunnen ook kleurloos zijn of een andere kleur hebben, afhankelijk van de soort. Sommige soorten hebben een lichtgevoelige vlek ("oogvlek"). De bolvormige cellen hebben een groef die loopt over de lengte van de cel en een groef die als een soort riem om de "middel" van de cel loopt. De zweepstaartjes bevinden zich in deze groeven, een zweepstaartje ligt over de lengte en een in de middengroef. Deze middengroef verdeelt de cel in twee min of meer gelijke delen. Soorten uit dit geslacht hebben een "onbepantserde" celwand en daarmee verschillen ze van andere dinoflagellaten die vaak plaatjes ("pantserplaten") van cellulose hebben met vaak karakteristieke structuren.
Voorkomen
Gymnodinium komt in alle wateren voor. Van de meer dan 250 soorten worden er ongeveer 30 in zoet water aangetroffen. De soorten uit dit geslacht zijn mixotroof, dus kunnen zowel hun energie uit anorganische stof (autotroof) als uit organische (heterotroof) stoffen halen. Sommige soorten kunnen in het voorjaar massaal, als een soort plaag voorkomen.
